donatieknop english
zaterdag, 30 juni 2012 17:02

Een echt mens of een identiteit

Gastcolumn door Sarah Morton 

Voor een Paspoort of ID-kaart moet de burger verplicht vingerafdrukken afgeven en deze komen ook in een gemeentelijke database terecht. Nederland gaat hierin veel verder dan omringende landen, ondanks een negatief advies van het College Bescherming Persoonsgegevens.

Hetgeen bij mij weerstand opwekt.

Niet omdat ik iets 'te verbergen' zou hebben. Privacy beschermt mensen (ook die niets verkeerds hebben gedaan) tegen misbruik door machthebbers. Het is een basisbehoefte, die steeds meer in het gedrang komt. Hoe ver wil men hierin gaan? Wanneer iemand zich steeds bekeken voelt, omdat alle gangen worden gevolgd, durft hij niet meer zichzelf te zijn. Altijd dreigt er kritiek, maatregelen of oordelen, ook als de burger niets onwettigs doet. Ze zitten gevangen onder een alziend oog, alsof het kleine kinderen zijn. Ongewenst dringt de Overheid binnen in het (onschuldige) privé-leven van mensen.

Gegevens op papier of digitaal lijken zwaarder te gaan wegen dan de persoon. Er ontstaan virtuele identiteiten, wat afstand schept tussen mensen. Gegevens worden als absolute, objectieve waarheden beschouwd en daar gaat men elkaar ook op beoordelen. (Zoals het functioneren van een schoolkind ook in dossiers terechtkomt.)

Kinderen vanaf veertien jaar gaan zich onnatuurlijk gedragen en zich indekken, omdat ze zich voortdurend ervan bewust zijn gevolgd te kunnen worden, want zij zijn verplicht om met van afstand uitleesbare gegevens op straat te lopen. 

Welke invloed heeft dit op de geestelijke gezondheid?

Mensen die uit gewetensbezwaren of veiligheidsoverwegingen (!) geen vingerafdrukken willen afgeven, kunnen ook geen geldig paspoort meer krijgen.

Vingerafdrukken zijn zogeheten biometrische gegevens, waaruit persoonlijke en vertrouwelijke informatie kan worden afgeleid. Voorheen werden alleen vingerafdrukken afgenomen van verdachten. Nu worden de vingerafdrukken van alle Nederlanders in databanken opgeslagen. De basis van vertrouwen verdwijnt door ieder persoon bij voorbaat als verdacht te beschouwen en mensen gaan elkaar controleren. Dat wekt bij mij de indruk dat de Overheid de burgers bij voorbaat wantrouwt.

Geef ik geen vingerafdrukken af, dan kan ik ook niet voldoen aan de identiteitseisen, terwijl een ID-kaart in allerlei situaties gevraagd wordt, zoals officiële overeenkomsten, werk, inkomen en medische verzorging.

Ook loop ik risico op boetes of een arrestatie bij het niet kunnen tonen van een geldig ID-bewijs.

Er is ook geen andere mogelijkheid geboden om aan een geldig identiteitsbewijs te komen.

Eén van de officiële doeleinden was een betrouwbaardere identiteit, opdat iemand zich moeilijker voor een ander uit kan geven.

Het risico op identiteitsfraude neemt in de praktijk juist toe, wat haaks staat op de veiligheidsdoeleinden en mensen juist in gevaar kan brengen. De gegevens kunnen uitlekken, zijn te kraken en te verwisselen, omdat de database niet voldoende beveiligd kan worden. Iemand kan zich uitgeven voor een ander. Om zaken te doen, voor chantagedoeleinden of om de ander criminele daden in de schoenen te schuiven. Garanties zijn niet te geven.

Ook komt het voor dat het systeem betrokkenen niet herkent, omdat de uitleesapparatuur is gebaseerd op kansberekening en geen 100% zekerheid biedt. Foute 'matches' bedragen een paar procent van het totaal aan zoekresultaten.    

Het nut en de veiligheid zijn niet aangetoond en wie garandeert mij dat ik niet in de problemen kom, omdat het behalve voor identiteitsdoeleinden ook gebruikt kan worden voor opsporing?

Met zes jaar kreeg ik de diagnose autisme en zo heb ik eerder ervaren hoe 'persoonsgegevens' gebruikt kunnen worden om vrijheden te ontnemen (hoe goedbedoeld ook), ook als de persoon niets strafbaars heeft gedaan. Bijvoorbeeld weinig mogelijkheden voor onderwijs, omdat scholen het niet aandurfden een kind met autisme aan te nemen. De enige optie was een cluster 4 school.

Dit ligt eigenlijk buiten beschouwing van het onderwerp, maar toont weer aan dat 'als je niets te verbergen hebt, je ook niets te vrezen hebt', geen stand houdt.

Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens heeft in eerdere zaken al helder stelling genomen tegen het grootschalig opslaan van biometrische gegevens als DNA en vingerafdrukken door overheden het oordeelt dat dit strijdig is met artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Onze Overheid stopt veel energie (tijd, aandacht en geld) in het bestrijden van problemen. Terreur, fraude en criminaliteit, wat negativiteit aantrekt. En iedere burger is een potentiële crimineel. Het vertrouwen in de maatschappij gaat verloren, omdat het basale respect ontbreekt: dat iemand onschuldig is tot het tegendeel is bewezen.

Met controle wint de Overheid wel wat veiligheid, maar verliest er veel meer mee: mensen zijn gevoelig voor verwachtingen en gedragen zich vaak ernaar. 

Als we nu eens uitgaan van wat we willen, in plaats van wat we niet willen en daar onze aandacht en energie in steken. Voorbijgangers vriendelijk begroeten in plaats van met wantrouwen te bekijken. Er met z'n allen het beste van maken, in plaats van alles in regels en protocollen moeten vastleggen.

Bronnen: privacybarometer.nl, louisevspaspoortwet.nl
Sarah's website: www.dus-sarah-morton.info

Gepubliceerd in Columns

"De gemeente Amsterdam bekijkt de mogelijkheid om bodyscanners met röntgenstraling in te zetten op straat. Burgemeester Eberhard van der Laan (PvdA) geeft vandaag in de gemeenteraad uitleg over het onderzoek van de Amsterdamse politie naar de mogelijkheden tot het inzetten van zogeheten 'scanpalen' als aanvulling op het preventief fouilleren. De Amsterdamse D66-fractie wil dat de gemeente direct stopt met het onderzoek. D66 vindt de aantasting van de privacy te groot. Ze vindt preventief fouilleren al een zwaar middel en noemt de bodyscanner die met straling door kleding heen kan kijken 'echt een aantal stappen te ver'. Volgens de burgemeester maakt het onderzoek naar de 'naaktscans' deel uit van een bredere, landelijke discussie over de inzet van wapencontroles. 'In Amsterdam willen we voorkomen dat onschuldigen worden gefouilleerd en tegelijkertijd de pakkans vergroten van mensen die wel wapens bij zich dragen.' De Stichting Privacy First heeft aangekondigd naar de rechter te stappen, als de Amsterdamse politie besluit bodyscanners in te zetten op straat."

Bron: Nederlands Dagblad 28 juni 2012.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Vandaag werd bekend dat de politie in Amsterdam serieus overweegt om bodyscanners te gaan inzetten op straat. Lees HIER het eerste commentaar van Privacy First op dit onzalige plan. In het programma Fresh'n Up op jongerenzender FunX Radio werd Vincent Böhre van Privacy First om een reactie gevraagd. Beluister hieronder het hele fragment:

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Als de Amsterdamse politie mobiele bodyscanners met röntgenstraling gaat inzetten om burgers op straat te scannen, kan het een rechtszaak tegemoet zien.

Vandaag kwam televisiezender AT5 met het bericht dat de politie onderzoek doet om mobiele bodyscans in te zetten. De scanners, die door kleding heen kunnen kijken, zouden volgens de politie een goede aanvulling op preventief fouilleren zijn.
(...)

Rechtszaak

Als de politie de scanners ook daadwerkelijk gaat inzetten, zal Stichting Privacy First het Amsterdamse politiekorps alsmede de verantwoordelijke burgemeester Van der Laan persoonlijk voor de rechter slepen wegens schending van de menselijke waardigheid, de onschuldpresumptie, schending van de privacy, aantasting van de lichamelijke integriteit en het in gevaar brengen van de gezondheid van alle Amsterdammers.

"De invoering van mobiele röntgenscanners brengt immers zowel de privacy als de gezondheid van onschuldige burgers actief in gevaar", aldus de privacyvoorvechter."

Lees HIER het hele bericht bij Security.nl

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"De gemeente Amsterdam bekijkt de mogelijkheid om bodyscanners met röntgenstraling in te zetten op straat.

Burgemeester Eberhard van der Laan (PvdA) geeft donderdag in de gemeenteraad uitleg over het onderzoek van de Amsterdamse politie naar de mogelijkheden tot het inzetten van zogeheten 'scanpalen' als aanvulling op het preventief fouilleren.

De Amsterdamse D66-fractie wil dat de gemeente direct stopt met het onderzoek.

Privacy

D66 vindt de aantasting van de privacy te groot. De partij vindt preventief fouilleren al een zwaar middel en noemt de bodyscanner die met straling door kleding heen kan kijken 'echt een aantal stappen te ver'. "De politie hoeft niet alles van de Amsterdammer te weten", reageert D66-fractievoorzitter Jan Paternotte woensdag.

Volgens de burgemeester maakt het onderzoek naar de 'naaktscans' deel uit van een bredere, landelijke discussie over de inzet van wapencontroles.

"In Amsterdam willen we voorkomen dat onschuldige mensen worden gefouilleerd en tegelijkertijd de pakkans vergroten van mensen die wel wapens bij zich dragen. Daar zouden deze technologische middelen aan kunnen bijdragen", aldus een woordvoerder van Van der Laan. Ook de inzet van 'handdetectoren', zoals in de beveiliging gebruikt worden, behoort tot de mogelijkheden.

(...)

Rechter

Stichting Privacy First kondigt aan naar de rechter te stappen, mocht de Amsterdamse politie besluiten bodyscanners in te zetten op straat.

Naast het korps wordt dan ook burgemeester Eberhard van der Laan gedaagd, kondigt de stichting aan. Gebruik van de scanner zou de menselijke waardigheid, de onschuldpresumptie en de privacy van passanten aantasten.

Ook de lichamelijke integriteit en de gezondheid van de Amsterdammers zou in het geding komen door de invoering van mobiele röntgenscanners. Privacy First doet een dringende oproep aan de gemeenteraad om de politie terug te fluiten en de invoering van 'naaktscanners' te verbieden."

Lees HIER het hele bericht bij NU.nl

Gepubliceerd in Privacy First in de media
woensdag, 27 juni 2012 18:05

Geen naaktscanners op straat!

De Amsterdamse politie overweegt de invoering van mobiele bodyscanners met röntgenstraling op straat, zo meldt televisiezender AT5 vandaag. Mocht de politie inderdaad tot de invoering van 'naaktscanners' willen overgaan, dan zal Stichting Privacy First niet aarzelen om zowel het Amsterdamse politiekorps als de verantwoordelijke burgemeester Van der Laan persoonlijk voor de rechter te slepen wegens schending van 1) de menselijke waardigheid, 2) de onschuldpresumptie, 3) de privacy, 4) de bewegingsvrijheid, 5) de lichamelijke integriteit en 6) de gezondheid van alle Amsterdammers. De invoering van mobiele röntgenscanners brengt immers zowel de privacy als de gezondheid van onschuldige burgers actief in gevaar.

Privacy First doet hierbij een dringende oproep voor politieke maatregelen: deze donderdag staat het onderwerp preventief fouilleren op de agenda van de Amsterdamse gemeenteraad. Het is in eerste instantie aan de gemeenteraad om de Amsterdamse politie terug te fluiten en de invoering van naaktscanners te verbieden. Indien de gemeenteraad hierin faalt, behoudt Privacy First zich het recht voor om alle nodige maatregelen ter preventie van de invoering van naaktscanners te treffen.

Update 19.00u: luister HIER naar de reactie van Privacy First op FunX Radio.

Update 29 juni 2012: van invoering van mobiele bodyscanners is voorlopig geen sprake. Wel doet burgemeester Van der Laan nog onderzoek naar e.e.a. Naar verwachting komt dit onderwerp pas begin 2013 opnieuw op de agenda van de Amsterdamse gemeenteraad. Het debat over preventief fouilleren (en eventuele invoering van bodyscanners) dat gisteren plaatsvond in de Amsterdamse raadscommissie voor Algemene Zaken kunt u HIER terugzien (vanaf 233m40s).

Gepubliceerd in Cameratoezicht
zaterdag, 23 juni 2012 18:29

Nationaal Privacy Debat 2012

Op 11 juni jl. vond in Den Haag het langverwachte Nationaal Privacy Debat plaats. Privacy First somt voor u de aspecten op die ons het meest opvielen, te beginnen met het treffende pleidooi van Brenno de Winter voor een Privacy Deltaplan:

“Het Nationaal Privacy Debat is een unieke kans iets moois te beginnen en mensen uit te dagen mee te doen met de maatschappelijke discussie. Laten we die kans grijpen en werken aan een Deltaplan. Nederland weer tot voorbeeldland maken. Een voorbeeld als rechtstaat voor wat betreft de bescherming van de burger. Daarin zijn we op ons best!”

Brenno de Winter.  © Sebastiaan ter Burg

Hierna was het woord aan Anthony House (Google), die aan het einde van zijn keynote speech de volgende vraag aan het publiek stelde:

“Are the principles of data protection that were developed in the 1970s still good today? Do we need to start from scratch on privacy principles?”

Uit de stilte in de zaal en enkele antwoorden die hierop volgden viel (gelukkig) op te maken dat de klassieke privacybeginselen nog altijd voldoen, in elk geval grotendeels.

Daarna was het de beurt aan de eerste paneldiscussie, waarbij de centrale vraag was wat momenteel de voorkeur heeft: meer wettelijke regelgeving of meer zelfregulering? Uit de reacties vanuit het panel en vanuit de zaal bleek de voorkeur in overheersende mate uit te gaan naar beide opties samen i.p.v. slechts het één of het ander. Net als in de financiële sector is goede wetgeving en strakke handhaving ook voor de ICT-sector inmiddels bittere noodzaak gebleken. Die wetgeving vormt echter slechts een minimale, snel verouderende ondergrens. Het is dan ook aan de ICT-sector zelf om altijd op het hoogste, meest privacyvriendelijke (oftewel klantvriendelijke) niveau te opereren. Dit is een belangrijk selling point en biedt belangrijke concurrentievoordelen. In die zin kunnen wetgeving en zelfregulering elkaar goed aanvullen.

Vervolgens was er een toespraak van Joost Farwerck (KPN) die onder meer aangaf dat privacy tegenwoordig een zeer hoge prioriteit heeft bij een breed Nederlands publiek: uit onderzoek van KPN was gebleken dat het publiek hier na een goede gezondheidszorg en goed onderwijs de meeste waarde aan hecht. Mede daarom heeft KPN een intern Privacy Awareness programma en een externe Privacy Missie opgesteld. Farwerck pleitte er tenslotte voor om van het Nationaal Privacy Debat een terugkerend evenement te maken. (Later die dag pleitte ook Arie van Bellen (ECP-EPN) hiervoor.) Privacy First sluit zich daar graag bij aan.

Interessant tijdens de tweede panelsessie (over privacy en beveiliging) waren vooral de parallellen die werden getrokken met de veiligheid in andere sectoren, zoals de levensmiddelenindustrie en de luchtvaartsector, zowel qua regelgeving en zelfregulering als qua toezicht en handhaving. Eerder op de dag had Vincent Böhre (Privacy First) een vergelijkbare parallel getrokken met vroegere ontwikkelingen op het terrein van milieubescherming. Veel deelnemers aan het debat waren het erover eens dat het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) enerzijds te weinig middelen en bevoegdheden heeft, maar anderzijds ook de bestaande privacywetgeving te zwak handhaaft. Verder maakte Walter van Holst (Mitopics) vanuit het publiek terecht de opmerking dat er meer nadruk moet worden gelegd op dataminimalisatie. Wat er niet is hoeft immers ook niet beveiligd te worden.

Het woord was hierna aan Bart de Koning: journalist en auteur van het boek 'Alles onder controle, de overheid houdt u in de gaten'. De Koning wees in zijn toespraak op een aantal positieve recente ontwikkelingen, waaronder het verzet tegen de vingerafdrukken in het paspoort, nieuwe cookiewetgeving, netneutraliteit en politieke aandacht voor de risico’s van de Amerikaanse Patriot Act. Tegelijkertijd waarschuwde hij voor negatieve ontwikkelingen zoals het voorstel om alle kentekenplaten van RFID-chips te gaan voorzien. Ook is Nederland nog steeds koploper in afluisteren. Verder constateerde hij dat de media (inclusief Elsevier) tegenwoordig meer aandacht aan privacy besteden dan voorheen en dat de burger ook steeds meer de overheid in de gaten houdt i.p.v. andersom. “De burger gluurt terug” en dit kan “een disciplinerend effect hebben op de Staat”, aldus De Koning. Voor de toekomst gaf De Koning de volgende richtsnoeren mee aan het publiek: 1) eerst denken, dan doen, 2) dataminimalisatie, 3) openbaarheid, 4) effectiviteit, 5) horizonbepalingen en 6) een permanent debat. Verder pleitte De Koning voor invoering van constitutionele toetsing (bij de rechterlijke macht), een Constitutioneel Hof en steviger toezicht door het CBP. In dit verband maakte hij een vergelijking met Duitsland, waar ANPR (automatische nummerplaatherkenning) verboden is.

Bart de Koning.  © Sebastiaan ter Burg

Vervolgens was er ruimte voor discussie met het publiek, waarbij vooral Joyce Hes (Stichting Bescherming Burgerrechten) een belangrijk punt aanstipte: veel openbare discussies (waaronder de periodieke Privacycafe’s in Felix Meritis) worden gevoerd met privacyvoorstanders. Politici en ambtenaren die kritisch tegenover privacy staan komen bij dergelijke debatten zelden opdagen. Dit laatste is niet goed voor de discussie.

Joyce Hes en Frénk van der Linden.  © Sebastiaan ter Burg

Tenslotte stelde Bart de Koning nog dat vooral de etnische ‘onderklasse’ het slachtoffer is van stelselmatige privacyschendingen, waaronder preventieve huiszoekingen. Privacy First onderschrijft al deze punten.

De derde panelsessie had als thema “privacy en overheid”:

© IDG Nederland

© IDG Nederland

Namens Stichting Privacy First beet Bas Filippini als volgt het spits af:

“Waar wij ons op richten zijn eigen keuzes in een vrije omgeving. Bij eigen keuzes denk je natuurlijk aan keuzevrijheid, en een vrije omgeving betekent dat wij ernaar streven om de omgeving zo vrij mogelijk te houden voor de gemiddelde burger in Nederland. Dit tenzij je met rede verdacht wordt van een strafbaar feit: dan kun je privacy inwisselen voor veiligheid. Dat is onze filosofie. Wij beredeneren dingen eerst vanuit principes, getoetst aan de Grondwet. Dan kijken we naar de uitvoering: zijn er voldoende checks & balances? Hoe zetten we beleid neer en hoe gaan we dat uitvoeren? En daarna kijken we pas naar technologie. Ik zeg altijd: “je kunt met een mes iemand neersteken, maar je kunt er ook een boterham mee smeren.” Technologie is voor velen “de heilige graal” waar men alles aan ophangt, zonder die eerste drie stappen te zetten: 1) principes, 2) beleid, 3) uitvoering, en dan pas gaan kijken hoe je slimme dingen kunt doen met technologie. Vaak worden de beginselen van subsidiariteit en proportionaliteit overschreden, en dat is erg jammer. Bij de overheid zijn veel mensen die het graag anders zouden willen doen, maar als zij het ergens niet mee eens zijn worden ze al snel als klokkenluider gezien, en dat werkt stigmatiserend. Zo vaart de Titanic dus richting de ijsschots, met als huidig resultaat: steeds meer profiling. Daarmee bedoelen wij geen gerichte profiling bij een redelijke verdenking van een strafbaar feit, maar het volgen van een gehele populatie en kijken of er “iets fout zit”, op basis van outliers, de afwijkingen van het gemiddelde. Dat vinden wij een groot gevaar, omdat iedereen dan een verdachte wordt. Daardoor krijg je heel veel zelfcensuur bij mensen, zowel bij ambtenaren als bij burgers op straat.”

Bas Filippini.  © IDG Nederland

Bas Filippini.  © IDG Nederland

Tijdens het vervolg van het paneldebat sprongen allereerst de opmerkingen van Ronald Leenes (Universiteit van Tilburg) eruit: hij waarschuwde terecht voor een verlies van vertrouwen bij burgers in de overheid indien die overheid het recht op privacy niet serieus neemt. “De afweging of een inbreuk op de privacy noodzakelijk is in een democratische samenleving wordt door de overheid op een aantal dossiers nauwelijks gemaakt”, aldus Leenes. Data worden volgens Leenes domweg verzameld “omdat het kan”, er is een enorm vertrouwen in de technologie, men denkt dat meer informatie leidt tot betere beslissingen, er is onvoldoende aandacht bij de overheid voor alternatieven om dezelfde doelen te bereiken, en er is sprake van onkunde. Hierbij waarschuwde Leenes onder meer voor de huidige plannen om prostituees centraal te gaan registreren. Ook benadrukte hij dat privacy niet alleen een individueel recht is, maar ook een sociale functie heeft.

Ronald Leenes en Wilmar Hendriks.  © IDG Nederland

Anderen in het panel wezen op de gevaren van risicoprofilering. Ook werd de drogredenering “je hoeft niets te vrezen als je niets te verbergen hebt” unaniem ontkracht: iedereen heeft immers het recht om zijn of haar privéleven simpelweg voor zichzelf te houden. Bovendien is het kernelement van vrijheid nu juist dat je iets te verbergen mág hebben. Verder werd opgemerkt dat er hard moet worden gewerkt aan de kennis en het bewustzijn over privacy bij de overheid. Sommigen in het panel benadrukten incompetentie bij de overheid i.p.v. opzet. Bas Filippini antwoordde hierop dat er vaak wel degelijk een agenda achter dingen zit, namelijk beleid vanuit de Verenigde Staten en de Europese Unie. “Hoe richt je je samenleving in? Doe je dat op basis van angst, haat en controle, of op basis van vertrouwen, vrijheid en liefde?”, aldus Filippini.

Bas Filippini.  © IDG Nederland

Frénk van der Linden en Bas Filippini.  © IDG Nederland

Bas Filippini, Kees Verhoeven en Sander Duivestein.  © IDG Nederland

Vervolgens was er discussie met het publiek, waarbij Jeroen Terstegge (PrivaSense) terecht opmerkte dat men dient te waken voor het uitvoeren van Privacy Impact Assessments (PIA’s) door rechtstreeks betrokken ambtenaren i.p.v. door een onafhankelijke toezichthouder, bijvoorbeeld een Chief Privacy Officer. Op dit terrein dient er meer zelfkritiek binnen de overheid te zijn, los van de externe rol van het CBP. Een ander opvallend punt vanuit het publiek werd aan het einde van de panelsessie gemaakt door Dimitri Tokmetzis (Sargasso): verzekeringen zijn oorspronkelijk bedoeld om risico’s te spreiden, maar door profiling worden risico’s juist geïndividualiseerd. Dit gaat ten koste van de solidariteit in onze samenleving.

Hierna gaf Pim Takkenberg (KLPD) een toespraak rond het thema privacy en opsporing, waarbij hij concreet inging op de dilemma’s rond de ontmanteling van een zogeheten botnet: een netwerk van gekaapte computersystemen. Volgens Takkenberg is het wettelijk kader in dit verband soms nog “onvoldoende specifiek”, bijvoorbeeld bij 1) het op afstand “betreden” (oftewel hacken) van computersystemen door de politie en 2) internationale samenwerking bij de bestrijding van cybercrime. Ook bij publiek-private samenwerking loopt de politie in dit verband vooralsnog “op eieren”, aldus Takkenberg. Op een vraag vanuit het publiek over de effectiviteit van de bewaarplicht telecomgegevens (dataretentie) antwoordde Takkenberg dat je “soms dingen even de tijd moet geven om te zien wat het op termijn oplevert.” Dit sterkt het standpunt van Privacy First dat deze maatregel nooit ingevoerd had mogen worden. Tenslotte stelde Takkenberg dan ook terecht dat de politie niet gebaat is bij teveel informatieverzameling, maar hier juist heel selectief in moet zijn.

Pim Takkenberg.  © Sebastiaan ter Burg

De paneldiscussie over privacy en opsporing die hierop volgde nam een onverwachte wending door het commentaar van Jan Grijpink (Universiteit Utrecht, voorheen tevens Justitie) over de recente verwikkelingen rond het biometrisch paspoort. Op de vraag waar hij zich in de privacydiscussie aan ergerde antwoordde Grijpink het volgende:

“De discussie over het biometrische paspoort, dat vind ik een heel mooi voorbeeld van hoe een te hardnekkig drammen – als ik het zo mag zeggen – op de privacykant, de veiligheidskant omver haalt. Als we nu zover zijn dat we zeggen “we halen de vingerafdrukken weer van het paspoort af”, dan ben ik heel tevreden. In 2002 had ik graag willen voorkomen dat we vingerafdrukken op het paspoort zouden zetten, want het is helemaal niet nodig om met vingerafdrukken te controleren wie de houder is. Dat is gewoon een overbodige handeling geweest. Maar op het moment dat je vingerafdrukken op dat paspoort zet, moet je kunnen controleren of die vingerafdrukken nog de correcte vingerafdrukken zijn, en of degene die beweert dat hij erbij hoort ook echt die persoon is. Dat heeft geleid tot een besluitvorming van de verschillende ministers die verantwoordelijk waren om vier vingers in een gemeentelijke databank onder te brengen, en als je dat dus niet hebt, dan is de burger eigenlijk rechteloos als hij rondloopt met een document met twee vingers, omdat het document ook bestemd is om aan anderen te geven. Als het iets is voor jezelf, is dat nog tot daar aan toe, maar een paspoort is er om aan een andere autoriteit af te staan. Als wij een paspoort uitdelen, dan controleren we niet eens met diezelfde biometrie of het echt wordt uitgedeeld aan de persoon die officieel de houder is. Óf geen vingerafdrukken, óf helemaal goed. Allebei dreigen we nu af te breken door een te hardnekkig drammen op één aspect van de privacy. Dat is waar ik me wel druk over maak.”

André Elissen, Jan Grijpink en Wilbert Tomesen.  © IDG Nederland

Hierop vroeg Vincent Böhre (Privacy First) aan Grijpink naar diens inschatting over het risico van function creep bij de opslag van vingerafdrukken in gemeentelijke databanken.

Vincent Böhre.  © IDG Nederland

Daarop antwoordde Grijpink als volgt:

“Als je alleen de vingers op het paspoort zet, dan ben je gewoon alle controle kwijt voor de bescherming van de betrokkene. Ik heb mij er altijd hard voor gemaakt dat vier vingers – de twee op het paspoort en twee andere – bij de gemeente berusten om te kunnen controleren of het nog steeds de juiste persoon is en of er niets aan het document is veranderd. Daarmee kan je ook jezelf vrijpleiten als je van iets wordt beschuldigd met zo’n document. De vraag of dat dan kan leiden tot function creep: ja, alles kan leiden tot function creep. Maar ik denk dat als je het goed organiseert, en daar ben ik natuurlijk wel een groot voorstander van, ook vanwege het feit dat wij met keteninformatisering ook de grootschalige infrastructuren maken om dat goed te beheren, dan denk ik dat je daar de overheid in zekere zin ook een beetje in mag vertrouwen. Ik heb er 40 jaar in rondgelopen. Ik zie dat in de privacydiscussie heel vaak een soort spook van de overheid wordt gemaakt. Ik herken dat niet. Heel veel overheidsmensen doen getrouw hun werk.”

Eenieder concludere hieruit het zijne... ;)

Tijdens de paneldiscussie stond tevens de vraag centraal over het wel of niet vrijgeven van Nederlandse cijfers over telefoon- en internettaps. Namens Bits of Freedom pleitte Simone Halink terecht voor meer transparantie terzake. Vanuit de hoek van de KLPD (en een oud-AIVD’er in de zaal) werd echter al snel duidelijk dat men in dit verband totaal niet bereid was om openheid van zaken te verschaffen. De leidde vervolgens tot een verharding van de discussie waarbij de privacyvoorvechters en de (oud-)vertegenwoordigers van politie en justitie lijnrecht tegenover elkaar kwamen te staan. Grijpink merkte tijdens deze discussie het volgende op:

“Ik wil een aspect erbij brengen waardoor je ook voorzichtig moet zijn met die harde roep om gegevens en om metingen. Speciaal, heel duidelijk in mijn dossier, identiteitsfraude, dan maak je gebruik van de identiteit van een ander. Als dat slaagt, dan is het onzichtbaar. En als de betrokkene dood is, dan merkt hij ook niks. Dus dat is een mooi voorbeeld dat als je gaat meten, je het verkeerde antwoord krijgt. En verkeerde conclusies, en verkeerde beelden, is voor de opsporing misschien wel erger dan als iets bekend wordt. In het geval van identiteitsfraude is het heel duidelijk. Er werd mij gevraagd: “Hoe erg is het probleem?” Ik zei: “De vraag stellen betekent dat je het niet begrijpt. Je moet eerst een situatie hebben dat je zeker weet dat je degene die geslaagd fraudeert te pakken hebt.” Er is maar één situatie die ik ken: dat zijn de cellen van Justitie. Toen zei Donner: “Dan gaan we kijken.” En wat bleek: 15% had de verkeerde identiteit. De helft daarvan kenden we niet eens. En dat zit dan gewoon in de gevangenis. Met andere woorden: cijfers zijn maar tot op zekere hoogte echt bruikbaar, en in het maatschappelijk debat gaan ze vaak de mist in.”

Hierop benadrukte Böhre het belang van het besef dat privacy een mensenrecht is, waarbij de proportionaliteitsvraag zowel in individuele als in collectieve zin fundamenteel is. De discussie dient daarom altijd gevoerd te worden op basis van harde feiten en cijfers. Vage aannames over look-alike fraude zijn geen excuus om een hele bevolking met biometrische paspoorten op te zadelen. Vanuit het panel volgde hierop geen ontkennende reactie. Het belang van een verdere discussie op basis van feiten en cijfers leek ook vanuit de zaal erkend te worden. In die zin fungeerde het Nationaal Privacy Debat hopelijk als de afsluiting van een tijdperk van fact-free politics.

Bij een eerstvolgend Nationaal Privacy Debat zal Privacy First graag weer actief aanwezig zijn. In de tussentijd dient het debat met alle relevante partijen permanent te worden gevoerd.

Een volledige videoregistratie van het hele (6,5 uur durende) Nationaal Privacy Debat kunt u HIER bekijken.
Meer foto's van het evenement vindt u HIER en HIER.

Naschrift Privacy First: bovenstaand verslag is tevens integraal gepubliceerd in het vakblad Privacy & Compliance 3-4/2012, pp. 46-49.

Gepubliceerd in Metaprivacy

In het programma Heilige Huisjes op de christelijke zender Groot Nieuws Radio stond op maandagmiddag 18 juni 2012 de volgende stelling centraal: "Ook al heb je niets te verbergen, de overheid heeft niet het recht jou zomaar overal te kunnen bespieden." Namens Stichting Privacy First werd Vincent Böhre hierover uitgebreid geïnterviewd door presentatrice Tjitske Volkerink. Aan het einde van de uitzending nam ook journalist Frank Mulder deel aan het gesprek en gaf duiding aan het onderwerp privacy vanuit christelijk perspectief. Hieronder kunt u de hele uitzending terugluisteren:

Gepubliceerd in Privacy First in de media
dinsdag, 12 juni 2012 09:35

Europese Paspoortverordening onder vuur

Deze dinsdagmiddag neemt de Tweede Kamer naar verwachting twee belangrijke moties aan. De eerste motie roept de Nederlandse regering op om de Europese Paspoortverordening in Brussel kritisch ter discussie te stellen. De tweede motie roept de regering op om zich in Brussel sterk te maken voor een kritische Europese reactie op Amerikaanse extraterritoriale wetgeving, waaronder de beruchte Patriot Act. Beide moties kwamen mede tot stand naar aanleiding van eerdere berichtgeving van Privacy First over 1) de nutteloosheid van de afname van vingerafdrukken voor paspoorten en ID-kaarten en 2) het risico dat Nederlandse vingerafdrukken heimelijk in buitenlandse handen vallen.

De huidige afname van vingerafdrukken voor paspoorten vloeit voort uit de Europese Paspoortverordening. Deze verordening dateert van eind 2004 en kwam vooral tot stand onder druk van de Amerikaanse regering Bush. Over nut en noodzaak van vingerafdrukken was destijds nauwelijks discussie. De verantwoordelijke rapporteur van het Europees Parlement kon hier destijds zelfs geen cijfers over boven tafel krijgen, zo bleek onlangs uit een Wob-verzoek van Privacy First. Het is binnenkort aan de Europese Commissie om alsnog de effectiviteit van de Paspoortverordening aan te tonen. Faalt de Europese Commissie hierin, dan kan deze verordening meteen de prullenbak in.

Naast de vingerafdrukken reikt ook de lange arm van de regering Bush al jaren tot diep in het hart van Europa. Onder vigeur van de Amerikaanse Patriot Act kreeg de Amerikaanse overheid onder meer de bevoegdheid om gegevens op te vragen bij Europese bedrijven met een Amerikaanse vestiging. Dit staaltje juridisch imperialisme was voor de Amerikanen overigens niets nieuws: in de Amerikaanse "war on drugs" reiken Amerikaanse bevoegdheden al decennia tot ver over de eigen land- en zeegrenzen heen. De Patriot Act breidde dit extraterritoriale circus in 2001 uit tot de Amerikaanse "war on terror". Minstens zo koloniaal is de The Hague Invasion Act van 2002: de Amerikaanse overheid behoudt zich onder deze wet het recht voor om Amerikanen uit handen van het Internationaal Strafhof te houden door Den Haag desnoods met geweld binnen te vallen. Een ander, recenter voorbeeld is de National Defense Authorization Act: deze wet geeft het Amerikaanse leger de bevoegdheid om 'terreurverdachten' wereldwijd op te pakken en voor onbepaalde tijd zonder enige vorm van proces in militaire detentie te houden.

Over de jurisdictie van andere landen en het internationale recht heeft men zich in Washington de laatste jaren nooit erg bekommerd. Dat dit op termijn slechts tot excessen kon leiden was algemeen bekend. Het is Privacy First dan ook een raadsel wat de Nederlandse overheid vorig jaar bezielde om de contracten met de Franse (deels in de Verenigde Staten gevestigde) paspoortfabrikant Morpho te verlengen zonder garanties dat de vingerafdrukken van Nederlandse burgers niet in Amerikaanse (en andere buitenlandse) handen zouden kunnen vallen. Het is nu aan diezelfde Nederlandse overheid om haar burgers alsnog in bescherming te nemen en de Europese Commissie te verzoeken om op Europees niveau hetzelfde te doen.

Update: beide moties zijn met overweldigende meerderheid door de Tweede Kamer aangenomen! Een video hiervan vindt u HIER (zie vanaf 9m55s). Alleen de PVV stemde tegen.

Gepubliceerd in Wetgeving

"Op Schiphol zijn het afgelopen jaar 1137 valse paspoorten en andere documenten onderschept. Dat is 29 procent meer dan in 2010. Het aantal valse Nederlandse documenten daalde echter tot 118.

De meeste valse papieren kwamen uit Griekenland: meestal Afghanen uit Athene. Verder veel valse paspoorten uit Litouwen, België, Letland en Costa Rica. Voor deze fraudezaken zijn 815 verdachten aangehouden en dat is een stijging met 23 procent. Nigerianen zijn niet meer de meest aangehouden passagiers, maar Afghanen en Iraniërs. De meeste personen probeerden Nederland binnen te komen, maar omdat Schiphol een belangrijke overstapluchthaven is, waren ook veel verdachten op weg naar andere landen. De meest populaire bestemming bleek Toronto (Canada) te zijn.

De verdachten vielen door de mand omdat in de meeste gevallen het paspoort gewoon vals was. Op de tweede plaats komen paspoorten waarbij de pagina met de persoonlijke gegevens is vervangen. Verdachten die met een paspoort van een ander reizen staan op de derde plaats. Deze laatste categorie, de look-alike, daalde wel. Wanneer daarbij alleen wordt gekeken naar Nederlandse paspoorten en identiteitsbewijzen, blijken er negentien look-alikes te zijn gesnapt.

"Dat aantal is de laatste jaren fors gedaald van 46 in 2008 tot nu slechts negentien. Dat afgezet tegen een bevolking van bijna 17 miljoen Nederlanders, is dat zeer kleinschalig. Genoeg reden om de disproportionele maatregel van de invoering van vingerafdrukken in paspoorten en identiteitsbewijzen meteen stop te zetten", vindt Privacy First. Deze organisatie strijdt al jaren tegen de centrale registratie van vingerafdrukken omdat politie en justitie dan wellicht misbruik maken van die gegevens. De organisatie heeft hierover nog een hoger beroep lopen bij het Hof in Den Haag."

Bron: Gooi- en Eemlander, Haarlems Dagblad, IJmuider Courant, Leidsch Dagblad & Noordhollands Dagblad 6 juni 2012.
Primaire bron: persberichten Privacy First 20 maart & 29 mei 2012, Onthullende cijfers over 'look-alike' fraude met Nederlandse reisdocumenten (klik HIER).

Gepubliceerd in Privacy First in de media
Pagina 62 van 81

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
Control Privacy
Procis

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon