donatieknop english

Handhavingsverzoek bij Autoriteit Persoonsgegevens over drie nieuwe privacyschendingen 

Naar aanleiding van drie nieuwe pogingen van Nederlandse Spoorwegen om de privacy van treinreizigers te schenden, heeft NS-klant Michiel Jonker deze week een handhavingsverzoek ingediend bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Het betreft:

  • ŸHet weigeren van de terugbetaling van resterend saldo op anonieme OV-chipkaarten als de houder zijn NAW-gegevens niet aan NS verstrekt;
  • ŸHet weigeren van internationale treintickets door NS-medewerkers aan stationsbalies als kopers hun NAW-gegevens niet aan NS verstrekken;
  • ŸHet in rekening brengen, sinds 2 juli 2018, van extra “servicekosten” als houders van anonieme OV-chipkaarten contant betalen voor het opwaarderen van het saldo op deze kaarten.

Sinds juli 2014 heeft Nederlandse Spoorwegen (NS) al eerder op diverse manieren de aanval ingezet op de privacy van Nederlandse treinreizigers. Het ging toen onder andere om:

  • Het discrimineren van houders van anonieme OV-chipkaarten in de voordeeluren;
  • ŸHet eisen van de-anonimisering van de anonieme OV-chipkaarten bij service-verlening door NS (bijvoorbeeld geld terug bij vertraging);
  • ŸHet aanbrengen van twee unieke pasnummers op elke anonieme OV-chipkaart, waardoor de anonimiteit van die kaarten wordt aangetast.

Als reiziger die zijn privacy wilde behouden, verzocht Jonker herhaaldelijk aan de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) om deze overtredingen te onderzoeken en handhavingsmaatregelen te nemen. Jonker won daarover reeds verschillende rechtszaken tegen de AP, die aanvankelijk weigerde de meldingen zelfs maar te onderzoeken.

Bij de beoordeling van de nieuwe schendingen door NS zal de onlangs in werking getreden Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) een belangrijke rol spelen. Een ander onderwerp dat centraal zal staan, is het recht op betaling met contant geld als wettig betaalmiddel dat tevens de privacy beschermt.

Jonker: “In al deze zaken gaat het om de vraag of gebruikers van het Nederlandse OV recht hebben op een reële, effectieve bescherming van hun privacy. Die vraag is actueler dan ooit, als je ziet hoe er met mensen wordt omgegaan in situaties waarin de privacy niet adequaat wordt beschermd. Dan valt niet alleen te denken aan China met zijn Sociale Kredietscore, of de Verenigde Staten met hun “No Fly”-lijsten, maar ook aan Europese landen waarin de afgelopen jaren wetten zijn aangenomen die het de overheid mogelijk maken reizigers te bespieden die niet worden verdacht van enig strafbaar of risicovol gedrag. Bijvoorbeeld Frankrijk met zijn permanente noodtoestand en Nederland met de Sleepwet.”

Jonker wordt ook in deze nieuwe zaak gesteund door Stichting Privacy First en Maatschappij Voor Beter OV.

Media:
https://www.security.nl/posting/569517/Treinreiziger+wil+dat+privacytoezichthouder+optreedt+tegen+NS
https://tweakers.net/nieuws/140841/privacy-first-en-treinreiziger-willen-dat-ns-beleid-anonieme-chipkaarten-aanpast.html 
https://www.liberties.eu/en/news/ns-privacy-fight-passenger-privacy/15444


Update 23 juli 2018: Na indiening van het handhavingsverzoek bij de AP heeft Jonker nog een verdere schending van de privacy in het OV geconstateerd, eveneens met betrekking tot het ontmoedigen van contante betaling voor vervoerbewijzen. In bussen in verschillende Nederlandse regio's wordt sinds 1 juli 2018 contante betaling geweigerd, zodat reizigers in de bus worden gedwongen daar te pinnen of hun creditcard te gebruiken, en daarmee hun persoonsgegevens te laten verwerken. Dit blijkt te berusten op een landelijk gemaakte afspraak tussen vervoerbedrijven. Op 21 juli jl. heeft Jonker zijn handhavingsverzoek daarom aangevuld met een verzoek aan de AP om in dat kader ook deze privacyschending te onderzoeken en te beëindigen.

Jonker: "Markant is dat de branche-organisatie Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV) muisstil is over deze landelijke afspraak, en dat de maatregel midden in de zomerperiode is ingevoerd. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat er wordt geprobeerd de weigering van een wettig betaalmiddel geruisloos in te laten gaan. Ik heb de AP met een beroep op de WOB gevraagd mij te informeren over alle communicatie die hierover met of door de AP achter de schermen heeft plaatsgevonden."

Media: https://www.security.nl/posting/570899/AP+gevraagd+op+te+treden+tegen+weigeren+contant+geld+in+bus
https://nieuws.nl/algemeen/20180723/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus/
https://radar.avrotros.nl/nieuws/detail/bezwaar-ingediend-tegen-verdwijnen-contant-geld-uit-bus/
https://www.omroepgelderland.nl/nieuws/2320576/Arnhemmer-wil-buskaartje-contant-betalen
https://www.transport-online.nl/site/93550/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-in-bus/ 
http://www.welingelichtekringen.nl/anp/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus
https://panorama.nl/nieuws/binnenland/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus
http://www.dvhn.nl/binnenland/Klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus-23396995.html
http://www.lc.nl/binnenland/Klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus-23396571.html
https://www.nd.nl/nieuws/actueel/binnenland/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus.3076549.lynkx
https://www.metronieuws.nl/in-het-nieuws/2018/07/bezwaar-ingediend-tegen-verdwijnen-contant-geld-bus 

Gepubliceerd in Mobiliteit

Vanmiddag vindt in de Tweede Kamer een belangrijk debat plaats over de invoering van Passenger Name Records (PNR): massale, jarenlange opslag van allerlei gegevens van vliegtuigpassagiers ter bestrijding van misdaad en terrorisme. Privacy First heeft hier grote bezwaren tegen en stuurde dit weekend onderstaande brief naar de Tweede Kamer. Beluister tevens het interview hierover met Privacy First vanochtend op BNR Nieuwsradio:

  (bron: BNR)

Update 14 mei 2018, 10.15u: zojuist is het Kamerdebat geannuleerd en "tot nader order uitgesteld".  

 

Geachte Kamerleden,

Deze maandagmiddag debatteert u met minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) over de Nederlandse implementatie van de Europese richtlijn inzake Passenger Name Records (PNR). Zowel de Europese PNR-richtlijn als de beoogde Nederlandse implementatiewet zijn in de optiek van Privacy First juridisch onhoudbaar. Hieronder zetten wij dit kort voor u uiteen.

Vakantieregister

In het PNR-wetsvoorstel van de minister zullen talloze gegevens van alle vliegtuigpassagiers met vertrek of aankomst in Nederland 5 jaar lang in een centrale overheidsdatabank bij de nieuwe Passenger Information Unit worden bewaard en gebruikt ter voorkoming, opsporing, onderzoek en vervolging van misdrijven en terrorisme. Gevoelige persoonsgegevens (waaronder naam- en adresgegevens, telefoonnummers, emailadressen, geboortedata, reisdata, ID-documentnummers, bestemmingen, medepassagiers en betaalgegevens) van vele miljoenen passagiers zullen daardoor jarenlang beschikbaar zijn t.b.v. datamining en profiling. In wezen wordt iedere vliegtuigpassagier hierdoor behandeld als potentiële crimineel of terrorist. In 99,99% van de gevallen betreft het echter volstrekt onschuldige burgers, voornamelijk vakantiegangers en zakenreizigers. Dit vormt een flagrante schending van hun recht op privacy en vrijheid van beweging. Onlangs heeft Privacy First dit ook in de Volkskrant betoogd. Wegens privacybezwaren bestond er de laatste jaren veel politieke weerstand tegen dergelijke massale PNR-opslag en werd dit sinds 2010 diverse malen verworpen door zowel de Nederlandse Tweede Kamer als het Europees Parlement. In 2015 waren ook de Nederlandse regeringspartijen VVD en PvdA nog mordicus tegen. VVD en PvdA spraken destijds van een "vakantieregister" en dreigden zélf naar het Europees Hof van Justitie te stappen als de Europese PNR-richtlijn zou worden aangenomen. Na de recente aanslagen in Parijs en Brussel leken veel politieke bezwaren echter als sneeuw voor de zon verdwenen en werd de PNR-richtlijn in 2016 alsnog een feit. Tot op heden is de juridisch vereiste maatschappelijke noodzaak en proportionaliteit van deze richtlijn echter nog steeds niet aangetoond.

Europees Hof

In de zomer van 2017 deed het Europees Hof van Justitie een belangrijke uitspraak over het vergelijkbare PNR-verdrag tussen de EU en Canada. Het Hof verklaarde dit verdrag ongeldig wegens strijd met het recht op privacy. Het Hof stelde hierbij onder meer dat “gegevens van een luchtreiziger na diens vertrek slechts mogen worden bewaard indien op grond van objectieve criteria kan worden aangenomen dat deze luchtreiziger een risico kan vormen in het kader van de strijd tegen terrorisme en ernstige grensoverschrijdende criminaliteit.” (Zie Advies 1/15 (26 juli 2017), par. 207.) Door deze uitspraak staat sindsdien de Europese PNR-richtlijn juridisch op losse schroeven. De Nederlandse regering heeft daarom terechte “zorgen over de toekomstbestendigheid van de PNR-richtlijn” (zie recente Nota naar aanleiding van verslag, p. 23). Privacy First verwacht dat de huidige PNR-richtlijn binnenkort ter toetsing aan het Europees Hof van Justitie zal worden voorgelegd en onrechtmatig zal worden verklaard. Daarna zal dezelfde situatie ontstaan als enkele jaren geleden bij de Europese telecom-bewaarplicht: zodra deze Europese richtlijn ongeldig is verklaard, zal de Nederlandse implementatiewetgeving in kort geding buiten werking worden gesteld.

Massa surveillance

Het huidige Nederlandse PNR-wetsvoorstel lijkt bij voorbaat onrechtmatig wegens gebrek aan aantoonbare noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit. Het wetsvoorstel komt neer op massa-surveillance van grotendeels onschuldige burgers; reeds in de Tele-2 zaak (2016) verklaarde het Europees Hof dit type wetgeving illegaal. Bij de VN Mensenrechtenraad deed Nederland in dit verband vorig jaar de algemene toezegging “to ensure that the collection and maintenance of data for criminal purposes does not entail massive surveillance of innocent persons. Nederland lijkt die belofte nu te verbreken. Bij iedere passagier worden immers talloze volstrekt overbodige data opgeslagen die jarenlang door allerlei Nederlandse, Europese en zelfs niet-Europese overheidsinstanties kunnen worden gebruikt. Bovendien is de effectiviteit van PNR tot op heden nooit aangetoond, aldus ook de minister zelf: “statistische onderbouwing is niet voorhanden” (zie Nota naar aanleiding van verslag, p. 8). Het risico op onterechte verdenkingen en discriminatie (door feilbare algoritmes bij profiling) is bij het voorgestelde PNR-systeem levensgroot, wat tevens de kans op vertragingen en gemiste vluchten bij onschuldige passagiers verhoogt. Tegelijkertijd zullen gezochte personen vaak onder de radar blijven en alternatieve reisroutes kiezen. Verder wordt in het wetsvoorstel met geen woord gerept over de rol en mogelijkheden van geheime diensten, terwijl die onder de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten directe, afgeschermde toegang tot de centrale PNR-databank zullen kunnen krijgen. Meest kwalijke aspect aan het Nederlandse PNR-wetsvoorstel is echter dat dit nog twee stappen verder gaat dan de PNR-richtlijn zelf: Nederland kiest er immers zélf voor om ook de data van passagiers op alle intra-EU vluchten op te slaan. Onder de PNR-richtlijn is dit echter niet verplicht, en had Nederland dit bovendien kunnen beperken tot louter vooraf geselecteerde (risico)vluchten. Dit zou in lijn geweest zijn met het advies van de meeste experts op dit terrein: targeted i.p.v. mass surveillance, zo gericht mogelijk, oftewel louter gericht op die personen waarop een redelijke verdenking rust, conform de principes van onze democratische rechtsstaat.

Advies Privacy First

Privacy First adviseert u hierbij met klem om het huidige wetsvoorstel te verwerpen en dit desgewenst te vervangen door een privacyvriendelijke versie. Mocht dit ertoe leiden dat Nederland door de Europese Commissie voor het EU Hof van Justitie zal worden gedaagd wegens gebrek aan implementatie van de huidige Europese PNR-richtlijn, dan verwacht Privacy First dat Nederland deze zaak glansrijk zal winnen. Van EU-lidstaten mag immers niet worden verwacht dat zij privacyschendende EU-regels implementeren. Nederland heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid.

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Hoogachtend,

Stichting Privacy First

Gepubliceerd in Wetgeving

"Als het aan de Tweede Kamer ligt, kunnen de vluchtgegevens van alle Nederlanders binnenkort voor vijf jaar worden opgeslagen in een overheidsdatabase.

Woensdag debatteert de Kamer over het wetsvoorstel dat dit mogelijk maakt. De Kamer is in ruime meerderheid voor, maar tegenstanders waarschuwen voor ‘ernstige en disproportionele’ schending van de privacy van burgers.

De nieuwe wet verplicht luchtvaartmaatschappijen de gegevens van alle passagiers standaard aan te leveren. Daardoor ontstaat er een database waarin passagiersgegevens maximaal vijf jaar mogen worden bewaard. Minister Grapperhaus van Justitie is verplicht de wet in Nederland uit te voeren, op basis van een Europese richtlijn die in 2016 werd aangenomen in het Europees Parlement.

(...)

Volgens Vincent Böhre van belangenorganisatie Privacy First is de wet verre van proportioneel. Hij wijst erop dat veruit de meeste vliegende reizigers op vakantievluchten zitten. ‘Voor minder dan 1 procent van de passagiers maak je 100 procent collectief verdacht.’ Böhre hekelt daarnaast de enorme hoeveelheid informatie die in de database zal worden opgeslagen. ‘Reisinformatie zegt ontzettend veel over wie je bent en wat je doet. Je kunt een heel profiel van mensen maken aan de hand van hun bewegingen. Het is een grote inbreuk op de privacy.’

Gerrit-Jan Zwenne, hoogleraar recht en informatiemaatschappij aan de Universiteit Leiden, denkt dat de wet veel problemen met zich mee kan brengen. (...) De hoogleraar benadrukt dat de wet ook in strijd kan zijn met eerdere uitspraken van het Hof van Justitie van de Europese Unie. ‘Vergelijkbare wetten zijn door het hof al eerder geannuleerd.’ Het is volgens hem denkbaar dat hetzelfde gebeurt met deze wet. De wet zou dan over een paar jaar alweer aangepast moeten worden. (...)

Wat zeggen je reisgegevens over jou? ‘Meer dan je zou denken’, zegt Vincent Böhre van Privacy First. ‘Je wilt in ieder geval niet dat ze in verkeerde handen vallen.’ Drie voorbeelden:

Iemand thuis?

De database bestaat uit vertrek- en terugkomstinformatie van miljoenen mensen. Er staat dus in wanneer mensen van huis weg zijn. Böhre: ‘Dat is behoorlijk gevaarlijk. Je kunt eruit afleiden wanneer iemands huis verlaten is. Dat is hele nuttige data voor criminelen. Omdat nu alle data van miljoenen mensen elektronisch wordt opgeslagen levert dat een risico op hacks op. Dat is een risico dat iedereen aangaat.’

Intieme informatie

In het register wordt ook opgeslagen met wie iedereen reist. Er staat ook in naast wie je op de stoel zit. Böhre: ‘Daaruit kun je de relaties tussen mensen afleiden. En dat breekt in op je privacy. Mensen kunnen allerlei redenen hebben om hun relaties verborgen te willen houden. Het kunnen geheime relaties zijn waarmee mensen zelfs gechanteerd kunnen worden. Het zijn heel gevoelige data. Je hele sociale leven kan in die data verstopt zitten.’

Medische redenen

De meeste mensen reizen met het vliegtuig om vervolgens langere tijd ergens te verblijven. Uitzonderingen daarop kunnen opvallen in de data. Böhre: ‘Mensen die naar een ongewoon land gaan voor een korte periode, reizen vaak voor een medische ingreep. Medische informatie behoort tot de meest gevoelige. Zulke informatie wil je privé houden, de mogelijkheid dat het nu in een grote database komt waarin allerlei patronen te ontdekken zijn, brengt dat in gevaar.’"

Bron: Volkskrant 25 april 2018, pp. 6-7. Lees hier het volledige artikel: https://beta.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/mag-de-overheid-straks-uw-reisgegevens-voor-vijf-jaar-bewaren-~b0f514e2/.

Gepubliceerd in Wetgeving

Op 21 november jl. nam de Eerste Kamer een controversieel wetsvoorstel aan waardoor de reisbewegingen van iedere automobilist 4 weken in een centrale politiedatabank zullen belanden. Privacy First start een rechtszaak om dit wetsvoorstel onrechtmatig te laten verklaren wegens strijd met het recht op privacy.

Massale privacyschending

Vast beleid van Stichting Privacy First is om massale privacyschendingen bij de rechter aan te vechten en onrechtmatig te laten verklaren. Privacy First deed dit de laatste jaren reeds met succes bij de centrale opslag van ieders vingerafdrukken onder de Paspoortwet en de opslag van ieders communicatiegegevens onder de Wet bewaarplicht telecommunicatie. Een actueel wetsvoorstel dat zich bij uitstek voor een dergelijke rechtszaak leent is het wetsvoorstel van minister Grapperhaus inzake Automatic Number Plate Recognition (automatische nummerplaatherkenning, ANPR). Onder dit wetsvoorstel zullen de kentekens van alle auto's in Nederland (oftewel ieders reisbewegingen) door middel van cameratoezicht vier weken in een centrale politiedatabank worden opgeslagen voor opsporing en vervolging. Iedere automobilist wordt hierdoor een potentiële verdachte. Dit is totaal niet noodzakelijk, volstrekt disproportioneel en bovendien ineffectief. Het wetsvoorstel is daarom in strijd met het recht op privacy en daarmee onrechtmatig.

Oud wetsvoorstel

Het huidige ANPR-wetsvoorstel werd reeds in februari 2013 bij de Tweede Kamer ingediend door voormalig minister Opstelten. Voorheen was ook minister van Justitie Hirsch Ballin al in 2010 van plan om een vergelijkbaar voorstel in te dienen met een bewaartermijn van 10 dagen. Vervolgens verklaarde de Tweede Kamer dit voorstel echter controversieel. De ministers Opstelten en Van der Steur deden er in het huidige wetsvoorstel alsnog drie scheppen bovenop: 4 weken opslag van ieders reisbewegingen. Wegens privacybezwaren lag de parlementaire behandeling van dit wetsvoorstel vervolgens jarenlang stil, maar werd daarna alsnog door de Tweede en Eerste Kamer heen geloodst. Het wetsvoorstel past echter allang niet meer in deze tijd: het is reeds ingehaald door Europese rechtspraak waardoor dit type wetgeving (massale opslag van gegevens van onschuldige burgers) onrechtmatig is verklaard. Bovendien heeft de ANPR-praktijk in binnen- en buitenland reeds uitgewezen dat massale ANPR-opslag niet werkt.

Rechtszaak

Privacy First zal nu (in coalitie met andere maatschappelijke organisaties) een rechtszaak beginnen om de nieuwe ANPR-wet buiten werking te laten stellen. Privacy First heeft daartoe via Pro Bono Connect het gerenommeerde advocatenkantoor CMS Derks Star Busmann ingeschakeld. De eerste formele processtap is gisteren genomen: per brief (PDF) heeft Privacy First aan minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) om overleg ex art. 3:305a BW gevraagd. Mocht dit overleg niet tot intrekking van het ANPR-wetsvoorstel leiden, dan valt onverbiddelijk het zwaard van Damocles: Privacy First c.s. zullen dan de Nederlandse Staat in kort geding dagvaarden om de wet buiten werking te laten stellen wegens strijd met Europees privacyrecht. Gezien de Europese en Nederlandse jurisprudentie terzake achten Privacy First c.s. de kans op een succesvolle rechtsgang buitengewoon hoog.

Gepubliceerd in Rechtszaken

Morgen behandelt de Eerste Kamer een controversieel wetsvoorstel waardoor de reisbewegingen van iedere automobilist 4 weken in een politiedatabank zullen belanden. Vandaag verzocht Privacy First de Eerste Kamer om dit wetsvoorstel te verwerpen. Hieronder volgt de volledige tekst van onze brief (PDF):
 

Geachte Kamerleden,

Morgen gaat u met de minister van Justitie in debat over het wetsvoorstel inzake Automatische Nummerplaat Registratie (ANPR). Reeds sinds 2011 heeft Privacy First haar kritische standpunt over dit wetsvoorstel talloze malen kenbaar gemaakt, zowel in de media als richting Tweede en Eerste Kamer als aan de minister persoonlijk. Op 20 juni jl. vond over het wetsvoorstel in uw Kamer een kritische hoorzitting plaats.[1] Teneur van deze hoorzitting was dat dit wetsvoorstel niet voldoet aan de juridische vereisten van noodzaak en proportionaliteit. Bovendien is de effectiviteit van ANPR tot op heden niet aangetoond.[2] Het wetsvoorstel past om deze redenen niet in een democratische rechtsstaat en dient daarom verworpen te worden.

Wetsvoorstel is juridisch onhoudbaar

Het wetsvoorstel voldoet niet aan de vereisten die het Europees Hof van Justitie de laatste jaren aan dit type wetgeving heeft gesteld in de zaken Digital Rights en Tele2.[3] Bij dit wetsvoorstel is immers sprake van algemene, ongedifferentieerde gegevensopslag en wordt die opslag niet beperkt tot dat wat strikt noodzakelijk is. Bovendien ontbreekt voorafgaande rechterlijke toetsing bij toegang tot de gegevens. Privacy First verwacht dan ook dat de rechterlijke macht het wetsvoorstel desgevraagd onverbindend zal verklaren wegens strijd met Europees privacyrecht.

ANPR-sleepnet

In de kern komt het huidige wetsvoorstel neer op massale opslag van ieders reisbewegingen op de openbare weg. De maatschappelijke weerstand tegen dergelijke massa-surveillance is groot en neemt immer toe, getuige de volksopstand tegen de centrale opslag van ieders vingerdrukken onder de Paspoortwet in 2009-2011, de rechterlijke buitenwerkingstelling van de telecom-bewaarplicht in 2015 en het aanstaande referendum (en geplande grootschalige rechtszaak) tegen de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv), ook wel ‘Sleepwet’ genoemd. Het huidige ANPR-wetsvoorstel vormt een vergelijkbaar sleepnet: niet van ieders vingerafdrukken, telecommunicatie of internetgedrag, maar van ieders reisbewegingen. Mocht uw Kamer dit wetsvoorstel desondanks goedkeuren, dan rest Privacy First geen andere optie dan dit door de rechter ongedaan te laten maken.

Internationale kritiek

Privacy First staat hierin niet alleen: diverse organisaties hebben reeds toegezegd zich bij onze rechtszaak tegen het ANPR-sleepnet te zullen aansluiten. Ook in het buitenland neemt de kritiek op ANPR toe: onlangs won ANPR in België een nationale Big Brother Award.[4] Daarnaast ontving Nederland vanuit de VN Mensenrechtenraad in Genève in mei dit jaar het volgende dringende advies: “Take necessary measures to ensure that the collection and maintenance of data for criminal purposes does not entail massive surveillance of innocent persons.”[5] De Nederlandse regering heeft dit advies in september jl. uitdrukkelijk geaccepteerd.[6] Daarmee heeft Nederland op internationaal niveau stelling genomen tegen massa-surveillance. Het huidige wetsvoorstel ANPR is hiermee in strijd en dient daarom te worden verworpen.

Huidige praktijk reguleren

De huidige ANPR-praktijk vindt plaats op basis van artikel 3 Politiewet. Dit oude, brede vangnet-artikel is daar echter nooit voor bedoeld en voldoet niet aan de moderne vereisten van artikel 8 EVRM (recht op privacy). De huidige ANPR-praktijk is daarom onrechtmatig. Het Nederlandse parlement zou beter die huidige praktijk wettelijk kunnen reguleren en van strikte privacywaarborgen moeten voorzien: louter opslag van kenteken-hits en slechts tijdelijke opslag van no-hits in concrete, uitzonderlijke gevallen, na rechterlijke toestemming. Het huidige wetsvoorstel schiet hier echter mijlenver voorbij: iedere automobilist wordt hierdoor een potentiële verdachte en belandt 4 weken in een centrale politiedatabank. Onder de nieuwe Wiv zal deze databank bovendien direct toegankelijk kunnen worden voor AIVD en MIVD en zullen ANPR-data tevens uitgewisseld kunnen worden met buitenlandse diensten. Massa-surveillance wordt hierdoor een feit. Nederland wordt hierdoor een Big Brother maatschappij. Dit vormt een historische breuk met het verleden. Het is aan uw Kamer om dit te voorkomen en aan te sturen op betere, privacyvriendelijke wetgeving waardoor Nederland vrij én veilig zal kunnen blijven.

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..


Hoogachtend,


Stichting Privacy First



[1] Zie https://www.privacyfirst.nl/aandachtsvelden/wetgeving/item/1075-hoorzitting-eerste-kamer-over-wetsvoorstel-anpr.html.

[2] Zie bijvoorbeeld meest recentelijk WODC, ANPR: toepassingen en ontwikkelingen (december 2016), https://www.wodc.nl/onderzoeksdatabase/2387-intelligente-toepassingen-van-automatic-number-plate-recognition.aspx.

[3] Zie Hof van Justitie van de Europese Unie, gevoegde zaken C-293/12 & C-594/12 (Digital Rights, 8 april 2014) en gevoegde zaken C203/15 & C698/15 (Tele2, 21 december 2016).

[4] Zie https://bigbrotherawards.be/nl/.

[5] Zie https://www.privacyfirst.nl/aandachtsvelden/wetgeving/item/1071-nederland-onder-de-loep-bij-verenigde-naties.html. Zie in dit verband tevens de recente brief van de VN Hoge Commissaris voor de Mensenrechten aan de Nederlandse regering, waarin dit advies wordt herhaald en wordt aangedrongen op implementatie en rapportage: https://www.upr-info.org/sites/default/files/document/session_27_-_may_2017/letter_for_implementation_3rd_upr_nld_e.pdf (23 oktober 2017).

[6] Zie UN Doc. A/HRC/36/15/Add.1 (14 september 2017), beschikbaar op https://www.upr-info.org/sites/default/files/document/netherlands/session_27_-_may_2017/a_hrc_36_15_add.1_e.pdf

 

Update 21 november 2017: vanmiddag heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel ANPR aangenomen. SGP, ChristenUnie, VVD, PvdA, CDA, 50Plus, OSF & PVV stemden voor. D66, GroenLinks, SP & PvdD stemden tegen. Privacy First c.s. zullen nu een rechtszaak beginnen om deze wet onrechtmatig te laten verklaren wegens strijd met Europees privacyrecht. Nadere berichtgeving hierover volgt zeer binnenkort.

Gepubliceerd in Wetgeving

Privacy First in hoger beroep in rechtszaak anoniem betalen en parkeren


Afgelopen week heeft de rechter uitspraak gedaan in mijn zaak voor het behoud van het recht om cashbetalingen te kunnen blijven doen bij overheidsdiensten. Dit vanuit de idee dat ik anonieme betalingen wil kunnen doen in het geval mijn persoonsgegevens hierin betrokken worden en dat ik geen keuzevrijheid heb bij het afnemen van een monopolistische overheidsdienst. Mijn irritatie over de onstuitbare controlewaanzin van overheden, goedbedoeld ambtelijk amateurisme en het vilein omdraaien van rechtsprincipes zijn de redenen om in vele zaken (maar zeker in deze zaak) de rechter in te zetten. De rechter besloot echter dat er in deze zaak geen inbreuk zou zijn op de privacy en heeft de zaak daarmee terzijde geschoven zonder de principiële en inhoudelijke kant in behandeling te nemen.

Na 10 jaar principiële rechtszaken voeren kan ik wel concluderen dat ons rechtssysteem zich niet kan verweren tegen politieke en ambtelijke uitholling van binnenuit. Er ontbreekt een belangrijke check & balance, namelijk toetsing van wetgeving aan de Grondwet door een onafhankelijk rechterlijk college zoals in Duitsland het Constitutionele Hof in Karlsruhe. Steeds weer duiken Nederlandse rechters in dit soort zaken weg vanuit de argumentatie dat zij niet “over” de wetgeving heen recht kunnen spreken, dat de gekozen route bestuursrechtelijk hetzij strafrechtelijk aangevlogen had moeten worden, dat Privacy First of daarvoor optredende eisers niet ontvankelijk zijn om de rechtszaak te voeren en zo nog meer redenen om maar vooral niet tot een principiële uitspraak te hoeven komen. Verder en verder glijdt Nederland daardoor af in plaats van juist sterker uit de strijd te komen vanuit nieuwe technologie en mogelijkheden om eeuwenoude rechtsprincipes te beschermen.

Zo ook weer in onze zaak om anoniem (cash) te kunnen betalen voor parkeren. Privacy First gaat hierbij uit van het recht op anonimiteit in de openbare ruimte en het recht op anonieme betaling met contant geld danwel een ander waterdicht technologisch alternatief. Opvallend aan deze zaak (en ook onze eerdere zaak over trajectcontroles) is dat de rechter niet inhoudelijk wenst te toetsen. De rechter beargumenteert ten onrechte dat de privacy hier niet in het geding is en komt daardoor niet aan toetsing toe. De rechter ontduikt daarmee zijn rechterlijke verantwoordelijkheid, als een soort juridische struisvogelpolitiek.

In de optiek van Privacy First is het recht op privacy hier wel degelijk in het geding: middels kentekenparkeren heeft de overheid immers onbeperkt zicht op wie waar en wanneer in Nederland parkeert. Dit is in strijd met het recht van burgers om in eigen land vrij en anoniem te kunnen reizen en parkeren. Dit wordt nog verergerd door het gebrek aan contante betaalmogelijkheid: middels elektronische betaling is immers traceerbaar wie waar en wanneer parkeert. Daarmee vormt verplicht kentekenparkeren met verplichte elektronische betaling een dubbele privacyschending.

De arrogante overheidshouding is stuitend als men bedenkt dat de Hoge Raad reeds bepaald heeft dat invoering van het kenteken niet verplicht mag worden gesteld en de Nederlandse gemeenten hier gewoon mee doorgaan en een reis- en verblijfsdatabase optuigen buiten het zicht van de burger. Privacy First heeft daarom in kort geding geëist om dit gedrag van gemeenten te verbieden, waarna de rechter dit afwees wegens zogenaamde “complexiteit”... complex van wat en voor wie? De huidige bodemprocedure bij de belastingrechter heeft meer dan een jaar geduurd, met maar liefst twee rechtszittingen en tussentijdse verwijzing van enkelvoudige naar meervoudige kamer (vanwege de complexiteit van deze principiële zaak van groot maatschappelijk belang). Met als resultaat echter opnieuw een oppervlakkig en halfslachtig vonnis waarin vrijwel niets inhoudelijk en kritisch wordt getoetst, het zogenaamde “ontwijk- of struisvogelvonnis” dat wij inmiddels gewend zijn bij principiële (privacy)zaken.

Privacy First gaat nu in hoger beroep en hoopt dat het Hof Amsterdam wél in staat zal zijn (en de rechterlijke moed zal hebben) om alsnog een kritische uitspraak te doen. Het gaat in deze zaak immers om principiële kwesties die de hele bevolking aangaan: anonimiteit in de openbare ruimte en het recht om contant te betalen. Nieuwe technologie zou voor deze uitgangspunten ingezet moeten worden in plaats van deze uit te hollen en te vernietigen. Contant geld is een wettig betaalmiddel. In monopoliesituaties hebben burgers het recht om te kunnen kiezen tussen elektronische en contante betaling, zo luidt de formele Nederlandse consensus. In 2015 verscheen hierover een uitvoerig rapport van het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer (MOB) waarin dit standpunt unaniem wordt onderschreven door alle Nederlandse organisaties die zich met betaalverkeer bezighouden, waaronder de Nederlandsche Bank.

Kentekenparkeren is een monopoliesituatie: de parkeerder kan hiervoor maar bij één partij terecht. Reeds daarom zou contante betaling mogelijk moeten zijn. Dit is immers het enige betaalmiddel dat anonimiteit garandeert. Contant geld is bovendien een kwestie van Europees recht. In hoger beroep zal Privacy First dan ook trachten te bewerkstelligen dat deze kwestie aan het Europees Hof van Justitie in Luxemburg wordt voorgelegd. Hierover bestaat immers nog geen jurisprudentie, terwijl deze kwestie voor alle Europeanen van belang is en steeds belangrijker wordt naarmate cash geld steeds meer wordt uitgebannen en het recht op anonieme betaling steeds meer onder druk komt te staan. In de huidige uitspraak van de rechtbank Amsterdam valt niets van dit alles terug te lezen. Het is een wereldvreemd vonnis dat totaal los lijkt te staan van de juridische en feitelijke realiteit.

Privacy First vraagt zich inmiddels af: is de Nederlandse rechterlijke macht eigenlijk wel geëquipeerd voor dit soort zaken? Is er bij de rechterlijke macht voldoende kennis aanwezig van het privacyrecht en ICT-kennis om deze zaken goed en grondig te kunnen behandelen? Beseft de rechterlijke macht welke implicaties het heeft om dit soort privacyschendende ontwikkelingen volstrekt ongemoeid te laten? Tot welk soort maatschappij gaat dit leiden? Privacy First staat voor Nederland Privacy Gidsland en de inzet van nieuwe technologie ter versterking van de rechtsstaat. Vanuit principes. Niet vanuit politiek opportunisme.


Bas Filippini,
voorzitter Stichting Privacy First


Lees hier de hele uitspraak van de rechtbank Amsterdam op rechtspraak.nl.

Gepubliceerd in Columns

"De omgang met privacygevoelige kentekenfoto's door de Belastingdienst was de afgelopen jaren technisch en organisatorisch niet op orde. Voor de fiscus niet-relevante gegevens over miljoenen kentekens werden jarenlang niet verwijderd.

Dat blijkt uit documenten die op verzoek van het ANP zijn vrijgegeven.

In interne memo's (pdf) staat dat "geen schoning" plaatsvond van de jaarlijks 1 miljoen kentekenfoto's die de fiscus zelf verzamelde met camera-auto's met automatische kentekenherkenning (ANPR). "De fotogegevens en metadata zijn vanaf 2010 nog beschikbaar".

Volgens de Wet bescherming persoonsgegevens mogen dit soort data niet langer worden bewaard dan noodzakelijk. Pas eind vorig jaar schoonde de fiscus eenmalig deze bestanden op. De Belastingdienst erkent dat het bewaren onterecht was.

Vernietigd

Inmiddels is het inwinnen en gebruik van de kentekenfoto's gestopt en zijn de gegevens vernietigd. Dat gebeurde nadat de Hoge Raad begin dit jaar had bepaald dat er geen wettelijke basis was om de kentekenfoto's te gebruiken voor het aantonen van privégebruik van auto's van de zaak.

Volgens de rechters was sprake van systematisch verzamelen van gegevens over de bewegingen van voertuigen.

In een reactie laat de Belastingdienst weten dat er "ten tijde van de uitspraak van de Hoge Raad een gestructureerd proces voor het systematisch vernietigen van de niet-relevante ANPR-gegevens in voorbereiding was". Ook zegt de dienst dat de opgeslagen gegevens wel "steeds volgens de geldende richtlijnen zijn beveiligd".

Beheer

Privacy First is kritisch en spreekt van een "opeenstapeling van onrechtmatigheden". Behalve het ontbreken van een wettelijke basis en het opslaan van niet-relevante gegevens, was volgens Vincent Böhre van de privacyorganisatie ook de "organisatorische puinhoop" onrechtmatig.

Ambtenaren concludeerden de afgelopen jaren dat het beheer "niet juist was belegd en ingeregeld". Er was sprake van ICT-problemen en provisorische systemen. Het beheer was niet ondergebracht bij de juiste afdelingen. Veel werk moest bovendien handmatig worden gedaan en het ontbrak aan deskundigheid en vaste werkwijzen. Het beheer van bewaartermijnen werd daardoor niet structureel, maar alleen ad hoc gedaan.

Dat was ook het geval bij de vele miljoenen foto's die de fiscus verkreeg uit ANPR-camera's van de politie. Niet-relevante gegevens werden hier wel binnen twee weken gewist, maar mogelijk bruikbare kentekenfoto's (52 miljoen van de 130 miljoen per jaar) bleven enkele jaren bewaard."

Bron: http://www.nu.nl/binnenland/4904951/belastingdienst-had-beheer-kentekenfotos-jarenlang-niet-orde.html , 2 september 2017.

Zie ook https://www.rtlnieuws.nl/geld-en-werk/onzorgvuldige-belastingdienst-bewaarde-kentekenfotos-veel-te-lang
http://www.telegraaf.nl/dft/29111797/__Kentekenfoto_s_onterecht_bewaard__.html
https://www.ad.nl/binnenland/kentekenfoto-s-door-belastingdienst-onterecht-bewaard~a45895b5/
https://nos.nl/artikel/2190991-belastingdienst-bewaarde-onterecht-kentekenfoto-s.html
https://www.nrc.nl/nieuws/2017/09/02/kentekenfotos-onterecht-door-belastingdienst-bewaard-a1572036
https://www.volkskrant.nl/politiek/belastingdienst-bewaarde-ten-onrechte-miljoenen-kentekenfoto-s~a4514668/
https://fd.nl/economie-politiek/1216719/fiscus-verzuimde-gegevens-kentekens-te-verwijderen
https://www.security.nl/posting/529607/Fiscus+bewaarde+niet-relevante+data+over+miljoenen+kentekens

Gepubliceerd in Cameratoezicht

NS laat reiziger extra betalen voor privacy. Autoriteit Persoonsgegevens weigert te handhaven. Raad van State gaat zaak beoordelen.

Op maandag 4 september as. zal de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State zich buigen over twee rechtsvragen: mag de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) weigeren om te handhaven wanneer treinreizigers met een voordeelurenabonnement door NS worden gedwongen om extra te betalen als zij hun privacy willen behouden? Of mag de AP misschien zelfs weigeren om de zaak überhaupt te onderzoeken, ondanks haar toezichthoudende taak?

Drie jaar geleden schafte NS de papieren treinkaartjes af en verplichtte alle reizigers voortaan een OV-chipkaart te gebruiken. Het bleek dat reizigers die omwille van hun privacy voor een anonieme OV-chipkaart kozen, van NS geen voordeelurenkorting krijgen – ook niet als zij al vele jaren in het bezit zijn van een voordeelurenabonnement. Arnhemmer Michiel Jonker vroeg de AP om handhavend op te treden, wat de AP weigerde. Op 16 augustus 2016 gaf de Rechtbank Gelderland Jonker deels gelijk en gelaste dat de AP de zaak alsnog serieus moest onderzoeken, maar verplichtte de AP nog niet om handhavend op te treden. De AP en Jonker gingen beiden in hoger beroep bij de Raad van State.

Met ingang van 9 juli 2014 heeft NS Reizigers BV het voor abonnementhouders onmogelijk gemaakt om een papieren kaartje te kopen dat in de trein samen met hun abonnementskaart wordt gecontroleerd. Wie in de voordeeluren met korting wil reizen, mag dat van NS alleen als hij in- en uitcheckt met een persoonsgebonden OV-chipkaart waarop ook zijn identiteit staat vermeld. Het gevolg hiervan is dat reizigers alleen nog voordeelurenkorting krijgen als zij al hun individuele reisbewegingen via de persoonsgebonden OV-chipkaart door NS laten registreren. Als zij hun privacy wensen te behouden, verliezen zij hun voordeelurenkorting.

Jonker ervaart het feit dat een reiziger met privacy in de voordeeluren meer moet betalen dan een reiziger zonder privacy, als een vorm van discriminatie. “Ik wil net als vroeger het openbaar vervoer kunnen gebruiken zonder dat een bedrijf of de overheid precies kan bijhouden waar ik op welk moment geweest ben. Daarvoor is de anonieme OV-chipkaart ook bedoeld. Maar die wordt op deze manier ontmoedigd. Er wordt een ongerechtvaardigd onderscheid gemaakt tussen mensen met privacy en mensen zonder privacy. Mensen die hun privacy willen houden, moeten meer betalen. Dat is discriminatie. NS probeert me er zo toe te dwingen mijn privé-reisgegevens voor commerciële doelen ter beschikking te stellen. Nederlandse wetten en Europese verdragen verbieden dat.”

Ook heeft Jonker bezwaar tegen de wijze waarop NS zijn persoonsgegevens heeft overgedragen aan Trans Link Systems (TLS). “NS zegt dat ik een contract met TLS heb, maar dat is onzin. Ik heb nooit zo’n contract afgesloten, en dat heeft geen enkele treinreiziger. NS heeft zijn algemene voorwaarden veranderd. Maar NS kan niet rechtmatig in zijn algemene voorwaarden opnemen dat ik opeens een contract over mijn persoonsgegevens afgesloten zou hebben met een derde. Je ziet hier hoe de zogenaamde privatisering van een publieke voorziening, het OV, leidt tot onrechtmatige praktijken.”

-- De AP is in hoger beroep gegaan tegen de opdracht van de rechtbank om de zaak nu serieus te gaan onderzoeken.

-- Jonker is in hoger beroep gegaan tegen het ontbreken van een opdracht aan de AP om, na al die jaren van gedogen, zelfs maar een voornemen kenbaar te maken om te gaan handhaven.

-- Ook NS zal in de rechtszaal deelnemen aan het geding.

Jonker wordt in deze zaak gesteund door Stichting Privacy First en Maatschappij voor Beter OV. De rechtszitting is openbaar: iedereen is welkom om de zitting bij te wonen.

Zaakinformatie: M. Jonker vs. Autoriteit Persoonsgegevens, zaaknr. 201607123/1/A3.
Tijdstip: maandag 4 september 2017, 10.30u.
Locatie: Raad van State, Kneuterdijk 22, Den Haag. Klik HIER voor een routebeschrijving.


Update 4 september 2017: de rechtszitting vandaag verliep relatief voorspoedig, de rechters zaten goed in de materie. Klik HIER voor de pleitnota van de heer Jonker (pdf). Over 6 weken (of later) doet de Raad van State uitspraak.

Media:
https://www.computable.nl/artikel/nieuws/security/6191053/250449/conflict-ap-en-privacy-first-om-ov-chipkaart-ns.html
https://www.ad.nl/economie/privacy-wordt-geschonden-door-ov-chipkaart-met-abonnement~a4405fa0/
http://www.gelderlander.nl/economie/privacy-wordt-geschonden-door-ov-chipkaart-met-abonnement~a4405fa0/
http://www.hartvannederland.nl/nieuws/2017/ns-beperkt-korting-onterecht-tot-abonnees/
https://www.bnr.nl/nieuws/mobiliteit/10328758/dalurenkorting-ns-discriminatie-of-niet
http://www.treinreiziger.nl/reiziger-eist-anoniem-reizen-ook-abonnement/
http://www.dvhn.nl/binnenland/NS-beperkt-korting-onterecht-tot-abonnees-22465090.html
https://www.security.nl/posting/529824/Raad+van+State+onderzoekt+of+AP+moet+optreden+tegen+NS


Update 22 september 2017: de Raad van State heeft op 20 september jl. uitspraak gedaan in de zaak, zie ECLI:NL:RVS:2017:2555. In een eerste reactie zegt Jonker: “Een uitspraak twee weken na de zitting is opvallend snel, ook gezien de termijn van zes weken of langer die de Raad van State ter zitting had aangekondigd. Mogelijk heeft de Raad van State snel uitspraak gedaan om nog niets te hoeven zeggen over de uitkomst van het onderzoek dat de AP afgelopen jaar in opdracht van de rechtbank heeft gedaan, en waarover de AP binnenkort een besluit neemt. Of misschien wil de Raad de AP gelegenheid geven om zo’n nieuw besluit af te stemmen op de uitspraak.”

Samenvatting op hoofdpunten van de uitspraak:

(1) De Raad van State stelt, net als de rechtbank, Jonker inhoudelijk in het gelijk: de AP had Jonkers handhavingsverzoek niet mogen afwijzen zonder in deze specifieke zaak voldoende onderzoek te doen.

(2) Uit de eerdere onderzoeken waarnaar de AP had verwezen, blijkt volgens de Raad van State niet “of de verwerking van persoonsgegevens door middel van een persoonlijke OV-chipkaart noodzakelijk is voor het sluiten en de uitvoering van de overeenkomst betreffende het voordeelurenabonnement”, en ook niet “of als gevolg van het verplicht stellen van de persoonlijke OV-chipkaart voor een abonnement die verwerking van persoonsgegevens toereikend, ter zake dienend en niet bovenmatig is.”

(3) Voorts constateert de Raad van State dat “de omstandigheid dat de OV-chipkaart in haar algemeenheid voldoet aan de Wbp, niet betekent dat de omstandigheid dat het onmogelijk is een persoonlijk product te combineren met een anonieme kaart ook voldoet aan de Wbp.”

(4) Verder is de Raad het met de rechtbank eens dat de AP uit de door NS zelf opgestelde algemene voorwaarden en de voorwaarden van het voordeelurenabonnement niet het bestaan van een noodzaak voor het verwerken van persoonsgegevens mocht afleiden.

(5) De Raad is het anderzijds niet met Jonker eens dat de AP op basis van de reeds bekende feiten al had moeten concluderen dat er aanleiding was voor een voornemen tot handhaving. Volgens de Raad hoeft de AP daarover pas een standpunt in te nemen na een meer uitgebreid onderzoek.

(6) Procedureel is de Raad het met de AP eens dat de rechtbank de AP geen opdracht had mogen geven tot het doen van een meer uitgebreid onderzoek op grond van artikel 60 Wbp. Volgens de Raad had de rechtbank alleen het afwijzingsbesluit van de AP moeten vernietigen, zonder opdracht te geven tot zo’n onderzoek, omdat de rechtbank zich daarmee “de beleidsruimte van de AP toeëigende”. De AP heeft in haar beleid een “fasering” van onderzoek opgenomen, waarbij het door de rechtbank opgedragen onderzoek pas in fase III valt.

Jonker: “Ik ben blij dat de Raad van State me, net als de rechtbank, inhoudelijk in het gelijk heeft gesteld dat mijn handhavingsverzoek door de AP niet zo makkelijk had mogen worden afgewezen. De Raad heeft een aantal drogredeneringen doorgeprikt die de AP naar voren had gebracht.”

Toch is Jonker niet helemaal tevreden: “De uitspraak van de Raad van State leidt er ook toe dat de AP nu in een nieuwe ronde de gelegenheid krijgt om weer nieuwe argumenten te verzinnen om mijn handhavingsverzoek toch nog te gaan afwijzen. Het voelt een beetje als een knockout-toernooi met twee deelnemers en een half dozijn rondes, waarbij het thuisteam, de AP dus, meteen al verzekerd is van een finaleplaats, terwijl de andere partij, ik dus, in al die rondes de wedstrijd moet winnen om zelfs maar in de finale te komen. En als ik ook maar één echte fout maak, lig ik eruit. Dat is eigenlijk het tegenovergestelde van effectieve rechtsbescherming. Wat me ook opvalt is dat de Raad van State het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) met geen woord heeft genoemd, terwijl het EVRM een meer fundamentele bescherming biedt dan de door de Raad wel genoemde Europese Privacyrichtlijn. Ik heb steeds naar het EVRM verwezen.”

Gevraagd wat eventuele nieuwe argumenten van de AP dan zouden kunnen zijn, antwoordt Jonker: “Net vorige week heb ik een zogeheten bevindingenrapport van de AP ontvangen over het onderzoek dat de AP in opdracht van de rechtbank moest doen. Maar omdat de AP mij verzocht heeft daar vertrouwelijk mee om te gaan totdat de AP een nieuw besluit heeft genomen over mijn handhavingsverzoek, wil ik daar op dit moment verder niks over zeggen. De AP had dat rapport natuurlijk aan mij moeten toesturen ruim voorafgaand aan de rechtszitting van de Raad van State, maar koos er helaas voor om daarmee te wachten tot na de rechtszitting – terwijl NS in essentie wel op de hoogte was. Dat draagt niet bij aan een eerlijk proces. Volgende week houdt de AP een hoorzitting. En daarna duurt het waarschijnlijk nog een aantal weken voordat de AP een nieuw besluit neemt. Tegen dat besluit kan ik dan eventueel weer in beroep en hoger beroep gaan. Het houdt me wel van de straat...”

Wordt dus vervolgd.

Media:
http://www.omroepgelderland.nl/nieuws/2143524/Treinreiziger-uit-Arnhem-krijgt-weer-gelijk-meer-onderzoek-naar-privacy-discriminatie-ov-chipkaart
https://www.security.nl/posting/532206/Autoriteit+Persoonsgegevens+hoeft+NS+niet+uitgebreid+te+onderzoeken (met commentaar van Michiel Jonker onder artikel).
https://www.ovmagazine.nl/2017/09/opnieuw-onderzocht-tegen-privacydiscriminatie-ov-chipkaart-1527/ 


Update 7 mei 2018:
op 8 september 2017 (enkele dagen na de rechtszitting van de Raad van State) heeft de AP aan de heer Jonker een bevindingenrapport toegestuurd over de uitkomsten van het uitgebreide onderzoek waarvoor de Rechtbank Gelderland op 16 augustus 2016 opdracht had gegeven. Op 25 september en 28 november 2017 heeft Jonker naar de AP een reactie gestuurd op het bevindingenrapport, waarin hij ernstige kritiek uitte op de bevindingen. Het rapport leek zijns inziens vooral te dienen als instrument om de zaak toe te dekken, en niet als weergave van een onpartijdig uitgevoerd onderzoek door een onafhankelijke toezichthouder.

Ondanks Jonkers kritiek besloot de AP op 22 december 2017 dat het uitgevoerde onderzoek geen reden opleverde om Jonkers oorspronkelijke bezwaar alsnog gegrond te verklaren. De AP vond nog steeds dat er niks aan de hand was. Tegen dit tweede besluit op bezwaar ging Jonker op 29 januari 2018 in beroep bij de Rechtbank Gelderland (tweede beroepsprocedure in de zaak, zaaknummer 18/546). Omdat de AP inmiddels onderzoek heeft gedaan, gaat deze tweede beroepsprocedure niet meer over de vraag of de AP onderzoek moet doen, maar over de inhoudelijke uitkomst van dat onderzoek.

Ondertussen loopt er in dezelfde zaak nog een tweede juridisch spoor. Op 24 november 2016 had Jonker de AP verzocht om in het door de rechtbank opgedragen, uitgebreide onderzoek ook het feit te betrekken dat op elke zogenaamd “anonieme” OV-chipkaart van NS twee unieke pasnummers worden aangebracht, waardoor die kaarten in feite niet anoniem meer zijn. De unieke pasnummers moeten worden beschouwd als persoonsgegevens.

De AP weigerde om dit feit in haar uitgebreide onderzoek te betrekken, en besloot in plaats daarvan om het op te vatten als een nieuw, separaat handhavingsverzoek, waarbij de AP, net als de eerste keer, probeerde om niet meer te doen dan een “verkennend” oftewel “globaal bureau-onderzoek”. Na dit “globale” onderzoek concludeerde de AP op 28 september 2017 dat er niks aan de hand was. Jonker diende daar op 16 oktober en 28 november 2017 bezwaar tegen in, waarbij Jonker ook aangaf het niet eens te zijn met de afsplitsing van dit aspect in een zogenaamd apart handhavingsverzoek dat volgens de AP niet uitgebreid onderzocht hoefde te worden.

Op 26 februari 2018 wees de AP ook dit bezwaar van Jonker af, waarna Jonker op 19 maart 2018 ook tegen dit besluit op bezwaar in beroep ging bij de Rechtbank Gelderland (derde beroepsprocedure in de zaak, zaaknummer 18/1487).

Jonker: “Ik hoop dat de rechtbank de twee procedures samen gaat voegen, omdat de inhoud grotendeels overlapt. En ik hoop dat de rechtbank tot de conclusie komt dat de AP inderdaad ten onrechte geweigerd heeft de unieke pasnummers te betrekken bij het eerder door de rechtbank opgedragen onderzoek. Bizar vind ik het dat de AP de eerdere uitspraak van de rechtbank op een belangrijk punt negeert. De rechtbank had duidelijk aangegeven dat NS de verantwoordelijke is voor de gegevensverwerking met de OV-chipkaart, omdat ik als klant transacties verricht met NS, terwijl TLS alleen een opdrachtnemer van NS is, die voor NS een taak uitvoert. Nu probeert de AP toch weer te doen alsof TLS de primaire verantwoordelijke zou zijn. Het is duidelijk dat in deze casus de AP er alles aan doet om zijn toezichthoudende en handhavende taak NIET naar behoren uit te voeren. Ik zie de rechtszaak of –zaken met vertrouwen tegemoet.”

Gepubliceerd in Wetgeving

Privacy First vecht kentekenparkeren aan bij rechtbank Amsterdam 

Kentekenparkeren zonder contante betaling is dubbele privacyschending 

Begin dit jaar oordeelde de Hoge Raad dat de Belastingdienst jarenlang op onrechtmatige wijze de locatiedata van alle automobilisten in Nederland heeft verzameld. De Belastingdienst deed dit middels een groot netwerk van ANPR-camera’s (nummerplaatregistratie) langs de Nederlandse snelwegen. Volgens de Hoge Raad bestond hiervoor echter geen wettelijke basis. Daarmee vormde deze praktijk van de Belastingdienst een massale privacyschending.

Ook op lokaal niveau wordt het reisgedrag van automobilisten al jarenlang op onrechtmatige wijze geregistreerd: middels kentekenparkeren heeft de gemeentelijke belastingdienst volledig zicht op wie waar en wanneer parkeert. Maar ook hier ontbreekt een specifieke wettelijke basis zoals door de Nederlandse Grondwet en art. 8 EVRM (het recht op privacy) worden vereist. Voor verplicht kentekenparkeren bestaat bovendien geen enkele maatschappelijke noodzaak. Verder ontbreekt bij kentekenparkeren de mogelijkheid om contant of anderszins anoniem te kunnen betalen. Daarmee vormt kentekenparkeren een meervoudige privacyschending.

Invoering kenteken niet verplicht

Begin 2015 won Privacy First haar eerste rechtszaak tegen kentekenparkeren: sindsdien zijn automobilisten niet meer verplicht om bij het parkeren hun kenteken in te voeren. Begin 2016 werd dit oordeel bevestigd door de Hoge Raad. Wie geen kenteken invoert, ontvangt echter nog steeds een parkeerboete die pas na bezwaar (met betalingsbewijs) wordt vernietigd. “Zo wordt je als goedwillende burger dus nog steeds gestraft als je anoniem wilt kunnen parkeren. Het is Kafka”, aldus Privacy First voorzitter Bas Filippini. “De Hoge Raad is duidelijk: verplichte invoering van kentekens mag niet. Kentekenparkeren dient dus te worden afgeschaft”, aldus onze advocaat Benito Boer. Daartoe diende onlangs een kort geding van Privacy First om anoniem parkeren mogelijk te maken zónder invoering van het kenteken en mét anonieme betaalmogelijkheid. Het Hof Amsterdam verklaarde deze zaak echter niet-ontvankelijk wegens de complexiteit ervan. Daarmee stuurde het Hof aan op een nieuwe bodemprocedure waarin alle openstaande rechtsvragen alsnog behandeld kunnen worden. Een dergelijke procedure zal aanstaande donderdag plaatsvinden bij de rechtbank Amsterdam. Naast de vraag of kentekenparkeren rechtmatig is, zal in deze zaak met name het gebrek aan contante of anonieme betalingsmogelijkheden centraal staan. In april 2016 organiseerde Privacy First een publieksdebat over deze thematiek.   

Rechtszitting bij rechtbank Amsterdam

Privacy First nodigt u hierbij van harte uit om bij de openbare rechtszitting aanwezig te zijn. Deze zal plaatsvinden op donderdagochtend 29 juni as. om 9.00u bij de rechtbank Amsterdam: zaak L.T.C. Filippini vs. gemeente Amsterdam, zaaknr. AMS 16/1758 PARKBL. Adres: Fred. Roeskestraat 73, gebouw G (Parnas). NB: dit is de nieuwe tijdelijke locatie van de rechtbank. Klik HIER voor een routebeschrijving.

Wilt u ons graag steunen bij het voeren van deze rechtszaak? Maak dan een donatie aan Privacy First over o.v.v. “privacyparkeren” t.n.v. Stichting Privacy First te Amsterdam, IBAN: NL95ABNA0495527521.

Update 29 juni 2017: de rechtszitting vanochtend was relatief lang en grondig. De uitspraak van de rechtbank staat vooralsnog gepland op 10 augustus as.

Update 30 juni 2017: naar aanleiding van de rechtszaak verscheen vandaag een lezenswaardig artikel op de website van Trouw.

Update 10 augustus 2017: het vonnis van de rechtbank is 6 weken uitgesteld.

Update 21 september 2017: het vonnis van de rechtbank is opnieuw 6 weken uitgesteld.

Update 27 oktober 2017: de rechtbank heeft de zaak helaas afgewezen. Lees HIER het commentaar van Privacy First voorzitter Bas Filippini. Privacy First gaat nu in hoger beroep bij het Hof Amsterdam.

Gepubliceerd in Kentekenparkeren

Vandaag heeft het Gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in een kort geding (spoedappèl) van Privacy First voorzitter Bas Filippini tegen kentekenparkeren. Filippini acht verplichte invoering van een kenteken bij parkeren onrechtmatig wegens strijd met het recht op privacy. Tevens werd in deze zaak het gebrek aan contante of anonieme betaalmogelijkheid bij parkeren aangevochten. Op beide rechtsvragen weigert het Hof Amsterdam echter in te gaan.

Hof acht zaak tegen kentekenparkeren te fundamenteel voor kort geding

Het Hof Amsterdam acht onze zaak blijkbaar te fundamenteel en te belangrijk om in kort geding te behandelen. Daarmee stuurt het Hof in feite aan op een bodemprocedure bij de rechtbank Amsterdam. In de optiek van het Hof Amsterdam leent onze zaak zich niet goed voor een kort geding wegens een verondersteld gebrek aan spoedeisend belang en de complexiteit van de zaak. "De privacywetgeving roept vele vragen op en die zijn in het kader van een spoedprocedure niet direct te beantwoorden", aldus het Hof. Van grote spoedeisendheid is echter onmiskenbaar sprake, aangezien menige parkeerder die anoniem wenst te kunnen parkeren (zowel in Amsterdam als in talloze andere gemeenten) onterecht wordt gestraft met een parkeerboete. Dankzij een eerder oordeel van de Hoge Raad dienen dergelijke boetes weliswaar te worden vernietigd, maar intussen is het parkeersysteem als zodanig nog steeds van kracht. Van complexe rechtsvragen is in de optiek van Privacy First geen sprake. Bovendien kan een slepende bodemprocedure vele jaren duren; het meeste kwaad is dan allang geschied.

Geen inhoudelijk oordeel over kentekenparkeren

In het arrest heeft het Hof Amsterdam vandaag geen inhoudelijk oordeel over kentekenparkeren gegeven. In tegenstelling tot berichtgeving vanochtend door enkele media (zonder voorafgaande hoor en wederhoor) heeft het Hof het systeem van kentekenparkeren vandaag dan ook niet rechtmatig geacht. Zou het Hof onze stellingen niet serieus hebben genomen, dan zou het Hof de zaak meteen hebben afgewezen. Dat is echter niet gebeurd. Het Hof acht de zaak dus dermate serieus (en potentieel verstrekkend) dat men een kritisch inhoudelijk oordeel graag overlaat aan de rechtbank Amsterdam, later eventueel opnieuw gevolgd door hoger beroep bij ditzelfde Hof. De zaak zal dan opnieuw in alle breedte en diepte kunnen worden behandeld. Privacy First verwacht een dergelijke nieuwe procedure spoedig aanhangig te zullen maken.

Privacy First overweegt rechtstreeks beroep in Straatsburg

Naast het feit dat het Hof Amsterdam aanstuurt op een bodemprocedure bij de rechtbank, snijdt het Hof de weg naar de Hoge Raad vandaag af. Op basis van de huidige, niet-inhoudelijke uitspraak van het Hof kan immers geen effectieve cassatie bij de Hoge Raad worden ingesteld. Privacy First overweegt hierover een rechtstreekse klacht in te dienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg wegens schending van het recht op privacy (art. 8 EVRM) in combinatie met het recht op een effectief rechtsmiddel (art. 6 en 13 EVRM).

Huidige stand van zaken

Met het huidige oordeel van het Hof Amsterdam blijft de actuele stand van zaken intact: parkeerders mogen niet worden verplicht om bij het parkeren hun kenteken in te voeren. Dit is en blijft immers het oordeel van de Hoge Raad. Onder druk van het recente hoger beroep van Privacy First heeft de gemeente Amsterdam begin dit jaar reeds de teksten op alle parkeerautomaten gewijzigd van “verplichte” naar “gewenste” invoering van kentekens. Privacy First blijft echter aansturen op algehele afschaffing van (verplicht) kentekenparkeren en controle van een anoniem parkeerkaartje achter de voorruit, zoals dat bijvoorbeeld al staande praktijk is in de gemeente Utrecht. Een ander privacyvriendelijk alternatief is nummervakparkeren, zoals dat op talloze plekken in het buitenland plaatsvindt.

Nieuwe zaak over recht op contante, anonieme betaling

Voor privacyvriendelijk parkeren is echter méér nodig: betaling voor een parkeerplek dient contant of anderszins anoniem te kunnen plaatsvinden. Een nieuwe rechtszaak (bestuursrechtelijke bodemprocedure) van onze voorzitter over deze kwestie staat inmiddels gepland op 29 juni as. bij de rechtbank Amsterdam. In deze zaak zal het recht op contante en anonieme betaling centraal staan. Een deel van de rechtsvragen die het Hof Amsterdam vandaag heeft laten liggen, zal dan alsnog door de rechtbank worden behandeld.

Lees HIER de volledige uitspraak van het Hof Amsterdam.

Gepubliceerd in Mobiliteit
Pagina 1 van 13

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon