donatieknop english

Op 21 november jl. nam de Eerste Kamer een controversieel wetsvoorstel aan waardoor de reisbewegingen van iedere automobilist 4 weken in een centrale politiedatabank zullen belanden. Privacy First start een rechtszaak om dit wetsvoorstel onrechtmatig te laten verklaren wegens strijd met het recht op privacy.

Massale privacyschending

Vast beleid van Stichting Privacy First is om massale privacyschendingen bij de rechter aan te vechten en onrechtmatig te laten verklaren. Privacy First deed dit de laatste jaren reeds met succes bij de centrale opslag van ieders vingerafdrukken onder de Paspoortwet en de opslag van ieders communicatiegegevens onder de Wet bewaarplicht telecommunicatie. Een actueel wetsvoorstel dat zich bij uitstek voor een dergelijke rechtszaak leent is het wetsvoorstel van minister Grapperhaus inzake Automatic Number Plate Recognition (automatische nummerplaatherkenning, ANPR). Onder dit wetsvoorstel zullen de kentekens van alle auto's in Nederland (oftewel ieders reisbewegingen) door middel van cameratoezicht vier weken in een centrale politiedatabank worden opgeslagen voor opsporing en vervolging. Iedere automobilist wordt hierdoor een potentiële verdachte. Dit is totaal niet noodzakelijk, volstrekt disproportioneel en bovendien ineffectief. Het wetsvoorstel is daarom in strijd met het recht op privacy en daarmee onrechtmatig.

Oud wetsvoorstel

Het huidige ANPR-wetsvoorstel werd reeds in februari 2013 bij de Tweede Kamer ingediend door voormalig minister Opstelten. Voorheen was ook minister van Justitie Hirsch Ballin al in 2010 van plan om een vergelijkbaar voorstel in te dienen met een bewaartermijn van 10 dagen. Vervolgens verklaarde de Tweede Kamer dit voorstel echter controversieel. De ministers Opstelten en Van der Steur deden er in het huidige wetsvoorstel alsnog drie scheppen bovenop: 4 weken opslag van ieders reisbewegingen. Wegens privacybezwaren lag de parlementaire behandeling van dit wetsvoorstel vervolgens jarenlang stil, maar werd daarna alsnog door de Tweede en Eerste Kamer heen geloodst. Het wetsvoorstel past echter allang niet meer in deze tijd: het is reeds ingehaald door Europese rechtspraak waardoor dit type wetgeving (massale opslag van gegevens van onschuldige burgers) onrechtmatig is verklaard. Bovendien heeft de ANPR-praktijk in binnen- en buitenland reeds uitgewezen dat massale ANPR-opslag niet werkt.

Rechtszaak

Privacy First zal nu (in coalitie met andere maatschappelijke organisaties) een rechtszaak beginnen om de nieuwe ANPR-wet buiten werking te laten stellen. Privacy First heeft daartoe via Pro Bono Connect het gerenommeerde advocatenkantoor CMS ingeschakeld. De eerste formele processtap is gisteren genomen: per brief (PDF) heeft Privacy First aan minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) om overleg ex art. 3:305a BW gevraagd. Mocht dit overleg niet tot intrekking van het ANPR-wetsvoorstel leiden, dan valt onverbiddelijk het zwaard van Damocles: Privacy First c.s. zullen dan de Nederlandse Staat in kort geding dagvaarden om de wet buiten werking te laten stellen wegens strijd met Europees privacyrecht. Gezien de Europese en Nederlandse jurisprudentie terzake achten Privacy First c.s. de kans op een succesvolle rechtsgang buitengewoon hoog.


Update 20 december 2018: vandaag heeft de overheid aangekondigd dat de wet ANPR per 1 januari 2019 in werking zal treden. Het kort geding tegen de wet zal z.s.m. plaatsvinden bij de rechtbank Den Haag.

Gepubliceerd in Rechtszaken

"Het kabinet moet onmiddellijk werk maken van het stoppen met het opnemen van vingerafdrukken in paspoorten. Dat stelt Vincent Böhre van stichting Privacy First in reactie op het nieuws dat vingerafdrukken van Nederlandse burgers momenteel nauwelijks gebruikt worden.

Hoewel het al acht jaar verplicht is om vingerafdrukken af te staan voor in het paspoort, worden die op Schiphol, bij de grens of in het buitenland nooit gecontroleerd, zo bleek gisteren uit navraag van de NOS.

Alleen gemeenten gebruiken de vingerafdrukken in incidentele gevallen, bijvoorbeeld als er twijfel is over iemands identiteit. "Dat gebeurt een of twee keer per jaar", zegt teamleider Jan Jansen van het stadsloket in Breda. "Het kan ook zijn dat de politie ons benadert als de identiteit van een overledene niet vastgesteld kan worden. Dan kunnen we een printje van de vingerafdruk meegeven."

Het opslaan van vingerafdrukken in een chip op de paspoorten gebeurt naar aanleiding van een Europese verordening. De afdrukken worden niet opgeslagen in een centrale database, omdat een wet hierover het in Nederland niet haalde.

Privacyschendingen

Voor privacyjurist Böhre is het niet nieuw dat er verder nauwelijks iets met de vingerafdrukken gebeurt. Hij vraagt al jaren aandacht voor de kwestie. Sinds 2009 is er ongeveer 20 miljoen keer vingerafdrukken afgenomen bij Nederlandse burgers. Volgens Böhre zijn dat "20 miljoen privacyschendingen".

Volgens de wet mag de privacy van burgers door de overheid alleen geschonden worden als er sprake is van noodzaak en proportionaliteit. Het moet aantoonbaar nut hebben. Dat ontbreekt hier volledig, zegt Böhre in het NOS Radio 1 Journaal. "Na acht jaar moet je toch echt conclusies gaan trekken. Het kost verschrikkelijk veel geld, tijd en moeite. En dat allemaal voor niets.""


Bron: https://nos.nl/artikel/2203728-kabinet-moet-stoppen-met-vingerafdrukken-in-paspoort.html, maandagochtend 20 november 2017. Beluister hieronder het hele interview op Radio 1:

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Morgen behandelt de Eerste Kamer een controversieel wetsvoorstel waardoor de reisbewegingen van iedere automobilist 4 weken in een politiedatabank zullen belanden. Vandaag verzocht Privacy First de Eerste Kamer om dit wetsvoorstel te verwerpen. Hieronder volgt de volledige tekst van onze brief (PDF):
 

Geachte Kamerleden,

Morgen gaat u met de minister van Justitie in debat over het wetsvoorstel inzake Automatische Nummerplaat Registratie (ANPR). Reeds sinds 2011 heeft Privacy First haar kritische standpunt over dit wetsvoorstel talloze malen kenbaar gemaakt, zowel in de media als richting Tweede en Eerste Kamer als aan de minister persoonlijk. Op 20 juni jl. vond over het wetsvoorstel in uw Kamer een kritische hoorzitting plaats.[1] Teneur van deze hoorzitting was dat dit wetsvoorstel niet voldoet aan de juridische vereisten van noodzaak en proportionaliteit. Bovendien is de effectiviteit van ANPR tot op heden niet aangetoond.[2] Het wetsvoorstel past om deze redenen niet in een democratische rechtsstaat en dient daarom verworpen te worden.

Wetsvoorstel is juridisch onhoudbaar

Het wetsvoorstel voldoet niet aan de vereisten die het Europees Hof van Justitie de laatste jaren aan dit type wetgeving heeft gesteld in de zaken Digital Rights en Tele2.[3] Bij dit wetsvoorstel is immers sprake van algemene, ongedifferentieerde gegevensopslag en wordt die opslag niet beperkt tot dat wat strikt noodzakelijk is. Bovendien ontbreekt voorafgaande rechterlijke toetsing bij toegang tot de gegevens. Privacy First verwacht dan ook dat de rechterlijke macht het wetsvoorstel desgevraagd onverbindend zal verklaren wegens strijd met Europees privacyrecht.

ANPR-sleepnet

In de kern komt het huidige wetsvoorstel neer op massale opslag van ieders reisbewegingen op de openbare weg. De maatschappelijke weerstand tegen dergelijke massa-surveillance is groot en neemt immer toe, getuige de volksopstand tegen de centrale opslag van ieders vingerdrukken onder de Paspoortwet in 2009-2011, de rechterlijke buitenwerkingstelling van de telecom-bewaarplicht in 2015 en het aanstaande referendum (en geplande grootschalige rechtszaak) tegen de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv), ook wel ‘Sleepwet’ genoemd. Het huidige ANPR-wetsvoorstel vormt een vergelijkbaar sleepnet: niet van ieders vingerafdrukken, telecommunicatie of internetgedrag, maar van ieders reisbewegingen. Mocht uw Kamer dit wetsvoorstel desondanks goedkeuren, dan rest Privacy First geen andere optie dan dit door de rechter ongedaan te laten maken.

Internationale kritiek

Privacy First staat hierin niet alleen: diverse organisaties hebben reeds toegezegd zich bij onze rechtszaak tegen het ANPR-sleepnet te zullen aansluiten. Ook in het buitenland neemt de kritiek op ANPR toe: onlangs won ANPR in België een nationale Big Brother Award.[4] Daarnaast ontving Nederland vanuit de VN Mensenrechtenraad in Genève in mei dit jaar het volgende dringende advies: “Take necessary measures to ensure that the collection and maintenance of data for criminal purposes does not entail massive surveillance of innocent persons.”[5] De Nederlandse regering heeft dit advies in september jl. uitdrukkelijk geaccepteerd.[6] Daarmee heeft Nederland op internationaal niveau stelling genomen tegen massa-surveillance. Het huidige wetsvoorstel ANPR is hiermee in strijd en dient daarom te worden verworpen.

Huidige praktijk reguleren

De huidige ANPR-praktijk vindt plaats op basis van artikel 3 Politiewet. Dit oude, brede vangnet-artikel is daar echter nooit voor bedoeld en voldoet niet aan de moderne vereisten van artikel 8 EVRM (recht op privacy). De huidige ANPR-praktijk is daarom onrechtmatig. Het Nederlandse parlement zou beter die huidige praktijk wettelijk kunnen reguleren en van strikte privacywaarborgen moeten voorzien: louter opslag van kenteken-hits en slechts tijdelijke opslag van no-hits in concrete, uitzonderlijke gevallen, na rechterlijke toestemming. Het huidige wetsvoorstel schiet hier echter mijlenver voorbij: iedere automobilist wordt hierdoor een potentiële verdachte en belandt 4 weken in een centrale politiedatabank. Onder de nieuwe Wiv zal deze databank bovendien direct toegankelijk kunnen worden voor AIVD en MIVD en zullen ANPR-data tevens uitgewisseld kunnen worden met buitenlandse diensten. Massa-surveillance wordt hierdoor een feit. Nederland wordt hierdoor een Big Brother maatschappij. Dit vormt een historische breuk met het verleden. Het is aan uw Kamer om dit te voorkomen en aan te sturen op betere, privacyvriendelijke wetgeving waardoor Nederland vrij én veilig zal kunnen blijven.

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..


Hoogachtend,


Stichting Privacy First



[1] Zie https://www.privacyfirst.nl/aandachtsvelden/wetgeving/item/1075-hoorzitting-eerste-kamer-over-wetsvoorstel-anpr.html.

[2] Zie bijvoorbeeld meest recentelijk WODC, ANPR: toepassingen en ontwikkelingen (december 2016), https://www.wodc.nl/onderzoeksdatabase/2387-intelligente-toepassingen-van-automatic-number-plate-recognition.aspx.

[3] Zie Hof van Justitie van de Europese Unie, gevoegde zaken C-293/12 & C-594/12 (Digital Rights, 8 april 2014) en gevoegde zaken C203/15 & C698/15 (Tele2, 21 december 2016).

[4] Zie https://bigbrotherawards.be/nl/.

[5] Zie https://www.privacyfirst.nl/aandachtsvelden/wetgeving/item/1071-nederland-onder-de-loep-bij-verenigde-naties.html. Zie in dit verband tevens de recente brief van de VN Hoge Commissaris voor de Mensenrechten aan de Nederlandse regering, waarin dit advies wordt herhaald en wordt aangedrongen op implementatie en rapportage: https://www.upr-info.org/sites/default/files/document/session_27_-_may_2017/letter_for_implementation_3rd_upr_nld_e.pdf (23 oktober 2017).

[6] Zie UN Doc. A/HRC/36/15/Add.1 (14 september 2017), beschikbaar op https://www.upr-info.org/sites/default/files/document/netherlands/session_27_-_may_2017/a_hrc_36_15_add.1_e.pdf

 

Update 21 november 2017: vanmiddag heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel ANPR aangenomen. SGP, ChristenUnie, VVD, PvdA, CDA, 50Plus, OSF & PVV stemden voor. D66, GroenLinks, SP & PvdD stemden tegen. Privacy First c.s. zullen nu een rechtszaak beginnen om deze wet onrechtmatig te laten verklaren wegens strijd met Europees privacyrecht. Nadere berichtgeving hierover volgt zeer binnenkort.

Gepubliceerd in Wetgeving

Privacy First in hoger beroep in rechtszaak anoniem betalen en parkeren


Afgelopen week heeft de rechter uitspraak gedaan in mijn zaak voor het behoud van het recht om cashbetalingen te kunnen blijven doen bij overheidsdiensten. Dit vanuit de idee dat ik anonieme betalingen wil kunnen doen in het geval mijn persoonsgegevens hierin betrokken worden en dat ik geen keuzevrijheid heb bij het afnemen van een monopolistische overheidsdienst. Mijn irritatie over de onstuitbare controlewaanzin van overheden, goedbedoeld ambtelijk amateurisme en het vilein omdraaien van rechtsprincipes zijn de redenen om in vele zaken (maar zeker in deze zaak) de rechter in te zetten. De rechter besloot echter dat er in deze zaak geen inbreuk zou zijn op de privacy en heeft de zaak daarmee terzijde geschoven zonder de principiële en inhoudelijke kant in behandeling te nemen.

Na 10 jaar principiële rechtszaken voeren kan ik wel concluderen dat ons rechtssysteem zich niet kan verweren tegen politieke en ambtelijke uitholling van binnenuit. Er ontbreekt een belangrijke check & balance, namelijk toetsing van wetgeving aan de Grondwet door een onafhankelijk rechterlijk college zoals in Duitsland het Constitutionele Hof in Karlsruhe. Steeds weer duiken Nederlandse rechters in dit soort zaken weg vanuit de argumentatie dat zij niet “over” de wetgeving heen recht kunnen spreken, dat de gekozen route bestuursrechtelijk hetzij strafrechtelijk aangevlogen had moeten worden, dat Privacy First of daarvoor optredende eisers niet ontvankelijk zijn om de rechtszaak te voeren en zo nog meer redenen om maar vooral niet tot een principiële uitspraak te hoeven komen. Verder en verder glijdt Nederland daardoor af in plaats van juist sterker uit de strijd te komen vanuit nieuwe technologie en mogelijkheden om eeuwenoude rechtsprincipes te beschermen.

Zo ook weer in onze zaak om anoniem (cash) te kunnen betalen voor parkeren. Privacy First gaat hierbij uit van het recht op anonimiteit in de openbare ruimte en het recht op anonieme betaling met contant geld danwel een ander waterdicht technologisch alternatief. Opvallend aan deze zaak (en ook onze eerdere zaak over trajectcontroles) is dat de rechter niet inhoudelijk wenst te toetsen. De rechter beargumenteert ten onrechte dat de privacy hier niet in het geding is en komt daardoor niet aan toetsing toe. De rechter ontduikt daarmee zijn rechterlijke verantwoordelijkheid, als een soort juridische struisvogelpolitiek.

In de optiek van Privacy First is het recht op privacy hier wel degelijk in het geding: middels kentekenparkeren heeft de overheid immers onbeperkt zicht op wie waar en wanneer in Nederland parkeert. Dit is in strijd met het recht van burgers om in eigen land vrij en anoniem te kunnen reizen en parkeren. Dit wordt nog verergerd door het gebrek aan contante betaalmogelijkheid: middels elektronische betaling is immers traceerbaar wie waar en wanneer parkeert. Daarmee vormt verplicht kentekenparkeren met verplichte elektronische betaling een dubbele privacyschending.

De arrogante overheidshouding is stuitend als men bedenkt dat de Hoge Raad reeds bepaald heeft dat invoering van het kenteken niet verplicht mag worden gesteld en de Nederlandse gemeenten hier gewoon mee doorgaan en een reis- en verblijfsdatabase optuigen buiten het zicht van de burger. Privacy First heeft daarom in kort geding geëist om dit gedrag van gemeenten te verbieden, waarna de rechter dit afwees wegens zogenaamde “complexiteit”... complex van wat en voor wie? De huidige bodemprocedure bij de belastingrechter heeft meer dan een jaar geduurd, met maar liefst twee rechtszittingen en tussentijdse verwijzing van enkelvoudige naar meervoudige kamer (vanwege de complexiteit van deze principiële zaak van groot maatschappelijk belang). Met als resultaat echter opnieuw een oppervlakkig en halfslachtig vonnis waarin vrijwel niets inhoudelijk en kritisch wordt getoetst, het zogenaamde “ontwijk- of struisvogelvonnis” dat wij inmiddels gewend zijn bij principiële (privacy)zaken.

Privacy First gaat nu in hoger beroep en hoopt dat het Hof Amsterdam wél in staat zal zijn (en de rechterlijke moed zal hebben) om alsnog een kritische uitspraak te doen. Het gaat in deze zaak immers om principiële kwesties die de hele bevolking aangaan: anonimiteit in de openbare ruimte en het recht om contant te betalen. Nieuwe technologie zou voor deze uitgangspunten ingezet moeten worden in plaats van deze uit te hollen en te vernietigen. Contant geld is een wettig betaalmiddel. In monopoliesituaties hebben burgers het recht om te kunnen kiezen tussen elektronische en contante betaling, zo luidt de formele Nederlandse consensus. In 2015 verscheen hierover een uitvoerig rapport van het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer (MOB) waarin dit standpunt unaniem wordt onderschreven door alle Nederlandse organisaties die zich met betaalverkeer bezighouden, waaronder de Nederlandsche Bank.

Kentekenparkeren is een monopoliesituatie: de parkeerder kan hiervoor maar bij één partij terecht. Reeds daarom zou contante betaling mogelijk moeten zijn. Dit is immers het enige betaalmiddel dat anonimiteit garandeert. Contant geld is bovendien een kwestie van Europees recht. In hoger beroep zal Privacy First dan ook trachten te bewerkstelligen dat deze kwestie aan het Europees Hof van Justitie in Luxemburg wordt voorgelegd. Hierover bestaat immers nog geen jurisprudentie, terwijl deze kwestie voor alle Europeanen van belang is en steeds belangrijker wordt naarmate cash geld steeds meer wordt uitgebannen en het recht op anonieme betaling steeds meer onder druk komt te staan. In de huidige uitspraak van de rechtbank Amsterdam valt niets van dit alles terug te lezen. Het is een wereldvreemd vonnis dat totaal los lijkt te staan van de juridische en feitelijke realiteit.

Privacy First vraagt zich inmiddels af: is de Nederlandse rechterlijke macht eigenlijk wel geëquipeerd voor dit soort zaken? Is er bij de rechterlijke macht voldoende kennis aanwezig van het privacyrecht en ICT-kennis om deze zaken goed en grondig te kunnen behandelen? Beseft de rechterlijke macht welke implicaties het heeft om dit soort privacyschendende ontwikkelingen volstrekt ongemoeid te laten? Tot welk soort maatschappij gaat dit leiden? Privacy First staat voor Nederland Privacy Gidsland en de inzet van nieuwe technologie ter versterking van de rechtsstaat. Vanuit principes. Niet vanuit politiek opportunisme.


Bas Filippini,
voorzitter Stichting Privacy First


Lees hier de hele uitspraak van de rechtbank Amsterdam op rechtspraak.nl.

Gepubliceerd in Columns

"De omgang met privacygevoelige kentekenfoto's door de Belastingdienst was de afgelopen jaren technisch en organisatorisch niet op orde. Voor de fiscus niet-relevante gegevens over miljoenen kentekens werden jarenlang niet verwijderd.

Dat blijkt uit documenten die op verzoek van het ANP zijn vrijgegeven.

In interne memo's (pdf) staat dat "geen schoning" plaatsvond van de jaarlijks 1 miljoen kentekenfoto's die de fiscus zelf verzamelde met camera-auto's met automatische kentekenherkenning (ANPR). "De fotogegevens en metadata zijn vanaf 2010 nog beschikbaar".

Volgens de Wet bescherming persoonsgegevens mogen dit soort data niet langer worden bewaard dan noodzakelijk. Pas eind vorig jaar schoonde de fiscus eenmalig deze bestanden op. De Belastingdienst erkent dat het bewaren onterecht was.

Vernietigd

Inmiddels is het inwinnen en gebruik van de kentekenfoto's gestopt en zijn de gegevens vernietigd. Dat gebeurde nadat de Hoge Raad begin dit jaar had bepaald dat er geen wettelijke basis was om de kentekenfoto's te gebruiken voor het aantonen van privégebruik van auto's van de zaak.

Volgens de rechters was sprake van systematisch verzamelen van gegevens over de bewegingen van voertuigen.

In een reactie laat de Belastingdienst weten dat er "ten tijde van de uitspraak van de Hoge Raad een gestructureerd proces voor het systematisch vernietigen van de niet-relevante ANPR-gegevens in voorbereiding was". Ook zegt de dienst dat de opgeslagen gegevens wel "steeds volgens de geldende richtlijnen zijn beveiligd".

Beheer

Privacy First is kritisch en spreekt van een "opeenstapeling van onrechtmatigheden". Behalve het ontbreken van een wettelijke basis en het opslaan van niet-relevante gegevens, was volgens Vincent Böhre van de privacyorganisatie ook de "organisatorische puinhoop" onrechtmatig.

Ambtenaren concludeerden de afgelopen jaren dat het beheer "niet juist was belegd en ingeregeld". Er was sprake van ICT-problemen en provisorische systemen. Het beheer was niet ondergebracht bij de juiste afdelingen. Veel werk moest bovendien handmatig worden gedaan en het ontbrak aan deskundigheid en vaste werkwijzen. Het beheer van bewaartermijnen werd daardoor niet structureel, maar alleen ad hoc gedaan.

Dat was ook het geval bij de vele miljoenen foto's die de fiscus verkreeg uit ANPR-camera's van de politie. Niet-relevante gegevens werden hier wel binnen twee weken gewist, maar mogelijk bruikbare kentekenfoto's (52 miljoen van de 130 miljoen per jaar) bleven enkele jaren bewaard."

Bron: http://www.nu.nl/binnenland/4904951/belastingdienst-had-beheer-kentekenfotos-jarenlang-niet-orde.html , 2 september 2017.

Zie ook https://www.rtlnieuws.nl/geld-en-werk/onzorgvuldige-belastingdienst-bewaarde-kentekenfotos-veel-te-lang
http://www.telegraaf.nl/dft/29111797/__Kentekenfoto_s_onterecht_bewaard__.html
https://www.ad.nl/binnenland/kentekenfoto-s-door-belastingdienst-onterecht-bewaard~a45895b5/
https://nos.nl/artikel/2190991-belastingdienst-bewaarde-onterecht-kentekenfoto-s.html
https://www.nrc.nl/nieuws/2017/09/02/kentekenfotos-onterecht-door-belastingdienst-bewaard-a1572036
https://www.volkskrant.nl/politiek/belastingdienst-bewaarde-ten-onrechte-miljoenen-kentekenfoto-s~a4514668/
https://fd.nl/economie-politiek/1216719/fiscus-verzuimde-gegevens-kentekens-te-verwijderen
https://www.security.nl/posting/529607/Fiscus+bewaarde+niet-relevante+data+over+miljoenen+kentekens

Gepubliceerd in Cameratoezicht

NS laat reiziger extra betalen voor privacy. Autoriteit Persoonsgegevens weigert te handhaven. Raad van State gaat zaak beoordelen.

Op maandag 4 september as. zal de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State zich buigen over twee rechtsvragen: mag de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) weigeren om te handhaven wanneer treinreizigers met een voordeelurenabonnement door NS worden gedwongen om extra te betalen als zij hun privacy willen behouden? Of mag de AP misschien zelfs weigeren om de zaak überhaupt te onderzoeken, ondanks haar toezichthoudende taak?

Drie jaar geleden schafte NS de papieren treinkaartjes af en verplichtte alle reizigers voortaan een OV-chipkaart te gebruiken. Het bleek dat reizigers die omwille van hun privacy voor een anonieme OV-chipkaart kozen, van NS geen voordeelurenkorting krijgen – ook niet als zij al vele jaren in het bezit zijn van een voordeelurenabonnement. Arnhemmer Michiel Jonker vroeg de AP om handhavend op te treden, wat de AP weigerde. Op 16 augustus 2016 gaf de Rechtbank Gelderland Jonker deels gelijk en gelaste dat de AP de zaak alsnog serieus moest onderzoeken, maar verplichtte de AP nog niet om handhavend op te treden. De AP en Jonker gingen beiden in hoger beroep bij de Raad van State.

Met ingang van 9 juli 2014 heeft NS Reizigers BV het voor abonnementhouders onmogelijk gemaakt om een papieren kaartje te kopen dat in de trein samen met hun abonnementskaart wordt gecontroleerd. Wie in de voordeeluren met korting wil reizen, mag dat van NS alleen als hij in- en uitcheckt met een persoonsgebonden OV-chipkaart waarop ook zijn identiteit staat vermeld. Het gevolg hiervan is dat reizigers alleen nog voordeelurenkorting krijgen als zij al hun individuele reisbewegingen via de persoonsgebonden OV-chipkaart door NS laten registreren. Als zij hun privacy wensen te behouden, verliezen zij hun voordeelurenkorting.

Jonker ervaart het feit dat een reiziger met privacy in de voordeeluren meer moet betalen dan een reiziger zonder privacy, als een vorm van discriminatie. “Ik wil net als vroeger het openbaar vervoer kunnen gebruiken zonder dat een bedrijf of de overheid precies kan bijhouden waar ik op welk moment geweest ben. Daarvoor is de anonieme OV-chipkaart ook bedoeld. Maar die wordt op deze manier ontmoedigd. Er wordt een ongerechtvaardigd onderscheid gemaakt tussen mensen met privacy en mensen zonder privacy. Mensen die hun privacy willen houden, moeten meer betalen. Dat is discriminatie. NS probeert me er zo toe te dwingen mijn privé-reisgegevens voor commerciële doelen ter beschikking te stellen. Nederlandse wetten en Europese verdragen verbieden dat.”

Ook heeft Jonker bezwaar tegen de wijze waarop NS zijn persoonsgegevens heeft overgedragen aan Trans Link Systems (TLS). “NS zegt dat ik een contract met TLS heb, maar dat is onzin. Ik heb nooit zo’n contract afgesloten, en dat heeft geen enkele treinreiziger. NS heeft zijn algemene voorwaarden veranderd. Maar NS kan niet rechtmatig in zijn algemene voorwaarden opnemen dat ik opeens een contract over mijn persoonsgegevens afgesloten zou hebben met een derde. Je ziet hier hoe de zogenaamde privatisering van een publieke voorziening, het OV, leidt tot onrechtmatige praktijken.”

-- De AP is in hoger beroep gegaan tegen de opdracht van de rechtbank om de zaak nu serieus te gaan onderzoeken.

-- Jonker is in hoger beroep gegaan tegen het ontbreken van een opdracht aan de AP om, na al die jaren van gedogen, zelfs maar een voornemen kenbaar te maken om te gaan handhaven.

-- Ook NS zal in de rechtszaal deelnemen aan het geding.

Jonker wordt in deze zaak gesteund door Stichting Privacy First en Maatschappij voor Beter OV. De rechtszitting is openbaar: iedereen is welkom om de zitting bij te wonen.

Zaakinformatie: M. Jonker vs. Autoriteit Persoonsgegevens, zaaknr. 201607123/1/A3.
Tijdstip: maandag 4 september 2017, 10.30u.
Locatie: Raad van State, Kneuterdijk 22, Den Haag. Klik HIER voor een routebeschrijving.


Update 4 september 2017: de rechtszitting vandaag verliep relatief voorspoedig, de rechters zaten goed in de materie. Klik HIER voor de pleitnota van de heer Jonker (pdf). Over 6 weken (of later) doet de Raad van State uitspraak.

Media:
https://www.computable.nl/artikel/nieuws/security/6191053/250449/conflict-ap-en-privacy-first-om-ov-chipkaart-ns.html
https://www.ad.nl/economie/privacy-wordt-geschonden-door-ov-chipkaart-met-abonnement~a4405fa0/
http://www.gelderlander.nl/economie/privacy-wordt-geschonden-door-ov-chipkaart-met-abonnement~a4405fa0/
http://www.hartvannederland.nl/nieuws/2017/ns-beperkt-korting-onterecht-tot-abonnees/
https://www.bnr.nl/nieuws/mobiliteit/10328758/dalurenkorting-ns-discriminatie-of-niet
http://www.treinreiziger.nl/reiziger-eist-anoniem-reizen-ook-abonnement/
http://www.dvhn.nl/binnenland/NS-beperkt-korting-onterecht-tot-abonnees-22465090.html
https://www.security.nl/posting/529824/Raad+van+State+onderzoekt+of+AP+moet+optreden+tegen+NS


Update 22 september 2017: de Raad van State heeft op 20 september jl. uitspraak gedaan in de zaak, zie ECLI:NL:RVS:2017:2555. In een eerste reactie zegt Jonker: “Een uitspraak twee weken na de zitting is opvallend snel, ook gezien de termijn van zes weken of langer die de Raad van State ter zitting had aangekondigd. Mogelijk heeft de Raad van State snel uitspraak gedaan om nog niets te hoeven zeggen over de uitkomst van het onderzoek dat de AP afgelopen jaar in opdracht van de rechtbank heeft gedaan, en waarover de AP binnenkort een besluit neemt. Of misschien wil de Raad de AP gelegenheid geven om zo’n nieuw besluit af te stemmen op de uitspraak.”

Samenvatting op hoofdpunten van de uitspraak:

(1) De Raad van State stelt, net als de rechtbank, Jonker inhoudelijk in het gelijk: de AP had Jonkers handhavingsverzoek niet mogen afwijzen zonder in deze specifieke zaak voldoende onderzoek te doen.

(2) Uit de eerdere onderzoeken waarnaar de AP had verwezen, blijkt volgens de Raad van State niet “of de verwerking van persoonsgegevens door middel van een persoonlijke OV-chipkaart noodzakelijk is voor het sluiten en de uitvoering van de overeenkomst betreffende het voordeelurenabonnement”, en ook niet “of als gevolg van het verplicht stellen van de persoonlijke OV-chipkaart voor een abonnement die verwerking van persoonsgegevens toereikend, ter zake dienend en niet bovenmatig is.”

(3) Voorts constateert de Raad van State dat “de omstandigheid dat de OV-chipkaart in haar algemeenheid voldoet aan de Wbp, niet betekent dat de omstandigheid dat het onmogelijk is een persoonlijk product te combineren met een anonieme kaart ook voldoet aan de Wbp.”

(4) Verder is de Raad het met de rechtbank eens dat de AP uit de door NS zelf opgestelde algemene voorwaarden en de voorwaarden van het voordeelurenabonnement niet het bestaan van een noodzaak voor het verwerken van persoonsgegevens mocht afleiden.

(5) De Raad is het anderzijds niet met Jonker eens dat de AP op basis van de reeds bekende feiten al had moeten concluderen dat er aanleiding was voor een voornemen tot handhaving. Volgens de Raad hoeft de AP daarover pas een standpunt in te nemen na een meer uitgebreid onderzoek.

(6) Procedureel is de Raad het met de AP eens dat de rechtbank de AP geen opdracht had mogen geven tot het doen van een meer uitgebreid onderzoek op grond van artikel 60 Wbp. Volgens de Raad had de rechtbank alleen het afwijzingsbesluit van de AP moeten vernietigen, zonder opdracht te geven tot zo’n onderzoek, omdat de rechtbank zich daarmee “de beleidsruimte van de AP toeëigende”. De AP heeft in haar beleid een “fasering” van onderzoek opgenomen, waarbij het door de rechtbank opgedragen onderzoek pas in fase III valt.

Jonker: “Ik ben blij dat de Raad van State me, net als de rechtbank, inhoudelijk in het gelijk heeft gesteld dat mijn handhavingsverzoek door de AP niet zo makkelijk had mogen worden afgewezen. De Raad heeft een aantal drogredeneringen doorgeprikt die de AP naar voren had gebracht.”

Toch is Jonker niet helemaal tevreden: “De uitspraak van de Raad van State leidt er ook toe dat de AP nu in een nieuwe ronde de gelegenheid krijgt om weer nieuwe argumenten te verzinnen om mijn handhavingsverzoek toch nog te gaan afwijzen. Het voelt een beetje als een knockout-toernooi met twee deelnemers en een half dozijn rondes, waarbij het thuisteam, de AP dus, meteen al verzekerd is van een finaleplaats, terwijl de andere partij, ik dus, in al die rondes de wedstrijd moet winnen om zelfs maar in de finale te komen. En als ik ook maar één echte fout maak, lig ik eruit. Dat is eigenlijk het tegenovergestelde van effectieve rechtsbescherming. Wat me ook opvalt is dat de Raad van State het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) met geen woord heeft genoemd, terwijl het EVRM een meer fundamentele bescherming biedt dan de door de Raad wel genoemde Europese Privacyrichtlijn. Ik heb steeds naar het EVRM verwezen.”

Gevraagd wat eventuele nieuwe argumenten van de AP dan zouden kunnen zijn, antwoordt Jonker: “Net vorige week heb ik een zogeheten bevindingenrapport van de AP ontvangen over het onderzoek dat de AP in opdracht van de rechtbank moest doen. Maar omdat de AP mij verzocht heeft daar vertrouwelijk mee om te gaan totdat de AP een nieuw besluit heeft genomen over mijn handhavingsverzoek, wil ik daar op dit moment verder niks over zeggen. De AP had dat rapport natuurlijk aan mij moeten toesturen ruim voorafgaand aan de rechtszitting van de Raad van State, maar koos er helaas voor om daarmee te wachten tot na de rechtszitting – terwijl NS in essentie wel op de hoogte was. Dat draagt niet bij aan een eerlijk proces. Volgende week houdt de AP een hoorzitting. En daarna duurt het waarschijnlijk nog een aantal weken voordat de AP een nieuw besluit neemt. Tegen dat besluit kan ik dan eventueel weer in beroep en hoger beroep gaan. Het houdt me wel van de straat...”

Wordt dus vervolgd.

Media:
http://www.omroepgelderland.nl/nieuws/2143524/Treinreiziger-uit-Arnhem-krijgt-weer-gelijk-meer-onderzoek-naar-privacy-discriminatie-ov-chipkaart
https://www.security.nl/posting/532206/Autoriteit+Persoonsgegevens+hoeft+NS+niet+uitgebreid+te+onderzoeken (met commentaar van Michiel Jonker onder artikel).
https://www.ovmagazine.nl/2017/09/opnieuw-onderzocht-tegen-privacydiscriminatie-ov-chipkaart-1527/ 


Update 7 mei 2018:
op 8 september 2017 (enkele dagen na de rechtszitting van de Raad van State) heeft de AP aan de heer Jonker een bevindingenrapport toegestuurd over de uitkomsten van het uitgebreide onderzoek waarvoor de Rechtbank Gelderland op 16 augustus 2016 opdracht had gegeven. Op 25 september en 28 november 2017 heeft Jonker naar de AP een reactie gestuurd op het bevindingenrapport, waarin hij ernstige kritiek uitte op de bevindingen. Het rapport leek zijns inziens vooral te dienen als instrument om de zaak toe te dekken, en niet als weergave van een onpartijdig uitgevoerd onderzoek door een onafhankelijke toezichthouder.

Ondanks Jonkers kritiek besloot de AP op 22 december 2017 dat het uitgevoerde onderzoek geen reden opleverde om Jonkers oorspronkelijke bezwaar alsnog gegrond te verklaren. De AP vond nog steeds dat er niks aan de hand was. Tegen dit tweede besluit op bezwaar ging Jonker op 29 januari 2018 in beroep bij de Rechtbank Gelderland (tweede beroepsprocedure in de zaak, zaaknummer 18/546). Omdat de AP inmiddels onderzoek heeft gedaan, gaat deze tweede beroepsprocedure niet meer over de vraag of de AP onderzoek moet doen, maar over de inhoudelijke uitkomst van dat onderzoek.

Ondertussen loopt er in dezelfde zaak nog een tweede juridisch spoor. Op 24 november 2016 had Jonker de AP verzocht om in het door de rechtbank opgedragen, uitgebreide onderzoek ook het feit te betrekken dat op elke zogenaamd “anonieme” OV-chipkaart van NS twee unieke pasnummers worden aangebracht, waardoor die kaarten in feite niet anoniem meer zijn. De unieke pasnummers moeten worden beschouwd als persoonsgegevens.

De AP weigerde om dit feit in haar uitgebreide onderzoek te betrekken, en besloot in plaats daarvan om het op te vatten als een nieuw, separaat handhavingsverzoek, waarbij de AP, net als de eerste keer, probeerde om niet meer te doen dan een “verkennend” oftewel “globaal bureau-onderzoek”. Na dit “globale” onderzoek concludeerde de AP op 28 september 2017 dat er niks aan de hand was. Jonker diende daar op 16 oktober en 28 november 2017 bezwaar tegen in, waarbij Jonker ook aangaf het niet eens te zijn met de afsplitsing van dit aspect in een zogenaamd apart handhavingsverzoek dat volgens de AP niet uitgebreid onderzocht hoefde te worden.

Op 26 februari 2018 wees de AP ook dit bezwaar van Jonker af, waarna Jonker op 19 maart 2018 ook tegen dit besluit op bezwaar in beroep ging bij de Rechtbank Gelderland (derde beroepsprocedure in de zaak, zaaknummer 18/1487).

Jonker: “Ik hoop dat de rechtbank de twee procedures samen gaat voegen, omdat de inhoud grotendeels overlapt. En ik hoop dat de rechtbank tot de conclusie komt dat de AP inderdaad ten onrechte geweigerd heeft de unieke pasnummers te betrekken bij het eerder door de rechtbank opgedragen onderzoek. Bizar vind ik het dat de AP de eerdere uitspraak van de rechtbank op een belangrijk punt negeert. De rechtbank had duidelijk aangegeven dat NS de verantwoordelijke is voor de gegevensverwerking met de OV-chipkaart, omdat ik als klant transacties verricht met NS, terwijl TLS alleen een opdrachtnemer van NS is, die voor NS een taak uitvoert. Nu probeert de AP toch weer te doen alsof TLS de primaire verantwoordelijke zou zijn. Het is duidelijk dat in deze casus de AP er alles aan doet om zijn toezichthoudende en handhavende taak NIET naar behoren uit te voeren. Ik zie de rechtszaak of –zaken met vertrouwen tegemoet.”

Gepubliceerd in Wetgeving

Autoriteit Persoonsgegevens legt dwangsom op aan gemeente Arnhem vanwege privacyschending met adresgebonden afvalpassen 

Vandaag heeft de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) bekendgemaakt dat zij aan de gemeente Arnhem een last onder dwangsom oplegt waarin de gemeente gelast wordt de verwerking van persoonsgegevens met adresgebonden afvalpassen binnen een maand te beëindigen. Reeds verzamelde gegevens dienen binnen twee maanden te worden verwijderd.

Drie jaar geleden voerde de gemeente Arnhem een systeem in waarmee persoonsgegevens worden verwerkt van alle Arnhemse huishoudens die restafval in ondergrondse afvalcontainers deponeren, door middel van adresgebonden afvalpassen. Op deze manier wordt geregistreerd WAAR (in welke container), WANNEER, HOEVEEL (aantal vuilniszakken) en door WIE (welk huishouden) er restafval wordt gedeponeerd.

Arnhemmer Michiel Jonker maakte bezwaar tegen deze onnodige registratie en voerde daartoe verschillende juridische procedures tegen zowel de gemeente Arnhem als de AP. Hoewel de AP in april 2017 als toezichthouder erkende dat er sprake is van een overtreding, besloot zij de overtreding te gedogen. Nadat de rechter Jonker op 13 juli 2017 opnieuw in het gelijk had gesteld, treft de AP nu alsnog een handhavingsmaatregel.

De handhavingsmaatregel van de AP moet vooral gezien worden als normstellend. Het bedrag van de dwangsom (€10.000 per twee weken als de overtreding niet wordt beëindigd, oplopend tot maximaal €50.000) is slechts een fractie van de kosten die de gemeente Arnhem de afgelopen drie jaar heeft gemaakt voor het illegale systeem, en in die zin nauwelijks afschrikwekkend.

De zaak van de heer Jonker wordt gesteund door Privacy First en vormt een belangrijk precedent. In haar motivering van het handhavingsbesluit benadrukt de AP dat er (in objectieve zin) ook sprake is van persoonsgegevens als de identiteit van een persoon indirect herleidbaar is, via middelen die kunnen worden ingezet door de verantwoordelijke (in dit geval de gemeente) of door enige andere organisatie of persoon.

Jonker: "Dat is een terecht standpunt dat de AP nu inneemt, in navolging van Europees privacyrecht. Privacy First zegt dat ook steeds. In de huidige tijd van Big Data en profilering met statistische methodes, kunnen allerlei gegevens gebruikt worden om iemand te identificeren. Daar moet je rekening mee houden bij het ontwerp van elk systeem." Jonker is ook blij dat de AP nu expliciet aangeeft dat de privacyschending veel mensen raakt. "Het gaat om ruim 150.000 Arnhemmers." Het besluit van de AP is bovendien van groot belang voor alle andere Nederlandse gemeenten met vergelijkbare afvalpassen en andere vormen van afvalregistratie.

Toch is Jonker niet tevreden met het besluit als geheel. "Blijkens haar besluit op mijn bezwaar, dat ik vandaag ook ontving, vindt de AP nog steeds dat er na invoering van Diftar (gedifferentieerde tarieven bij afvalinzameling) alsnog een noodzaak zou zijn voor verwerking van persoonsgegevens. Ik heb onderbouwd waarom dat ook na invoering van Diftar niet nodig is. Maar doordat de AP nu wèl handhaaft in de periode voorafgaand aan Diftar, is het de vraag of het voor mij op dit moment mogelijk is om van de rechter een oordeel te krijgen over de eventuele consequenties van Diftar voor de privacy van burgers. Het gaat dan om de juridische vraag van ‘procesbelang’. De gemeente wil nog steeds bij de invoering van Diftar persoonsgegevens gaan verzamelen, het gemeentelijke ‘gluren bij de burgers’ wordt vooralsnog alleen tijdelijk onderbroken, omdat de gemeente en de AP er nu even niet onderuit kunnen. Het ziet er dus helaas naar uit dat dit een kwestie is van: wordt vervolgd."

Privacy First zal u graag van het vervolg op de hoogte houden.

De tekst van het gehele handhavingsbesluit van de AP staat HIER (pdf, 13 pp).

Media:
https://www.security.nl/posting/526408/AP+legt+Arnhem+last+onder+dwangsom+op+voor+gebruik+afvalpas
http://www.gelderlander.nl/arnhem-e-o/arnhem-riskeert-boete-voor-afvalpas~a0a3f8f6/
http://www.arnhem-direct.nl/berichten/autoriteit-persoonsgegens-dreigt-met-50-000-euro-boete/
https://www.rtlz.nl/algemeen/binnenland/gemeente-arnhem-op-vingers-getikt-om-volgen-bewoners-met-afvalpas.
https://radar.avrotros.nl/nieuws/detail/arnhem-moet-stoppen-met-afvalpas-vanwege-privacy-inwoners/
https://tweakers.net/nieuws/127903/autoriteit-persoonsgegevens-dwingt-arnhem-blijvend-te-stoppen-met-afvalpas.html
http://www.binnenlandsbestuur.nl/bestuur-en-organisatie/nieuws/afvalpas-landelijk-onder-de-loep-na-uitspraak.9568678.lynkx
http://www.vngnieuws.nl/nieuws/redactie/afvalpas-alsnog-dwangsom-voor-arnhem.

Update 4 augustus 2017: gisteren heeft de heer Jonker bij de rechtbank Gelderland beroep ingesteld tegen (onder meer) het standpunt van de AP dat invoering van Diftar de verwerking van persoonsgegevens alsnog zou rechtvaardigen. Daarbij heeft Jonker benadrukt dat hij, met het oog op de vereisten van art. 8 EVRM (recht op privacy) en de rechtszekerheid, er procesbelang bij heeft dat hij in rechte kan opkomen tegen de afwijzing van dit onderdeel (inzake Diftar) van zijn handhavingsverzoek door de AP. Privacy First steunt Jonker bij deze nieuwe zaak.

De Arnhemse afvalzaak leidt inmiddels tot nationale onrust onder gemeenten en binnen de afvalbranche, getuige bijvoorbeeld dit bericht bij branche-organisatie NVRD. De inschatting van Privacy First is dat talloze Nederlandse gemeenten (evenals Arnhem) al jaren gebruik maken van privacyschendende afvalpassen en andere vormen van afvalregistratie (waaronder persoonsgebonden chips in containers). De AP weigert vooralsnog echter om tot actief onderzoek en handhaving bij andere gemeenten over te gaan, getuige bijvoorbeeld dit actuele bericht bij Binnenlands Bestuur. De AP acht het nu aan gemeenten om zelf orde op zaken te stellen en een privacyvriendelijk afvalbeleid in te voeren. Privacy First herhaalt hierbij haar eerdere standpunt: Nederlandse gemeenten dienen hun burgers een privacyvriendelijk alternatief voor een persoonsgebonden afvalpas te bieden, bijvoorbeeld in de vorm van een anonieme afvalpas zonder extra kosten. Desgewenst is Privacy First graag bereid om gemeenten daarbij te adviseren.

Update 8 februari 2018: Naar aanleiding van het beroep dat de heer Jonker op 3 augustus 2017 heeft ingediend, buigt de Rechtbank Gelderland zich vandaag over de vraag of de AP haar handhavingsmaatregel mag beperken tot alleen de situatie dat Diftar nog niet is ingevoerd. Jonker vindt dat de AP ook na invoering van Diftar moet handhaven, conform zijn handhavingsverzoek, op grond van het feit dat ook de invoering van Diftar geen noodzaak creëert voor enige verwerking van persoonsgegevens.

In de eerste zitting van deze nieuwe ronde buigt de rechtbank zich nog niet over de inhoud, maar alleen over de vraag of Jonker “procesbelang” heeft – zie Jonkers pleitnota (pdf). Op 26 januari 2018 heeft de AP aan de rechtbank laten weten dat zij een verzoek van de gemeente Arnhem om de handhavingsmaatregel nu al op te heffen, op 22 december 2017 heeft afgewezen. Maar de grond waarop de AP het verzoek van de gemeente afwees (artikel 5:34 Awb), vervalt in augustus 2018. De redenen waarom de gemeente zo snel om opheffing vroeg, heeft de AP nog niet aan Jonker willen vertellen. Mogelijk vraagt de rechtbank ernaar. Jonker spreekt van “helaas noodzakelijke juridische schermutselingen om te voorkomen dat de AP haar handhavingsplicht alsnog kan omzeilen”.

Update 13 juni 2018: het nieuwe college van B&W van de gemeente Arnhem ziet voorlopig af van de invoering van Diftar, en daarmee ook van de invoering van een afvalpas. Dat blijkt uit berichtgeving in De Gelderlander van 6 juni 2018. De verantwoordelijke wethouder noemt de privacy-problematiek niet, maar uit een ambtelijke voortgangsrapportage aan de gemeenteraad op 1 mei 2018 valt op te maken dat de juridische acties van Jonker m.b.t. privacy wel degelijk een rol spelen in de afweging die het college van B&W maakt. De Arnhemse gemeenteraad zal naar verwachting binnenkort een besluit nemen.

Update 20 maart 2019: op 14 maart 2019 heeft de AP de opgelegde last onder dwangsom weer opgeheven en daarmee de weg vrijgemaakt voor de gemeente Arnhem om toch weer persoonsgegevens te gaan verwerken bij de afvalinzameling. Op 18 maart 2019 heeft de heer Jonker daartegen bij de AP een bezwaarschrift ingediend.

Jonker: “De gemeente wil opnieuw zonder noodzaak persoonsgegevens gaan verwerken bij de afvalinzameling, maar die gegevens korter gaan bewaren dan vorige keer. Dat noemt de gemeente dan “een nieuwe omstandigheid”. De AP gaat daar braaf in mee en negeert daarbij de argumenten in mijn zienswijze van december 2018. Er is geen goede reden om de opgelegde handhavingsmaatregel in te trekken. Die was opgelegd voor onbepaalde tijd, zoals de rechtbank begin 2018 ook heeft aangegeven. Er is nog steeds geen wettelijke grondslag, want deze verwerking van persoonsgegevens is niet nodig voor de wettelijke taakvervulling van de gemeente, namelijk afvalinzameling op het gemeentelijke grondgebied. Maar kennelijk wil de AP bepaalde extra wensen van de gemeente inwilligen, ondanks het feit dat de gemeente geen duidelijkheid geeft wat deze keer nu weer het doel van de gegevensverwerking zou zijn. Gaat het om de bestrijding van vermeend, maar niet aangetoond “afvaltoerisme”? Of over een nieuw, maar nog niet uitgewerkt plan om Diftar (gedifferentieerde afvalheffing) te gaan invoeren? Het is niet duidelijk. Kennelijk wil de AP maar één ding: koste wat kost de wens van de gemeente faciliteren, in plaats van de wet te handhaven.”

Gevraagd naar zijn verwachting over de verdere gang van zaken, zegt Jonker: “Het belang van de zaak is ook gelegen in het precedent dat dit schept voor de toekomst. Op dit moment kan ik alleen bezwaar maken tegen de intrekking van de handhavingsmaatregel. Maar als de gemeente de privacy opnieuw daadwerkelijk gaat aantasten, door de afvalcontainers af te sluiten zodat ze alleen nog open kunnen met adresgebonden afvalpassen, dan zal ik daar opnieuw tegen opkomen. Bijvoorbeeld door bij de AP dan opnieuw een handhavingsverzoek in te dienen. Dan begint het hele circus weer van voren af aan. Dat zou opnieuw een verspilling van belastinggeld zijn. Daarom hoop ik dat de AP naar aanleiding van mijn bezwaarschrift alsnog tot inkeer zal komen. De AP moet gaan begrijpen dat wanneer zij zich niet opstelt als een toezichthouder/handhaver, maar als een handlanger van organisaties die zonder noodzaak persoonsgegevens willen verwerken, dat dan de geloofwaardigheid van de nieuwe privacy-regelgeving (AVG) in een mum van tijd verloren gaat.”

Gepubliceerd in Wetgeving

"Arnhem heeft voorlopig een einde gemaakt aan de ‘afvalpassensoap’. De gemeente stond de afgelopen jaren meerdere keren voor de rechter vanwege het schenden van privacy met afvalpassen voor ondergrondse containers. De komende weken zijn alle duizend containers in Arnhem ‘van het slot’ gehaald en opengesteld voor iedereen.

Combinatie met adresgegevens

De afvalpas scannen om de container te openen is voor Arnhemmers momenteel niet meer nodig. De gemeente heeft de beslissing genomen na een langlopende discussie over privacy met bewoner Michiel Jonker, die met de steun van Privacy First een juridische strijd aan is gegaan over de afvalpas. De combinatie van stortgegevens en adresgegevens vindt Privacy First een schending van de privacy.

'Geen andere mogelijkheid'

De gemeente laat aan De Gelderlander weten dat het geen andere mogelijkheid zag om aan de discussie een einde te maken. ‘Hoewel wij tot op heden op geen enkele wijze gebruik maken van een koppeling van de afvalpas en de stortgegevens, vindt het college het niet langer gewenst om deze situatie te laten voortbestaan.’ De wethouder zegt dat de gemeente niet wil weten wanneer bewoners hun afval storten, al is dit via een koppeling in theorie wel te achterhalen. En dat is in strijd met de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Om het risico op te veel afval in de containers klein te houden is de gemeente aan het zoeken naar alternatieve toegangssystemen die niet in strijd zijn met de wet.

Discussie over besluitvorming

Jonker ging in 2014 bezwaar tegen de invoering van de afvalpas en vroeg de rechter om het gemeentelijke besluit ongedaan te maken. De rechter gaf de gemeente gelijk. Jonker ging daarop in hoger beroep bij de Raad van State. Deze besloot dat de gemeente nooit een formeel besluit heeft genomen voor het verzamelen van persoonsgegevens. De gemeente Arnhem ging ondanks die uitspraak verder met de adresgebonden afvalpassen.

'AP had situatie niet mogen gedogen'

Er volgde daarna een handhavingsverzoek van Jonker bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Die wees het verzoek op 20 april 2017 af, omdat de toezichthouder vindt dat er sprake is van een ‘bijzondere omstandigheid’, aangezien de gemeente eind maart 2017 heeft besloten tot invoering van DIFTAR (gedifferentieerde afvalheffing) per 1 januari 2018. Jonker legde de zaak opnieuw aan de rechter voor. Daaruit bleek dat de Autoriteit Persoonsgegevens de situatie niet had mogen gedogen. Naar verwachting neemt de Autoriteit eind augustus een nieuw besluit. Tot die tijd zijn de containers zonder afvalpas toegankelijk."


Bron: http://www.binnenlandsbestuur.nl/bestuur-en-organisatie/nieuws/arnhem-stelt-ondergrondse-containers-voorlopig.9568246.lynkx, 26 juli 2017.

Zie ook http://www.gelderlander.nl/arnhem-e-o/arnhemmer-kan-voorlopig-afval-weggooien-zonder-afvalpas~a4bd049f/,
http://www.omroepgelderland.nl/nieuws/2139430/Arnhem-haalt-slot-van-ondergrondse-afvalcontainer en
http://www.arnhem-direct.nl/berichten/voorlopig-einde-discussie-privacy-afvalpas-ondergrondse-containers-gaan-open/, 24 juli 2017.

Zie voor meer achtergrondinformatie https://www.privacyfirst.nl/aandachtsvelden/wetgeving/item/1081-gedoogbeleid-autoriteit-persoonsgegevens-rond-afvalpas-onder-vuur.html.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Ondanks brede maatschappelijke kritiek stemde de Eerste Kamer deze week in met de beruchte herziening van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Zoals eerder al door Privacy First aangekondigd zal nu een grootschalige rechtszaak volgen om diverse privacyschendende onderdelen van deze wet onrechtmatig te laten verklaren. Hieronder een greep uit de nieuwsberichten vandaag:

"In maart kondigden verschillende organisaties al aan dat zij een rechtszaak zouden aanspannen over de wet, als de Eerste Kamer deze zou aannemen. Onder meer Privacy First en de Nederlandse Verenigingen van Journalisten en Strafrechtadvocaten voegen zich bij de zaak.

De coalitie denkt dat de aftapwet in strijd is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en dat een rechter deze daarom ongeldig zal verklaren." (bron: NU.nl)

"Twaalf organisaties zijn van plan om naar de rechter te stappen om de aftapwet tegen te houden. "We hebben vertrouwen dat de Nederlandse rechters aan de rem trekken en zeggen: deze wet gaat te ver", zegt mensenrechtenadvocaat Jelle Klaas, die de coalitie leidt.

Gisterenavond nam de Eerste Kamer een wet aan waarmee de geheime diensten het internet op grote schaal mogen aftappen. De verzamelde gegevens, zoals mails, appjes en bezochte websites, mogen drie jaar worden bewaard, ook als ze niet relevant zijn voor het onderzoek. (...) De organisaties willen dat de rechter de wet tegenhoudt omdat deze een te grote inbreuk maakt op de privacy van Nederlandse burgers.

De wet wordt eerst voorgelegd aan de Nederlandse rechter. Die kan de wet toetsen aan het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. (...) De zaak kan nog tot het Europees Hof worden gevoerd en gaat daardoor mogelijk lange tijd duren." (bron: RTL Nieuws)

"De wet maakt het voor de geheime diensten mogelijk om op veel grotere schaal informatie af te tappen. Vanuit de politiek was er weinig weerstand, maar in de samenleving is er veel kritiek op de wet. (...) "We vinden het een zorgwekkend voorstel", zegt voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA) Jeroen Soeteman. "De nieuwe wet is in strijd met het Europees recht, de rechten van burgers worden hierdoor geschonden." Zoeteman benadrukt dat de stap van de NVSA bijzonder is, "wij mengen onszelf niet zo snel in dit soort zaken."" (bron: NOS)

"De zogenoemde aftapwet, die gisteravond werd goedgekeurd door de Eerste Kamer, brengt de privacy van burgers ernstig in gevaar. Dat stelt belangenorganisatie Privacy First, die samen met twaalf andere privacyclubs een rechtszaak voorbereidt tegen de staat. ,,De gegevens en communicatie van heel veel onschuldige burgers komen zo in het sleepnet van de AIVD terecht.''

Met de aftapwet, die per 1 januari 2018 van kracht wordt, krijgen inlichtingendiensten ruimere toegang tot informatie die via de kabel en internet wordt verzonden, waaronder mobiel verkeer, e-mail en sociale media. De wet moet meer bescherming bieden tegen onder meer terrorisme en cyberaanvallen, maar pakt rampzalig uit voor de privacy van onschuldige burgers, stelt Vincent Böhre, directeur en jurist van Privacy First.

Privacy First bereidt samen met onder meer de Nederlandse Vereniging van Journalisten, de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten en het Platform Bescherming Burgerrechten, een rechtszaak voor tegen de staat. ,,We willen de wet gedeeltelijk buiten werking laten stellen'', zegt Böhre, die een flink aantal bezwaren heeft tegen de nieuwe regelgeving.

‘Iedere Nederlander wordt een BN’er met deze aftapwet’

De clubs willen onder meer dat de zogeheten 'sleepnetbevoegdheid' van de AIVD wordt geschrapt. De dienst mocht al gericht een verdachte hacken, maar nu mag ook een gebied waar een gedachte zit of zijn of haar familie worden gemonitord. ,,Je zou het een massale internettap kunnen noemen'', zegt Böhre. ,,Een groot deel van het internet wordt getapt, waardoor de gegevens en de communicatie van heel veel onschuldige burgers in het sleepnet van de AIVD terecht komen.'' (...) Verder zijn de grenzen van de tapbevoegdheid vaag, meent Böhre. ,,De enige regel die in de wet wordt genoemd is dat het aftappen zo gericht mogelijk moet gebeuren. Daar kun je van alles onder verstaan. Het zou specifiek kunnen gaan om een verdachte, maar ook om een grote groep van potentiële daders, of iedereen die daarmee in contact staat. Maar in noodsituaties zou je ook het hele land kunnen tappen. Het is dus wat ons betreft veel te breed. Door dit wetsvoorstel wordt iedere Nederlander een BN’er.''

Uitwisseling van gegevens met bondgenoten

Böhre wijst ook op de mogelijkheid gegevens van burgers uit te wisselen met bondgenoten van Nederland. ,,Via deze nieuwe wet is het mogelijk dat jouw data ongecontroleerd kan worden gedeeld met Amerika of met Engeland of Australië. Die kans is heel groot. En joost mag weten wat er dan verder mee gebeurt.'' Zonder toetsing vooraf, benadrukt Böhre.

Bedrijven dwingen data te ontsleutelen

De wet geeft de AIVD de bevoegdheid bedrijven te dwingen data te ontsleutelen. ,,Daardoor kunnen systemen als whatsapp of je eigen e-mail zo lek als een mandje worden'', waarschuwt Böhre. ,,Als bedrijven niet meewerken, riskeren ze celstraffen van twee jaar. Bovendien moet alles geheim gehouden worden. Kortom, de meeste bedrijven zullen daaraan meewerken en je komt er als burger nooit iets over te weten.''

Bewaartermijn van drie jaar

Ook de bewaartermijn van drie jaar is een van de punten die de belangenclubs in de rechtszaak zullen aanvechten. ''Die is veel te lang'', zegt Böhre. ''Wat ons betreft gaat de bewaartermijn volledig van tafel en worden alleen de gegevens bewaard die nuttig en nodig zijn voor een onderzoek. De rest moet dan direct worden vernietigd.'' Hij verwijst naar jurisprudentie van het Europees Hof, dat eerder oordeelde dat het bewaren van telecomgegevens gedurende een jaar te lang is. ,,En dan worden de gegevens van heel veel onschuldige burgers wel drie jaar bewaard? Dat kan natuurlijk niet.''

Toegang tot databanken

Onder de nieuwe wet krijgt de AIVD toegang tot de databanken van de overheid en het bedrijfsleven, mits een bedrijf daar akkoord mee gaat. ,,Ook dat gebeurt in het geheim en zonder toestemming van het nieuwe toezichtscomité'', stelt Böhre. ,,Dan is maar de vraag waar de AIVD allemaal toegang toe krijgt.'' (bron: Algemeen Dagblad)  

"De coalitie tegen de wet wordt geleid door PILP (Public Interest Litigation Project), het project waarmee het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten de mogelijkheid van strategisch procederen op het gebied van mensenrechten in Nederland verkent. Volgens mensenrechtenadvocaat Jelle Klaas van PILP hebben zich al veel partijen aangesloten. 'We begonnen met twaalf, dertien, maar het groeit nog.' Onder hen zijn techbedrijven, de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) en privacyorganisaties Bits of Freedom en Privacy First.

Klaas heeft goede hoop dat de rechter een stokje voor de zogenoemde aftapwet zal steken, die formeel per 1 januari volgend jaar in werking moet treden. 'De senaat heeft gefaald om onze mensenrechten te garanderen, dus het is nu aan de rechter. Privacy is ook een mensenrecht.'

Economische schade

Vanuit verschillende hoeken wordt al een tijd geageerd tegen de wet. Zo is de NVJ (Nederlandse Vereniging van Journalisten) bang voor uitholling van bronbescherming, zo zegt secretaris Thomas Bruning: 'Dat dreigt een lege huls te worden.' Privacyorganisaties Bits of Freedom noemt het een 'onverteerbare uitslag'. 'Als we de grens niet trekken bij het op grote schaal verzamelen van het online gedrag van grote groepen onverdachte mensen, waar trekken we de grens dan wel?', zo vraagt David Korteweg van Bits of Freedom zich af.

Ook vanuit het bedrijfsleven is er kritiek. Alex Bik van zakelijke internetprovider BIT zegt zich te beraden op juridische stappen. In verleden sloot hij zich al aan bij PILP bij de zaak tegen de telecom-bewaarplicht. 'Ik ben niet alleen bang voor schending van de privacy van onschuldige burgers, maar ook voor de economische gevolgen', aldus Bik. 'Nu nog is Nederland een zeer aantrekkelijke plek voor internetdiensten, maar ik kan me voorstellen dat bedrijven zullen zeggen: we verhuizen onze spulletjes wel ergens anders naartoe als die aftapwet eraan komt.' Bik benadrukt dat de wet immers over alle mogelijke soorten internetverkeer gaat. Niet alleen e-mail of telefoon, maar bijvoorbeeld ook communicatie via clouddiensten of games.

Veiligheid

Tot slot is er nog een fundamenteel veiligheidsprobleem, zegt Bik. 'De wet staat de diensten ook toe om computers of telefoons te hacken. Niet alleen van verdachten, maar ook van mensen in de buurt van verdachten. Hierbij zullen ze gebruikmaken van lekken die nog niet breed bekend zijn. Je hoeft maar naar de WannaCry-uitbraak te kijken om te zien hoe gevaarlijk dat is.' WannaCry maakte gebruik van softwarelekken in Windows die in eerste instantie bij de NSA bekend waren, maar nog niet bij Microsoft." (bron: Volkskrant)

"Het pijnlijkste onderdeel van de wet is het ‘sleepnet,’ zegt Vincent Böhre, directeur van Privacy First. Böhre hekelt het idee dat de AIVD en de MIVD toegang krijgen tot informatie over een groot aantal burgers, in de zoektocht naar gegevens van verdachten. (...) De AIVD mag volgens de wet bijvoorbeeld een wijk monitoren, als de organisatie denkt dat een verdachte in die wijk woont. Volgens Böhre betekent dit dat honderden of zelfs duizenden huishoudens doelwit kunnen worden. ‘Daarmee schendt de staat niet alleen het recht op privacy, maar een hele reeks aan burgerrechten zoals het recht op vertrouwelijke communicatie, en het recht op informatievergaring.’

‘Wet past beter in militaire dictatuur’

Samen met de Nederlandse Vereniging van Journalisten, de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten en het Platform Bescherming Burgerrechten, wil Privacy First een zaak aanspannen tegen de staat. Dat gebeurt per 1 januari 2018, als de wet ingaat. Mogelijk beginnen de organisaties zelfs eerder met een rechtszaak: via een civiele procedure willen de belangenbehartigers het in werking stellen van de wet opschorten.

De AIVD krijgt met de nieuwe wet de bevoegdheid de kabel te tappen. De veiligheidsdiensten krijgen zo toegang tot internetgegevens, telefoongesprekken en andere data. ‘De staat schendt daarmee het recht op een privéleven,’ aldus Böhre. ‘Bij een democratie horen openbaarheid van bestuur en geheimhouding van je privéleven. Besluit dan een militaire dictatuur te worden, zou ik zeggen. Daarin passen zulke wetten, niet in een democratie.’

‘Staat slaat door’

Overigens zegt Böhre niet tegen invoering van de [hele] wet te zijn. ‘We willen de scherpste kanten van deze wet halen. De wet laten aanpassen.’ Zo moeten de veiligheidsdiensten afstappen van massasurveillance, en doelgerichte surveillance toepassen bij bijvoorbeeld terreuronderzoeken. ‘Wij stellen surveillance voor op een meer afgebakende schaal. Surveillance moet meer gericht zijn op individuen, niet op hele groepen.’

En het aloude argument dat privacy voor veiligheid moet gaan? ‘Veiligheid en privacy gaan wat ons betreft hand in hand, en zouden ook in balans moeten zijn. Nu slaat de regering door, en is de balans totaal niet meer te vinden.’ (bron: Elsevier)


Beluister hieronder een interview met Privacy First en PILP (NJCM) over de rechtszaak op Radio 1 (NOS Langs de Lijn):

Ook EenVandaag besteedde vandaag aandacht aan de rechtszaak, klik HIER of bekijk onderstaand fragment.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Rechter buigt zich over privacyschending gemeentelijke afvalpassen

Op vrijdag 7 juli as. om 12:00 uur behandelt de Rechtbank Gelderland een zaak die voor alle Nederlandse gemeenten precedentwerking heeft als het gaat om de plicht om de privacy van hun burgers te respecteren bij het inzamelen van huishoudelijk afval en andere publieke taken. Arnhemmer Michiel Jonker, die hierover eerder al een rechtszaak bij de Raad van State won, verzoekt de voorzieningenrechter om de Autoriteit Persoonsgegevens opdracht te geven om te stoppen met gedogen en nu zonder verder uitstel te gaan handhaven tegen een privacyschendend systeem van de gemeente Arnhem met adresgebonden afvalpassen. Dergelijke afvalpassen worden in steeds meer Nederlandse gemeenten ingevoerd.

De voorzieningenrechter van de Rechtbank Gelderland (Arnhem) zal zich buigen over de vraag of de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) mag weigeren om handhavend op te treden als een jarenlange, reeds geconstateerde privacyschending over ongeveer een jaar misschien wel, maar misschien ook niet eindigt. Een zaak met veel precedentwerking.

Drie jaar geleden voerde de gemeente Arnhem een registratiesysteem in waarmee persoonsgegevens van alle Arnhemse huishoudens die restafval in ondergrondse afvalcontainers deponeren, door middel van adresgebonden afvalpassen worden verwerkt. Arnhemmer Michiel Jonker maakte hiertegen bezwaar en diende bij de AP handhavingsverzoeken in. Hoewel de AP inmiddels zelf ook erkent dat er sprake is van een overtreding, weigert de AP echter nog steeds om als toezichthouder handhavend op te treden.

Met ingang van juli 2014 verwerkt de gemeente Arnhem persoonsgegevens van meer dan 150.000 Arnhemmers wanneer ze hun restafval (vuilniszakken) correct deponeren in de daartoe bestemde ondergrondse afvalcontainers. De containers kunnen alleen nog worden geopend door middel van adresgebonden afvalpassen. Op deze manier wordt geregistreerd WAAR (in welke container), WANNEER, HOEVEEL (aantal vuilniszakken) en door WIE (welk meerpersoons- of éénpersoonshuishouden) er restafval wordt gedeponeerd.

Jonker maakte daar meteen na het bekend worden van deze maatregel in juni 2014 bezwaar tegen en diende tevens een handhavingsverzoek in bij de AP (toen nog College Bescherming Persoonsgegevens geheten). Op 26 april 2016 gaf de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State Jonker gelijk dat het systeem zonder legaal besluit was ingevoerd. De gemeente negeerde deze uitspraak echter. Jonker hernieuwde vervolgens zijn handhavingsverzoek bij de AP.

Na aandringen van Jonker erkende de AP op 20 april 2017 dat de gemeente de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) overtreedt. Tegelijk kondigde de AP echter aan die overtreding te zullen blijven gedogen, omdat er volgens de toezichthouder sprake is van "concreet uitzicht op legalisering", in verband met een op 27 maart 2017 genomen principebesluit van de Arnhemse gemeenteraad om aan het college van B&W een voorwaardelijk mandaat te verlenen voor de invoering van een zogeheten Diftar-systeem vanaf 1 januari 2018.

Volgens de gemeente en de AP rechtvaardigt een Diftar-systeem (het heffen van een gedifferentieerd tarief naar rato van de hoeveelheid gedeponeerd afval) de verwerking van persoonsgegevens van burgers. Jonker bestrijdt dit, omdat er ook na invoering van Diftar geen noodzaak bestaat voor het verzamelen en bewaren van persoonsgegevens die op verschillende manieren kunnen worden gebruikt en misbruikt. Ook vindt Jonker dat het achteraf toekennen van een nieuwe doelstelling aan een bestaande overtreding, die overtreding niet kan rechtvaardigen. Bovendien zijn er goede alternatieven, bijvoorbeeld een anonieme, met saldo laadbare prepaid-afvalpas.

Volgens Jonker leidt het jarenlang voortbestaan en gedogen van een overtreding inmiddels tot een spoedeisend belang bij geloofwaardige handhaving. Dit mede omdat privacyschending een aantasting is van de persoonlijke integriteit van mensen. Hoe langer die duurt, hoe meer schade. Ook gaat dit ten koste van hun vrijheid. Jonker verzoekt de rechter dan ook om de AP opdracht te geven zonder verder uitstel een last onder dwangsom op te leggen aan de gemeente.

Privacy First steunt Jonker in deze zaak: Nederlandse gemeenten dienen hun burgers een privacyvriendelijk alternatief voor een persoonsgebonden afvalpas te bieden, bijvoorbeeld in de vorm van een anonieme afvalpas zonder extra kosten.


Zaakinformatie: Jonker vs. Autoriteit Persoonsgegevens, rechtbank Gelderland (locatie Arnhem) 7 juli 2017, 12.00u. Klik HIER voor een routebeschrijving. Zaaknummer: ARN 17 / 2340. Iedereen is welkom om de rechtszitting bij te wonen.


Update 7 juli 2017: de rechtszitting vanmiddag verliep relatief voorspoedig. Klik HIER voor de pleitnota van de heer Jonker (pdf). Een korte mondelinge uitspraak van de rechter staat vooralsnog gepland op donderdagmiddag 13 juli as., het schriftelijke vonnis volgt de dag daarna. Lees ook het artikel in De Gelderlander, 7 juli 2017: http://www.gelderlander.nl/arnhem-e-o/rechter-beslist-over-illegale-arnhemse-afvalpas~a7a05c80/.

Update 11 juli 2017: de invoering van Diftar in Arnhem wordt waarschijnlijk uitgesteld tot 1 januari 2019, zie http://www.arnhem-direct.nl/berichten/gemeenteraad-besluit-niet-tot-uitstel-invoering-diftar/. Zie bijvoorbeeld ook https://arnhem.groenlinks.nl/nieuws/raad-pakt-zelf-verantwoordelijkheid-voor-invoering-diftar-na-geharrewar-coalitie.

Update 13 juli 2017: De voorzieningenrechter van de Rechtbank Gelderland heeft Jonkers verzoek vandaag toegewezen en daarom het besluit van de AP geschorst. De rechter oordeelde dat er bij een (voortdurende) privacyschending sprake is van spoedeisendheid bij de handhaving, en dat er in het geval van de Arnhemse adresgebonden afvalpas geen concreet uitzicht bestaat op legalisatie. Gezien het feit dat de AP waarschijnlijk binnen vier weken, en uiterlijk 24 augustus a.s. zijn afwijzende besluit heroverweegt n.a.v. Jonkers bezwaar, achtte de rechter het niet opportuun om de AP te verplichten nu al een last onder dwangsom op te leggen. De rechter sprak wel de verwachting uit dat de AP zal gaan handhaven. Voor de tekst van de rechterlijke uitspraak, zie ECLI:NL:RBGEL:2017:3665.
Zie ook de volgende berichtgeving in de media:
http://www.arnhem-direct.nl/berichten/arnhemse-afvalpas-opnieuw-onder-vuur/
http://www.telegraaf.nl/binnenland/28634796/__Arnhemse_afvalpas_onder_vuur__.html
http://www.binnenlandsbestuur.nl/ruimte-en-milieu/nieuws/arnhemse-afvalpas-houdt-illegaal-gegevens-bij.9567672.lynkx
http://www.gelderlander.nl/arnhem/rechter-autoriteit-had-moeten-optreden-tegen-afvalpas-arnhem~ac57f1b6/
http://www.nu.nl/alphen-aan-den-rijn/4841094/alphen-wellicht-in-overtreding-met-gebruik-afvalpas.html
https://radar.avrotros.nl/nieuws/detail/rechter-verwijst-arnhemse-afvalpas-voorlopig-naar-de-prullenbak/
https://www.privacybarometer.nl/nieuws/3909/Rechter_geeft_Autoriteit_Persoonsgegevens_er_van_langs.

Update 24 juli 2017: vandaag heeft de gemeente Arnhem besloten om alle ondergrondse afvalcontainers 'open' te zetten. Om afval te storten hebben Arnhemmers voorlopig dus geen afvalpas meer nodig. Zie de berichtgeving in De Gelderlander, bij Omroep Gelderland en Arnhem Direct. Privacy First hoopt dat andere gemeenten in een vergelijkbare situatie als Arnhem dit voorbeeld zullen volgen en het gebruik van privacyschendende afvalpassen zullen afschaffen.

Gepubliceerd in Wetgeving
Pagina 3 van 26

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon