donatieknop english

Onderstaand artikel van Privacy First-medewerker Vincent Böhre verscheen deze maand in het tijdschrift De Filosoof (Universiteit Utrecht). Morgen staat de Paspoortwet hoog op de politieke agenda: in een debat met minister Spies (BZK) zal onder meer de kwestie van de verplichte afname van vingerafdrukken voor paspoorten en identiteitskaarten aan de orde komen. Onlangs heeft Privacy First er bij alle partijen in de Tweede Kamer (opnieuw) op aangedrongen om z.s.m. een identiteitskaart zonder vingerafdrukken in te (laten) voeren en de regering te verzoeken om de Paspoortverordening op Europees niveau te laten herzien. Dit opdat verplichte afname van vingerafdrukken óók voor het paspoort geschrapt zal kunnen worden of tenminste een vrijwilig karakter zal kunnen krijgen. Onderstaande biedt daartoe een quick recap met een positieve twist. Een digitale versie van het artikel vindt u HIER (pp. 6-7, pdf).

Het biometrisch paspoort als onbedoeld privacygeschenk

"Eind 2001 stelde het CDA voor om de vingerafdrukken van alle Nederlanders via het paspoort op te slaan voor opsporingsdoeleinden. Door andere partijen werd dit voorstel echter meteen naar de prullenbak verwezen omdat het zou leiden tot een Big Brother maatschappij. Toch werd een nog verdergaand voorstel zeven jaar later vrij geruisloos tot wet verheven. Naast opsporing en vervolging zouden ieders vingerafdrukken en gezichtsscan (biometrische persoonsgegevens) onder de nieuwe Paspoortwet tevens gebruikt kunnen worden voor terrorismebestrijding, binnen- en buitenlandse staatsveiligheid, rampenbestrijding en de uitvoering van wettelijke identificatieplichten. Dit zonder dat deze wettelijke doeleinden parlementair waren besproken.[1] Door de Eerste Kamer werd de nieuwe Paspoortwet zelfs zonder stemming aangenomen. Media stonden erbij en keken ernaar. Hoe had dit zo ver kunnen komen?

‘Bystander syndrome’

In zekere zin was (en is) de nieuwe Paspoortwet emblematisch voor het Nederlandse tijdsgewricht na ‘9/11’. Een tijdsgewricht waarin (veronderstelde) anti-terrorismemaatregelen moeiteloos door ons parlement konden worden geloodst. Dergelijke maatregelen zouden immers onze veiligheid bevorderen, zo werd ons voortdurend verteld. Mensen hebben van nature de neiging om autoriteiten te volgen en zich naar de status quo te schikken. In mensenrechtelijke zin zou men het tijdsgewricht na ‘9/11’ kunnen beschouwen als een gigantisch experiment van Milgram: zonder al te veel weerstand zijn diverse mensenrechten jarenlang op de maatschappelijke pijnbank gelegd. Zo ook bij de totstandkoming van de nieuwe Paspoortwet. Ieder Eerste Kamerlid had tenminste om een parlementaire stemming kunnen verzoeken. Journalisten en wetenschappers hadden tijdig aan de bel kunnen trekken. Maar men stond erbij en keek ernaar. Deze wet zou Nederland immers ‘veiliger’ maken. Maar waarop was die aanname gebaseerd? Zou Nederland door de massale opslag van vingerafdrukken in reisdocumenten en bijbehorende databanken niet juist onveiliger worden? Deze vraag was nooit publiekelijk gesteld, laat staan bediscussieerd en beantwoord.

Disproportioneel

Hét Nederlandse overheidsargument voor de invoering van vingerafdrukken in paspoorten en identiteitskaarten luidt reeds sinds eind jaren 90 als volgt: dit zou lookalike fraude met reisdocumenten belemmeren. Bij lookalike fraude misbruikt iemand andermans reisdocument waarmee hij/zij uiterlijke gelijkenis vertoont. Over de omvang van dit type fraude zijn in de parlementaire geschiedenis nauwelijks vragen gesteld. Uit een recent Wob-verzoek van Privacy First bleek dat het slechts om tientallen gevallen per jaar gaat (met Nederlandse reisdocumenten op Nederlands grondgebied).[2] In het licht hiervan is de invoering van vingerafdrukken in reisdocumenten van 17 miljoen Nederlanders volstrekt disproportioneel. Dit nog afgezien van de tientallen, zo niet honderden miljoenen euro’s die de overheid erin geïnvesteerd heeft.

Risico’s

Met de invoering van een ‘biometrische identiteitsinfrastructuur’ ontstaat een nieuwe vorm van fraude die buitengewoon moeilijk te detecteren en te bestrijden is: biometrische identiteitsfraude, bijvoorbeeld door hacking. Niet alleen bij argeloze burgers en bedrijven, maar ook in de publieke sfeer (spionage). Daarnaast is inmiddels gebleken dat in 21-25% van de gevallen de biometrische gegevens in de chip van Nederlandse reisdocumenten niet correct kunnen worden uitgelezen (geverifieerd). Bij controle lopen burgers dus een groot risico om ten onrechte van fraude verdacht te worden. Voor terrorismebestrijding is het biometrische paspoort al evenmin geschikt: terroristen gebruiken over het algemeen hun eigen, authentieke reisdocumenten. Over het gebruik van biometrie in de sfeer van veiligheids- en inlichtingendiensten is helaas weinig bekend, al laten mogelijke doelen zich makkelijk raden: identificatie van zwijgende verdachten en "interessante" personen in de openbare ruimte, herkenning van emoties, leugendetectie en de herkenning of inzet van dubbelgangers. Hetzelfde geldt in het domein van opsporing en vervolging, ook in combinatie met openbaar cameratoezicht en automatische gezichtsherkenning. Bovendien maakt het RFID (Radio Frequency Identification)-aspect van de chip in het document uitlezen op afstand mogelijk; burgers kunnen hierdoor ongemerkt worden geïdentificeerd en gevolgd. Bij wettelijke identificatieplichten denke men verder aan de eventuele invoering van vingerscans bij banken, sociale diensten, het internet etc. (Sinds eind vorig jaar loopt reeds een Nederlandse pilot met mobiele vingerscanners voor de politie.) En tenslotte is er nog het domein van de rampenbestrijding: biometrie als logistiek middel of ter identificatie van slachtoffers bij grootschalige calamiteiten. Al met al gaan deze mogelijkheden voor het gebruik van biometrie minstens tien, zo niet honderd stappen verder dan louter de bestrijding van lookalike fraude met reisdocumenten. Hierbij dient men zich te realiseren dat al deze mogelijkheden vroeg of laat zullen worden gebruikt. In jargon heet dit function creep; historisch gezien is dit onvermijdelijk. Wetenschappelijk onderzoek naar toekomstige toepassingen van biometrie vindt continu plaats. Daarnaast is de democratische rechtsstaat helaas geen universeel of statisch fenomeen, zelfs niet in onze eigen contreien. Het is dan ook zeer twijfelachtig of onze wereld door grootschalige inzet van biometrie ‘veiliger’ zal worden.

Positieve kentering

Het is precies deze zorg die in de zomer van 2009 een kleine Nederlandse revolutie veroorzaakte: de totstandkoming van de nieuwe Paspoortwet leidde destijds tot een storm van kritiek en tot het ontstaan van de huidige Nederlandse privacybeweging. Nieuwe privacy-organisaties als Privacy First schoten als paddenstoelen uit de grond, maatschappelijke coalities werden gesmeed en rechtszaken tegen de nieuwe Paspoortwet opgetuigd.[3] Dit maatschappelijke boomerang-effect duurt tot de dag van vandaag voort. Het recht op privacy staat sindsdien steeds hoger op de maatschappelijke en politieke agenda. In die zin is het biometrische paspoort vooralsnog een onbedoeld geschenk uit de hemel gebleken."



[1]
Zie Vincent Böhre, Happy Landings? Het biometrische paspoort als zwarte doos, WRR oktober 2010, http://www.wrr.nl/publicaties/publicatie/article/happy-landings-het-biometrische-paspoort-als-zwarte-doos-46/.
[2]
Zie Privacy First, Onthullende cijfers over 'look-alike' fraude met Nederlandse reisdocumenten (20 maart 2012), http://www.privacyfirst.nl/acties/wob-procedures/item/524-onthullende-cijfers-over-look-alike-fraude-met-nederlandse-reisdocumenten.html.
[3]
Zie Böhre supra noot 1, p. 111 e.v.

Gepubliceerd in Metaprivacy
maandag, 23 april 2012 19:22

Blik op de toekomst

Vanmiddag werd officieel bekend dat het kabinet-Rutte gevallen is. Privacy First hoopt dat spoedige verkiezingen snel tot een nieuw, privacyvriendelijker kabinet zullen leiden. Ter eerste inspiratie presenteren wij u daartoe graag een gedicht:



Blik op de toekomst

mijn lijf is mijn lijf niet meer

maar gezichtsscan, vingerafdrukken

bloed, dna,

mijn lijf is mijn lijf niet meer

maar van hen die het

staande houden, betasten

op zoek naar....

mijn lijf is mijn lijf niet meer

maar pixels

in een camera

en ik opgesplitst

deel voor deel

data

zoek mijn lijf

dat schreeuwt om mij

 

Dit gedicht is afkomstig uit de dichtbundel 'Kwijt' van Joyce Hes (uitgeverij Free Musketeers, 2011). Joyce Hes is juriste, oud-voorzitter van de Coornhert Liga en vice-voorzitter van de Stichting Bescherming Burgerrechten. Een interview met haar naar aanleiding van dit gedicht vindt u HIER.

Gepubliceerd in Kunstcollectie

Deze week staat in Nieuwe Revu een kritisch artikel van journalist Casper Sikkema over het paspoort met #vingerafdrukken. Hieronder een aantal fragmenten met o.a. Privacy First-medewerker Vincent Böhre:

"Steeds meer Nederlanders weigeren hun vingerafdrukken af te geven voor het nieuwe biometrische paspoort. De pas zou onveilig zijn en een inbreuk op de privacy. Revu zoekt uit hoe het zit.

(...) Drie burgers spanden afgelopen week een zaak aan bij de Raad van State. Ze eisen dat ze worden vrijgesteld van de plicht om vingerafdrukken af te geven voor een nieuw paspoort, omdat ze het een inbreuk op hun privacy vinden.

En andere critici zeggen dat het nieuwe paspoort lang niet zo veilig is als de overheid ons wil doen geloven. Aanvankelijk werd aangenomen dat Nederland dankzij de zegeningen van de technologische vooruitgang weer een stuk veiliger zou worden. Via een centrale database konden opsporingsdiensten verdachte elementen makkelijker oppakken. En als er even door werd gepakt, zou Nederland snel marktleider zijn op biometrisch gebied. Iedereen veiliger, Nederland rijker. Een paar jaar en drie vernietigende rapporten verder gaat de overheid de miljoenen opgeslagen vingerafdrukken weer uit de systemen halen. Als alles goed gaat.

Brenno de Winter, expert op het gebied van overheid en technologie heeft een duidelijke mening over de invoering van het biometrische paspoort. 'Hier zie je heel duidelijk dat er in Nederland een heilig geloof in technologie bestaat, waarbij wij risico's volledig negeren. (...)'

Max Snijder deed in opdracht van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) onderzoek naar de invoering van het biometrisch paspoort. Hij schrok van de naïviteit waarmee Nederland dat klusje wel even dacht te klaren. '(...) Toen vorig jaar naar buiten kwam dat er bij een steekproef in Roermond een foutpercentage van 21% was bij het verifiëren van vingerafdrukken vanuit de database, leek minister Donner daar niet eens van te schrikken.' Snijder beschrijft het heilige geloof in de technologie, de tunnelvisie van de verantwoordelijke ambtenaren en het gebrek aan een duidelijk doel. (...)

Ook Vincent Böhre deed in opdracht van de WRR onderzoek naar het biometrisch paspoort. 'Er zijn rare dingen gebeurd die gedeeltelijk zijn te verklaren uit de angst voor terrorisme. Dan nemen mensen en ook overheden vaker irrationele beslissingen.'  Volgens Böhre leefde bij de overheid een tijd het idee dat drastische privacy-inperkende beslissingen zo snel en geruisloos mogelijk doorgevoerd moesten worden. 'Men dacht dat als ze het maar snel genoeg doen het later niet meer terug kon worden gedraaid. Daar beginnen ze eindelijk van terug te komen. Privacy is een mensenrecht. De overheid weet dat ze rechtszaken kan verwachten als daar geen rekening mee wordt gehouden.'

Het gevaar van een overheid die alles kan zien, is volgens Böhre niet vaag en ver weg. 'We bouwen nu een infrastructuur die door bijvoorbeeld een totalitair regime kan worden misbruikt. Daarom moeten er in de wetgeving en technische infrastructuur remmen worden ingebouwd om misbruik te voorkomen.'

In  WikiLeaks-documenten staat dat Nederland voor Amerika een proeftuin voor antiterroristische wetgeving was. Böhre: 'De Amerikanen spraken over ons als dat land waar je alles kon invoeren wat je maar kunt bedenken. De economische belangen zijn groot. Nederland dacht er goede sier mee te maken en uiteindelijk marktleider te worden. Dat imago heeft een deukje opgelopen toen bleek dat een kwart van de vingerafdrukken niet kan worden geverifieerd.'

De industriële lobby speelde volgens Böhre ook een grote rol in de totstandkoming van het nieuwe paspoort. 'Het belangrijkste argument om het biometrische paspoort in te voeren, was het tegengaan van lookalike-fraude. Ik heb de cijfers daarover boven tafel kunnen krijgen. Het gaat om slechts tientallen gevallen per jaar. Wat mager om de hele bevolking op te zadelen met een verplicht biometrisch paspoort.'"

Bron: Nieuwe Revu nr. 15, 2012 / editie 2927, pp. 10-11.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

In het programma Fresh'n Up op FunX Radio werd Privacy First voorzitter Bas Filippini deze week geïnterviewd over de verschillende rechtszaken tegen de nieuwe Paspoortwet en over de Nederlandse aantasting van de privacy in het algemeen. De nieuwe Paspoortwet staat namelijk niet op zichzelf, maar past in een breder patroon van een overheid die iedereen wil kunnen controleren met behulp van vingerafdrukken, gezichtsscans, camera's met gezichtsherkenning, profiling, opslag van communicatiegegevens, cameratoezicht aan de landsgrenzen en binnenkort misschien zelfs mini-drones. Beluister hieronder het hele fragment!

 

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Nederlandse paspoorten worden nauwelijks nog gebruikt voor paspoortfraude. Het gaat om enkele tientallen paspoorten per jaar, terwijl ieder jaar duizenden andere soorten valse identiteitsdocumenten worden onderschept door onder andere de Koninklijke Marechaussee.

In 2010 werden minder dan 35 Nederlandse paspoorten ingenomen die of vervalst waren of waarmee gefraudeerd werd. Het totaal aantal vervalste documenten dat wordt aangetroffen daalt sinds 2004. Dat blijkt uit de jaarverslagen van het Expertisecentrum Identiteitsfraude & Documenten (ECID), het onderzoeksbureau van de Koninklijke Marechaussee gevestigd op Schiphol.

Opmerkelijk is ook het kleine aantal Nederlandse paspoorten dat is aangewend voor identiteitsfraude. Hierbij gebruikt een persoon een nog geldend paspoort van iemand anders. In 2008 en 2009 werd dit minder dan dertig keer geconstateerd, in 2010 slechts acht keer. De cijfers zijn koren op de molen voor stichting Privacy First, die het ECID had verzocht om de verslagen openbaar te maken. Volgens jurist Vincent Böhre van de burgerrechtenorganisatie laten de cijfers zien dat identiteitsfraude 'helemaal geen groot fenomeen is'. Sinds september 2009 is het verplicht om vingerafdrukken op te slaan in het Nederlands paspoort. Böhre: "De overheid heeft jaren beargumenteerd dat zo'n biometrisch paspoort nodig was om grootschalige identiteitsfraude te bestrijden. Nu blijkt dat deze fraude praktisch geen rol speelt.''

De verslagen maken volgens Böhre ook duidelijk dat de Tweede Kamer begin 2010 is voorgelogen over identiteitsfraude door de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken van destijds, Ank Bijleveld (CDA). "De staatssecretaris heeft aan de Kamer geantwoord dat zulke cijfers niet bekend zijn. Maar de cijfers werden ook toen al verschillende jaren bijgehouden door het ECID.''

Bijleveld is nu Commissaris van de Koningin in Overijssel. Het opslaan van vingerafdrukken en een gezichtsscan in het paspoort wordt nog door burgers aangevochten bij de Raad van State, de hoogste bestuursrechter. De zitting hiervan begint maandag."

Bron: Dagblad van het Noorden (p. 5), Twentse Courant Tubantia, De Stentor / Apeldoornse Courant, Deventer Dagblad, Dagblad Flevoland, Gelders Dagblad, Nieuw Kamper Dagblad, Sallands Dagblad, Zutphens Dagblad, Veluws Dagblad & Zwolse Courant, 31 maart 2012, sectie Binnenland.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Op maandag 2 april as. (11.00) vinden bij de Raad van State tegelijkertijd drie individuele rechtszittingen plaats tegen de nieuwe Paspoortwet. Eén van deze rechtszaken is aangespannen door dhr. W.P. Willems tegen de burgemeester van de gemeente Nuth (Zuid-Limburg). Hieronder leest u de overwegingen van dhr. Willems om geen vingerafdrukken af te staan voor een nieuw paspoort of identiteitskaart:

Als "biometrisch weigeraar" ben ik nu al bijna twee jaar verstoken van een paspoort of ID-kaart. Een rare situatie: heel je leven ben je van geboorte Nederlander en plots blijkt dat niet meer zo'n vanzelfsprekendheid. Ik kan geen officiële transacties doen, het ziekenhuis doet moeilijk, ik kan geen vliegreis maken en zelfs reizen in Europa is niet langer zonder gevaar. De politie kan me "zomaar" in vreemdelingendetentie opsluiten. En toch, steeds meer Nederlanders kiezen ervoor om geen paspoort of identiteitskaart aan te vragen; ze vertrouwen onze overheid niet meer.

De Franse Revolutie maakte in 1789 een einde aan het totalitaire staatsmodel, aan de willekeur van het goddelijk recht "Le Droit Divin". Veel bevoegdheden, welke voorheen in handen van koningen en regenten lagen, zijn overgeheveld naar een gekozen overheid maar dus ook naar het private domein van de burger. In 1848 is deze scheiding, tussen publiek en privaat, in ons land geformaliseerd en gelegaliseerd. Dit was het fundament waar Thorbecke, de grondlegger van de Nederlandse parlementaire democratie, onze Grondwet op baseerde.

Vooral in de artikelen 10 en 11 van de Grondwetsherziening van 1983 komt dit tot uitdrukking:

art. 10: "De wet stelt regels ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer in verband met het vastleggen en verstrekken van persoonsgegevens."

art. 11: "Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op onaantastbaarheid van zijn lichaam."

De Grondwet laat dus toe dat de overheid persoonsgegevens vastlegt, maar verplicht haar tevens om deze gegevens te beschermen. Er staat niet voor niets "regels ter bescherming", terwijl de laatste drie oud-ministers van Binnenlandse Zaken en een meerderheid in het politieke establishment dat slechts interpreteren als "regels"; het "ter bescherming" wordt maar vergeten.

Nu deze rechten niet alleen in de Grondwet maar ook in de Universele Rechten van de Mens zijn vastgelegd behoeft het nauwelijks betoog dat een inbreuk op deze fundamentele rechten eigenlijk niet zou moeten kunnen plaatsvinden, maar als het echt niet anders kan, dan moet deze inbreuk van zeer stringente waarborgen worden voorzien.

En juist daaraan mankeert het bij het nieuwe biometrische paspoort. Als liberaal zal ik me zoveel mogelijk verzetten tegen ongewenste staatsbemoeienis. Het is waar, blijkbaar heb ik de tijd tegen, gezien de maatschappelijke ontwikkelingen en gezien de uitspraken van opvolgende politici die zich met het paspoort hebben bemoeid.

Het blijkt dat totalitaire staatsbemoeienis steeds dichterbij komt en door sommigen zelfs als doel geformuleerd wordt. De Staat geeft er steeds weer blijk van dat ze zoveel mogelijk van ons burgers wil weten om ons aldus te kunnen controleren, bijsturen en beheersen. Dit alles uiteraard onder het mom van een illusoir streven naar meer veiligheid. De historische en wettelijke context wordt echter door de voorstanders van biometrische identificatie volledig genegeerd. Het historisch besef ontbreekt blijkbaar. Men vindt het allemaal niet zo bezwaarlijk, waarom zo moeilijk doen, het dient toch een nastrevenswaardig doel? Veiligheid! Veiligheid voor ons allen.

Ze vergeten dat respect voor het privédomein de voorwaarde is om met elkaar in een gezonde samenleving te kunnen functioneren. Mensen streven in de eerste plaats naar vrijheid, veiligheid is daaraan ondergeschikt. Op het moment dat dit niet meer wordt erkend en belangrijk geacht, zakken we vanzelf af naar een totalitaire Staat. Een Staat waarin regenten en beambten de dienst uitmaken; die weten uitstekend wat goed voor henzelf is, maar helaas ook wat "goed" voor u is. Historisch, maar ook heden ten dage, zijn er voorbeelden te over om te zien waar dat toe leiden kan.

Ze vergeten dat vrijheidsverlies nooit wordt gevolgd door meer veiligheid voor het individu. Het gevaar komt dan hooguit ook nog uit andere hoek. Een Staat met voldoende historisch besef zou deze macht c.q. informatie over haar burgers niet eens in handen moeten willen krijgen; al is het alleen maar omdat, zoals de ervaring van de Tweede Wereldoorlog leert, burgers bij een te uitgebreid en sluitend administratief overheidssysteem ernstig in gevaar kunnen worden gebracht.

Een verder bezwaar dat ik als weigeraar aanvoer is het feit dat een dergelijke inbreuk op mijn privéleven, als dat al maatschappelijk noodzakelijk zou zijn, niet zonder een afweging van mijn persoonlijk belang kan plaatsvinden, juist omdat de aantasting van het privédomein zo'n dominante plaats heeft in onze wetgeving. Mijn persoonlijk belang wordt echter expliciet buiten de afweging gehouden.

De overheid rechtvaardigt deze inbreuk met de reden dat een verbetering van het uitgiftesysteem van paspoorten wordt bewerkstelligd. Een drogreden die thans echt niet langer aangevoerd kan worden. Nu de minister heeft aangegeven dat de biometrische gegevens slechts tijdelijk, tijdens de aanmaak van het document, opgeslagen zullen worden en er verder geen biometrische gegevens meer buiten het paspoort in een databank zullen worden opgeslagen, kan bij een nieuwe of hernieuwde aanvraag geen verificatie met deze niet opgeslagen gegevens plaatsvinden. Dat klemt temeer daar bij het afhalen van het document de biometrische gegevens niet met de gegevens van de aanvragende persoon vergeleken mogen worden. Wellicht omdat meer dan 20% van de vingerafdrukken niet betrouwbaar naar de rechtmatige eigenaar te herleiden is. De nieuwe methode is dus niet beter dan de oude.

Indien men de Europese Paspoortverordening zélf als reden aanvoert: wat ik daar als Nederlander al van mag vinden, de verordening schrijft voor dat de gegevens worden beveiligd en het opslagmedium "voldoende geschikt moet zijn om de integriteit, de authenticiteit en de vertrouwelijkheid van de gegevens te garanderen". Tevens wordt uitdrukkelijk vermeld dat een ongeoorloofde toegang te allen tijde moet worden voorkomen. Volgens de in artikel 5, lid 2, bedoelde procedure worden aanvullende technische specificaties voor het paspoort vastgesteld voor:

a) aanvullende veiligheidskenmerken en -vereisten, met inbegrip van hogere normen ter voorkoming van vervalsing en namaak;

b) technische specificaties betreffende het medium voor de opslag van de biometrische gegevens en de veiligheid ervan, zoals het voorkomen van ongeoorloofde toegang; (onderstreping Willems)

c) kwaliteitseisen en gemeenschappelijke normen inzake gezichtsopname en vingerafdrukken.

De externe toegang, zonder goedkeuring van de drager, is ingebakken in de gekozen opslagmethode, met een op afstand uitleesbare chip. Weg beveiliging. De bescherming die art. 10 van de Grondwet biedt is ondergeschikt gemaakt aan het gebruiksgemak van de controlerende instanties en overheden. Het is meer dan voldoende aangetoond dat de beveiliging onvoldoende is en technisch gezien onnodig sterk te wensen overlaat.

Ik heb nu juist bezwaar tegen deze manier van opname van de biometrische en andere gegevens op de chip in het paspoort. Ik maak bezwaar tegen de eenvoudige uitlezing door derden en de zwakke beveiliging daarvan. De regie over mijn eigen persoonlijke gegevens wordt me ontnomen en geforceerd in handen gelegd van een Staat en van andere organisaties die geregeld in het nieuws komen met datalekken en beveiligingsproblemen waarvan de ene nog erger is dan de andere.

Mijn bezwaar betreft verder dat de versleutelingscodes met "bevriende Staten" worden gedeeld. Externe toegang en uitlezing is een zekerheid, ook door onbetrouwbare personen en/of diensten. Dat is voor mij onaanvaardbaar. Want het betekent in de praktijk twee dingen:

1) deze zogenaamde "bevriende Staten" kunnen de gegevens, waarvan wij besloten hebben om ze niet op te slaan, juist wél opslaan. Alle argumenten tegen enige vorm van opslag door onze eigen Staat gelden nog steeds.
2) wij staan gegevens c.q. "bevoegdheden" af aan andere Staten.

Elke gegevensuitwisseling moet daarom gepaard gaan met een optimale kwaliteit van zowel ons openbaar bestuur, als ook van het openbaar bestuur van deze vreemde mogendheden.

Uit de geschiedenis weten we dat sterke Staten soms verschrikkelijk ontsporen. Om het met hoogleraar Ankersmit te zeggen: "Dit betekent dat we altijd de absolute zekerheid moeten hebben dat publieke bevoegdheden corresponderen met de verplichting tot het publiekelijk afleggen van verantwoording. Geen bevoegdheden zonder verantwoordelijkheden, en geen verantwoordelijkheden zonder bevoegdheden. Dat is de alfa en omega voor alle goed bestuur."

De Staat der Nederlanden kan op geen enkele manier garanderen dat andere Staten, al dan niet bevriend, geen misbruik van deze gegevens zullen maken en aldus mijn grondrechten geweld aan zullen doen.

In de toekomst is bij een elektronische controle wellicht zelfs niet eens een fysiek paspoort meer noodzakelijk. Een virtuele identiteit zal voldoende blijken, bijna zoals dat nu ook gebeurt met uw bancaire internetverkeer. Groot verschil is echter dat u in dit laatste geval zelf van uw bancaire gegevens de coderingssleutel bezit. Bij de paspoortgegevens bezitten "anderen" de sleutels. De gegevens kunnen worden gekloond. Door het verstrekken van uw biometrische kenmerken verzwakt uw identiteit tot een identiteit die redelijk eenvoudig gekloond, gestolen en misbruikt kan worden.

De toekomstige misdadigers zullen niet langer met vervalste of gestolen paspoorten rondlopen, neen, ze lopen met uw en met mijn identiteit rond en worden hierdoor niet alleen onvindbaar maar, sterker nog, als u, een onschuldige burger, reeds veroordeeld bent door "onomstotelijk biometrisch bewijs", zal er niet eens meer naar hen gezocht worden.

Niet doen dus.

Een overheid moet privacy niet alleen als lastig beschouwen maar als een waarachtig grondwettelijk recht.

Vrijheid moet nooit worden ingeleverd om hiermee te trachten veiligheid te verkrijgen. Juist veiligheid verdwijnt als eerste, indien vrijheid wordt opgeofferd.

W.P. Willems


"Maar het is allemaal een illusie, want zij sterven ook; die mensen die hun geest slechts een uiterst beperkte speelruimte opleggen en zich voegen, voegen om veilig te zijn. Veilig voor wat? Het leven speelt zich altijd af op de rand van de dood; smalle straatjes leiden naar dezelfde plaats als brede boulevards en een klein kaarsje brandt ook op, net zoals een laaiende toorts. Ik kies zelf mijn weg om op te branden." 
(Sophie Scholl)

Gepubliceerd in Biometrie

Dankzij een Wob-verzoek van Privacy First worden de officiële cijfers over look-alike fraude met Nederlandse paspoorten en identiteitskaarten vandaag voor het eerst openbaar. Uit deze cijfers blijkt dat het biometrische paspoort met vingerafdrukken een volstrekt disproportionele maatregel is die nooit had mogen worden ingevoerd.

Hét overheidsargument voor de invoering van vingerafdrukken in paspoorten en identiteitskaarten is al jaren hetzelfde: bestrijding van look-alike fraude. Look-alike fraude is een vorm van misbruik waarbij iemand een authentiek reisdocument gebruikt van een ander met wie hij of zij uiterlijke gelijkenis vertoont. Dit type fraudeur wordt ook wel impostor genoemd. Over de omvang van dit type fraude zijn vrijwel nooit vragen gesteld, noch door Kamerleden, noch door wetenschappers en journalisten. Wie er de laatste 10 jaar een vraag over stelde werd meestal met één van de volgende kluitjes in het riet gestuurd: cijfers over look-alike fraude zouden "onbekend", "niet openbaar", "vertrouwelijk" of "geheim" zijn. Het antwoord op de meest recente Kamervraag in dit verband dateert uit oktober 2010:

- Vraag: "Is het waar dat de cijfers van 'lookalike' fraude met identiteitsdocumenten bekend zijn, maar dat u die cijfers niet aan de Tweede Kamer wilt geven? Bent u bereid deze cijfers naar de Tweede Kamer te sturen?"
- Antwoord staatssecretaris Bijleveld (BZK): "Nee, dit is niet waar. Omdat dergelijke cijfers mij niet bekend zijn, kan ik u die vanzelfsprekend niet toesturen." (bron)

Wie de laatste jaren doorvroeg kreeg vaak te horen dat het om een gigantisch fenomeen zou gaan. Hierdoor ontstond het beeld van een "dark number" met bijna mythische proporties. Echter zonder een spoor van bewijs. Dus diende Privacy First onlangs een Wob-verzoek in bij het Nederlandse overheidsonderdeel waar de cijfers over look-alike fraude al jaren keurig worden bijgehouden: het Expertisecentrum Identiteitsfraude & Documenten (ECID) op Schiphol. Het ECID ressorteert onder de Koninklijke Marechaussee (KMar), oftewel onder het Ministerie van Defensie. Uit betrouwbare bron wist Privacy First dat de betreffende cijfers sinds 2008 in overzichtelijke jaarrapportages van het ECID te vinden zouden zijn. Dus vroegen wij die jaarrapportages onlangs simpelweg per email op. Vanuit het Ministerie van Defensie ontving Privacy First vervolgens de Statistische Jaaroverzichten Documentfraude over 2008 t/m 2010. (Update: de cijfers over 2011 volgden op 29 mei 2012.) Uit deze jaaroverzichten blijken de volgende cijfers over look-alike fraude met Nederlandse paspoorten en identiteitskaarten op Nederlands grondgebied:

2008: 46 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2008pdf, p. 45)

2009: 33 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2009pdf, pp. 42-43)

2010: 21 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2010pdf, pp. 52-53)

2011: 19 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2011pdf, pp. 52-53).

2012: 21 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2012pdf, p. 55).

2013: 12 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2013pdf, pp. 55-56).

2014: 10 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2014pdf, pp. 38-39).

2015: 16 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2015pdf, pp. 40-41). Tevens bleek in de periode 2012-2015 sprake van 29 gevallen bij grenspassage in de ons omringende landen België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk (gemiddeld per jaar en per land; zie p. 45).  

2016: 14 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2016pdf, pp. 54-55). Tevens bleek in de periode 2012-2016 sprake van 28 gevallen bij grenspassage in de ons omringende landen België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk (gemiddeld per jaar en per land; zie p. 62).

2017: 7 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2017pdf, pp. 53-54). Tevens bleek in de periode 2012-2017 sprake van 28 gevallen bij grenspassage in de ons omringende landen België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk (gemiddeld per jaar en per land; zie p. 61).

2018: 14 gevallen (bron: Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2018pdf, pp. 51-53). Tevens bleek in de periode 2014-2018 sprake van 26 gevallen bij grenspassage in de ons omringende landen België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk (gemiddeld per jaar en per land; zie p. 59).

Nederland telt 17 miljoen inwoners. Bijna 7,5 miljoen daarvan hebben tot maart 2012 hun vingerafdrukken moeten afstaan ter bestrijding van een handjevol gevallen van look-alike fraude. (Update november 2017: 20 miljoen vingerafdrukken, aldus NOS. Zie ook reactie Privacy First.) Deze situatie is naar alle maatstaven volstrekt disproportioneel en vormt daarmee een collectieve schending van het recht op privacy van iedere Nederlander. Privacy First ziet deze cijfers als sterke ondersteuning in haar rechtszaak tegen de nieuwe Paspoortwet en roept hierbij de Nederlandse overheid op om de verplichte afname van vingerafdrukken voor paspoorten en identiteitskaarten per direct stop te zetten. Ook tegen het Europese beleid in.

Update 22 maart 2012: eerder had Privacy First de cijfers 63 (2009) en 52 (2010) weergegeven. Die cijfers berustten echter op een telfout (dubbeltelling), waarvoor onze excuses.

Update 30 maart 2012: interne documenten van BZK uit 2004 duiden eveneens op relatief lage fraudecijfers en bovendien op hoge kosten voor de invoering van biometrie in reisdocumenten. Privacy First verkreeg deze documenten onlangs middels een grootschalig Wob-onderzoek dat reeds sinds april 2011 loopt.

Update 29 mei 2012: vandaag ontving Privacy First vanuit het Ministerie van Defensie eindelijk het langverwachte Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude 2011pdf. Het aantal gevallen van look-alike fraude met Nederlandse paspoorten en identiteitskaarten op Nederlands grondgebied (voorzover bij de KMar bekend) bedroeg blijkens dit rapport respectievelijk... 11 en 8, in totaal dus slechts 19. Bovenstaand lijstje met getallen van 2008 t/m 2010 hebben wij met deze cijfers over 2011 aangevuld. E.e.a. bevestigt eens te meer het beeld van look-alike fraude als zeer kleinschalig fenomeen. Het opzadelen van de hele Nederlandse bevolking met biometrische paspoorten en ID-kaarten ter bestrijding hiervan is en blijft dan ook volstrekt disproportioneel en dus onrechtmatig.

Update 1 november 2013: bovenstaand overzicht is vandaag aangevuld met de cijfers over 2012pdf. Privacy First beschouwt deze cijfers opnieuw als sterke ondersteuning in onze rechtszaak tegen de Nederlandse Staat ter onrechtmatigverklaring van de Paspoortwet (Paspoortproces). Een uitspraak van het Hof Den Haag in het Paspoortproces volgt op 7 januari as. Onlangs keurde het Europees Hof van Justitie de verplichte afname van vingerafdrukken onder de Europese Paspoortverordening goed, echter zonder enig kwantitatief onderzoek te hebben gedaan naar het doel hiervan: bestrijding van look-alike fraude met reisdocumenten. Reeds bij de ontwikkeling van de Paspoortverordening in 2004 kreeg het Europees Parlement hier desgevraagd geen cijfers over boven tafel. De privacyrechtelijke vereisten van 1) noodzakelijkheid en 2) proportionaliteit van de Paspoortverordening blijven daarmee tot op heden onaangetoond. Privacy First concludeert hieruit andermaal dat de verplichte afname van vingerafdrukken voor paspoorten en ID-kaarten onrechtmatig is en roept hierbij nogmaals de Nederlandse overheid op om deze praktijk per direct stop te zetten, ook tegen het Europese beleid in.

Update 9 juli 2014: bovenstaand overzicht hebben wij vandaag aangevuld met de cijfers over 2013pdf. Wederom zijn deze cijfers buitengewoon laag en zelfs veel lager dan in voorgaande jaren. Nieuw in de rapportage over 2013 zijn de cijfers van look-alike fraude met Nederlandse paspoorten en ID-kaarten in enkele omringende landen. Deze cijfers zijn relatief hoger (166 gevallen in totaal, zie p. 60). Afgezet tegen een bevolking van 17 miljoen Nederlanders acht Privacy First het echter nog steeds volstrekt disproportioneel om ter bestrijding van dergelijk kleinschalige (0,00098%) look-alike fraude ieders vingerafdrukken af te nemen.

Update 26 november 2015: vandaag heeft Privacy First de cijfers over 2014pdf aan bovenstaand overzicht toegevoegd en breed gepubliceerd. Deze cijfers zijn opnieuw lager dan in voorgaande jaren. In relatieve zin blijkt het dus nog steeds slechts om een handjevol gevallen van look-alike fraude te gaan.

Update 27 juli 2016: de cijfers over 2015pdf zijn onlangs door Privacy First bij het Ministerie van Defensie opgevraagd en vandaag aan bovenstaand overzicht toegevoegd. Opnieuw zijn deze cijfers relatief laag. Nieuw in de rapportage zijn de statistieken over look-alike fraude met Nederlandse paspoorten en identiteitskaarten bij grenspassage in België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk: in totaal respectievelijk 213 en 137 gevallen in de periode 2012-2015, oftewel gemiddeld slechts 18 paspoorten en 11 identiteitskaarten per jaar per land. In de optiek van Privacy First zijn deze aantallen nog steeds dusdanig laag dat het niet de verplichte afname van vingerafdrukken voor paspoorten bij de gehele Nederlandse bevolking rechtvaardigt.

Update 30 november 2017: vandaag zijn de cijfers over 2016pdf door Privacy First aan bovenstaand overzicht toegevoegd. Zoals verwacht zijn deze cijfers opnieuw erg laag en gedaald ten opzichte van vorig jaar. Dit geldt ook voor de statistieken over look-alike fraude met Nederlandse paspoorten en identiteitskaarten bij grenspassage in België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk: in totaal respectievelijk 259 en 163 gevallen in de periode 2012-2016, oftewel gemiddeld slechts 17 paspoorten en 11 identiteitskaarten per jaar per land. In de optiek van Privacy First zijn deze aantallen nog steeds dusdanig laag dat het de verplichte afname van vingerafdrukken voor paspoorten bij de gehele Nederlandse bevolking totaal niet rechtvaardigt.

Recentelijk berichtte de NOS dat de Nederlandse bevolking inmiddels zo’n 20 miljoen nutteloze vingerafdrukken heeft afgestaan ter eventuele bestrijding van een handjevol gevallen van look-alike fraude. Deze situatie is naar alle maatstaven volstrekt disproportioneel en vormt daarmee een immer voortdurende collectieve schending van het recht op privacy van iedere Nederlander. Privacy First roept hierbij dan ook de Nederlandse overheid opnieuw op om de verplichte afname van vingerafdrukken voor paspoorten per direct stop te zetten, ook tegen het Europese beleid in. Mocht dit vervolgens tot een rechtszaak tussen de Europese Commissie en Nederland leiden (wegens schending van de Europese Paspoortverordening), dan verwacht Privacy First dat de Nederlandse regering deze zaak glansrijk zal winnen en daarmee tevens een positief precedent zal scheppen voor het gehele Europese continent. Desgewenst zal Privacy First de Nederlandse regering hier graag bij adviseren.

Update 20 september 2018: vandaag zijn de cijfers over 2017pdf door Privacy First aan bovenstaand overzicht toegevoegd. Zoals verwacht zijn deze cijfers opnieuw erg laag en gedaald ten opzichte van vorig jaar.

Update 20 november 2019: vandaag zijn de cijfers over 2018pdf door Privacy First aan bovenstaand overzicht toegevoegd. Zoals verwacht zijn deze cijfers opnieuw buitengewoon laag.

Op 17 november 2019 besteedden Reporter Radio en iBestuur uitgebreid aandacht aan identiteitsfraude, waaronder look-alike fraude: "Het ECID, opgericht in 2007, stelt sinds 2008 een uitgebreid en zeer gedetailleerd ‘Statistisch Jaaroverzicht Documentfraude’ op. Tot en met het overzicht van 2017 bevatte de inleiding de zin: “Het document is geschreven met de bedoeling een zo breed mogelijk publiek te informeren.” In 2017 werd het ‘een zo breed mogelijk publiek binnen de overheid’ en vorig jaar weer gewoon een breed publiek, dat nu geïnformeerd werd ‘over de laatste trends en ontwikkelingen op het gebied van documentfraude’. Masha O’Connor, hoofd ECID, zegt dat de overzichten alleen actief worden verspreid onder de ketenpartners. Een beperkt publiek binnen de overheid. Toch zijn de overzichten breed beschikbaar en wel op de website van de burgerrechtenorganisatie Privacy First. Die stuurt elk jaar een Wob-verzoek naar het ministerie van Defensie, dat inmiddels zo ongeveer per ommegaande de nieuwe editie verstrekt." (bron)

Gepubliceerd in Wob-procedures
zaterdag, 17 maart 2012 15:34

De man zonder paspoort

Deze week trof Privacy First in haar archief een prachtige parel aan. Het is een gedicht van Joost van Kersbergen dat op 3 oktober 2010 werd uitgezonden in het programma Spoken op FunX Radio. Het audio-fragment vindt u hieronder in mp3.

 

 

Hier de tekst: 

De man zonder paspoort

Daar gaat de man zonder paspoort,

zonder nummer van de staat,

zonder chip en zonder code,

het is alsof hij niet bestaat.

Hij liep naar binnen bij de bakker,

en zei met een zachte stem:

"Luister, beste makker,

weet jij soms wie ik ben?"

De bakker, die moest lachen,

en tikte met z'n vinger tegen 't hoofd:

"Ik kan niet veel zeggen van de ander,

maar wel van de één z'n dood."

Dus hij ging maar naar de slager,

daar stond een hele lange rij,

keek naar de mensen hun gelaat

en dacht: "Ik ben niet anders dan jij."

De slager keek 'm aan en zei:

"Meneer, wat mag het zijn?"

Hij zei: "Kunt u mij misschien vertellen,

waarom hoort mijn vlees er niet bij?"

De slager was geplaagd en zei:

"Ach jongen, schei toch uit,

voor grappen heb ik nu geen tijd,

je zit niet in de juiste Kuip."

Dus hij ging naar de dokter,

en kwam daar bij de assistent.

Die vroeg of het een spoedgeval was,

of hij een afspraak had gepland.

Hij zei dat hij de dokter wilde spreken

en zat met een prangende vraag.

Ze vroeg hem waar hij was verzekerd,

want er was morgen wel plaats.

"Oh, maar dat is een probleem",

zei opeens de assistent.

"U staat niet in ons systeem."

En dat was ze niet gewend.

De assistent die zei wat wrang:

"Helaas meneer, helaas,

ik kan u niet helpen ben ik bang,

omdat u niet in de computer staat."

"Maar ik sta hier nu toch echt",

zei de man totaal verbaasd.

Dus toen zei de assistent:

"Ga eens naar een advocaat."

Dus hij zocht een advocaat,

maar van de advocaat geen enkel spoor.

Hij vroeg een jongeman op straat, die zei:

"Zoek naar een luxe kantoor."

Het kantoor had hij gevonden,

maar geen advocaat te zien.

Aan de balie zat een jongedame:

"Kan ik u helpen misschien?"

Hij zei: "Ik zoek een advocaat,

want ik heb een groot probleem.

Ik geloof dat ik niet besta,

want ik sta niet in 't systeem."

Met wenkbrauwen omhoog zei ze:

"Meneer, u maakt een grap."

"Nee", zei hij, "was 't maar zo,

dan had ik geen advocaat nodig gehad."

"Nou", zei de dame geïrriteerd,

"de advocaat heeft vandaag geen tijd,

maar als ik u was, meneer,

zou ik eens gaan informeren bij de overheid."

"Sorry jongedame, de overheid,

dat klinkt me nogal vaag,

waar kan ik die dan vinden?"

"Nou, die vindt u in Den Haag."

Dus hij ging op pad,

slechts gedragen door zijn benen,

richting de grote stad,

langs de velden en de wegen.

Zo lopend langs de bomen

zag hij prachtig mooie vlinders.

"Zij hebben toch ook geen code,

maar bestaan daarom niet minder."

Dus hij besloot Den Haag te mijden,

en floot ongestoord het lied

mee met de vogels en de bijen en dacht:

"Dan besta ik toch lekker niet."

Gepubliceerd in Kunstcollectie

"Het is goed misgegaan bij de invoering van het biometrische paspoort. Dat is de conclusie van een onderzoek van oud-topambtenaar Roel Bekker. Volgens hem heeft de overheid de complexiteit van het digitale paspoort onderschat. Nederland wilde in de bestrijding van zogeheten 'look-a-like' fraude voorop lopen, en dat werd nog eens extra urgent na 11 september 2001. Technologische experts en zwakke waarschuwingen werden daardoor nauwelijks gehoord. De voortvarendheid waarmee het biometrisch paspoort vervolgens werd ingevoerd, heeft een systeem opgeleverd dat 'niet is mislukt', volgens Bekker, maar dat ook 'niet werkt'. Eerder bleek al uit een proef van de gemeente Roermond dat het één op de vijf keer mis gaat bij het uitlezen van de digitaal opgeslagen vingerafdruk. Maar omdat er in de aanloop nooit is vastgesteld wat de foutmarge mag zijn in zo'n systeem, is niet eens te zeggen of die twintig procent een probleem vormt of niet. Bovendien is er nooit duidelijkheid geweest over de omvang van de 'look-a-like' fraude. Men heeft aangenomen dat deze fraude een groot probleem is, en dat biometrie het antwoord daarop zou zijn.
(...)
De problemen met het biometrisch paspoort hebben een lange geschiedenis. Vincent Böhre stelde in 2010 in het WRR-rapport 'Happy Landings? Het biometrische paspoort als zwarte doos' vast dat het begrip privacy sinds eind jaren negentig meer en meer naar de achtergrond is verdwenen, en dat er nauwelijks gedegen onderzoek is gedaan naar de effectiviteit van biometrie in het paspoort. Vorig jaar gaf toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Piet Hein Donner opdracht tot onderzoek. Hij bepaalde toen onder druk van de Tweede Kamer dat vingerafdrukken uit paspoorten voorlopig niet centraal of door gemeenten worden opgeslagen. De Tweede Kamer vond dat systeem niet veilig en was bang voor fouten. De gemeentes beloofden toen de al opgeslagen vingerafdrukken te wissen uit hun databestanden. (...)

Inmiddels lopen er zeven rechtszaken van mensen die hebben geweigerd hun vingerafdrukken af te geven. Zij eisen een geldig identiteitsbewijs zonder vingerafdrukken van de overheid. Afgelopen donderdag diende bijvoorbeeld de zaak van Nanette Boers (25). Zij vindt de plicht om je vingerafdrukken af te geven een inbreuk op haar lichaamsintegriteit, en waarschuwt bovendien voor misbruik. Als je je vingerafdrukken eenmaal hebt afgegeven en er een digitaal bestand van is gemaakt, heb je er geen controle meer over. Dat is ook het punt van Peter Jongenelen (47), die in afwachting is van een uitspraak in zijn rechtszaak: 'Als ik veertig jaar geleden jouw identiteit wilde stelen, moest ik bij je inbreken. Nu volstaat een laptop, dat contact maakt met een bestandje ergens op de wereld.'
(...)
De reactie van Privacy First op het rapport van Bekker vindt u HIER."

Lees HIER het hele artikel op de website van radioprogramma 'De Andere Wereld' (IKON). De bijbehorende reportage kunt u HIER terugluisteren.

Gepubliceerd in Privacy First in de media
zaterdag, 10 maart 2012 16:37

Ophef over identificatieplicht

Het Openbaar Ministerie (OM) tekende onlangs beroep aan tegen de vrijspraak van een orthodox-joodse man die zich niet terstond kon identificeren. De man werd op 8 oktober jl. staande gehouden en verzocht zich te identificeren. De man vertelde de agenten dat hij geen ID-kaart bij zich had omdat het sabbat was. De religieuze regels die hij volgt, verbieden het om tijdens de sabbat iets bij zich te dragen. Wel gaf hij de politie toestemming om zijn rijbewijs thuis op te halen om zo zijn identiteit vast te stellen. Daarmee heeft hij in tegenstelling tot wat het OM beweert, aan de identificatieplicht voldaan. De kantonrechter ontsloeg de betreffende man op 17 februari jl. van rechtsvervolging.

Sinds januari 2005 geldt in Nederland de Wet op de Uitgebreide Identificatieplicht. Burgers moeten op verzoek van een daartoe bevoegd ambtenaar een identificatiebewijs kunnen tonen; er is sprake van een toonplicht. De plicht tot het dragen van een identiteitsbewijs (draagplicht) staat niet in de wet. Dit verschil mag academisch lijken, maar heeft belangrijke consequenties voor de dagelijkse praktijk. Het betekent niets meer en minder dan dat iemand die geen identiteitsbewijs draagt op zich niet in overtreding is. En dat geldt niet alleen voor mensen met een bepaald geloof.

In Nederland is er jaren veel weerstand geweest tegen de invoering van de identificatieplicht. Dat heeft ook te maken met het feit dat in de oorlog door het Nederlandse persoonsbewijs veel joden zijn afgevoerd.

In december 2003 werd de uitbreiding van de identificatieplicht in de Tweede Kamer besproken. Het wetsvoorstel kreeg veel kritiek van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak, de Orde van Advocaten en het College Bescherming Persoonsgegevens, dat wees op het gebrek aan onderbouwing en de strijdigheid met art. 8 lid 2 EVRM. Privacy International wees er bovendien op dat de plicht tot het dragen van een identiteitsbewijs in strijd is met het VN-verdrag voor de rechten van het kind, art. 16. Kort voor het parlementaire debat werd de draagplicht dan ook uit het wetsvoorstel geschrapt. Minister Donner verklaarde alleen een toonplicht in te willen voeren. Voor de PvdA was deze verandering een argument om voor te stemmen. De ChristenUnie, SGP, GroenLinks en SP stemden tegen de wet. Toen de wet was aangenomen wilde de VVD alsnog een draagplicht. In 2007 deed Henk Kamp (VVD) als Kamerlid opnieuw een poging om via een boerkaverbod de plicht tot het dragen van een identiteitsbewijs in de wet te laten opnemen.

In andere landen met alleen een toonplicht, zoals bv. Duitsland of Luxemburg, betekent dit daadwerkelijk dat men niet verplicht is een identiteitsbewijs bij zich te dragen. Als daar een persoon wordt aangehouden en hij/zij heeft geen identiteitsbewijs bij zich, wordt hij of zij in de gelegenheid gesteld dat op te halen tenzij er een dringende reden is de persoon meteen mee te nemen. In België is er wel een draagplicht en wel vanaf 1919. In Frankrijk is er een toonplicht voor Franse staatsburgers en een draagplicht voor migranten.

In Nederland wordt de toonplicht in de praktijk ten onrechte uitgelegd als draagplicht. Om dit te bereiken spreekt de wet van "aanbieden bij de eerste vordering" en moeten we volgens de Postbus 51-folder altijd een identiteitsbewijs bij ons hebben. Een folder is echter niet hetzelfde als de letterlijke tekst van de wet. De Haagse kantonrechter heeft op dit punt dan ook een juiste uitspraak gedaan.

Het OM lijkt zich hier niet bij neer te leggen, en de plicht om een identiteitsbewijs te dragen alsnog op een oneigenlijke wijze af te willen dwingen. Een woordvoerder van het OM liet weten: "Het is daarom belangrijk dat een hogere rechter zich hierover buigt. Dan weten burgers ook in de toekomst waar ze aan toe zijn." GroenLinks en de PvdA hebben vragen gesteld over deze kwestie.

Update Privacy First 8 februari 2013: de rechtszitting in het hoger beroep in deze zaak vindt plaats op dinsdag 12 februari 2013 (10.00u) bij het Hof Den Haag.

Update Privacy First 12 februari 2013: zoals verwacht deed het OM het tijdens de rechtszitting vanochtend voorkomen alsof sprake zou zijn van een draagplicht. Door de advocaat van de 'verdachte' werd (onder meer) terecht beargumenteerd dat slechts sprake is van een toonplicht, waar in casu aan was voldaan. De meervoudige kamer van het Hof doet uitspraak op dinsdag 26 februari as. (9.00u).

Update Privacy First 26 februari 2013: in een teleurstellende uitspraak heeft het Hof Den Haag vandaag alsnog geoordeeld dat sprake was van overtreding van de identificatieplicht. Daarbij miskent het Hof echter het onderscheid tussen een draagplicht en een toonplicht:

"Uit de Memorie van Antwoord van de minister van justitie aan de Eerste Kamer, zoals deze staat weergegeven onder punt 18 van de pleitnotities, volgt niet dat in het geval de verdachte zijn identiteitsbewijs thuis heeft liggen, steeds van een politieambtenaar verwacht of zelfs geëist zou mogen worden dat hij de verdachte vergezelt naar zijn woonhuis. Dat iets dergelijks in het onderhavige geval uiteindelijk wel is gebeurd, doordat politieambtenaren met verdachtes toestemming en met behulp van een buurvrouw van verdachte, die over zijn huissleutels beschikte, zich de toegang tot zijn huis hebben verschaft om aan de hand van de in verdachtes portemonnee aangetroffen rijbewijs zijn identiteit te kunnen vaststellen, levert naar het oordeel van het hof in de onderhavige zaak in redelijkheid geen grond op voor het openbaar ministerie om niet tot vervolging over te gaan. (...) Het hof is voorts van oordeel dat het feit dat de verdachte zich bereidwillig heeft opgesteld om, met behulp van zijn buurvrouw en de verbalisanten, zijn identiteitsbewijs alsnog ter inzage aan te bieden niet af doet aan het feit dat uit de wet noch uit de onder punt 42 van de pleitnotities genoemde Memorie van Antwoord volgt dat onder deze gegeven omstandigheden geen sprake is van een overtreding van artikel 447e van het Wetboek van Strafrecht."

Het is te hopen dat de Hoge Raad deze uitspraak spoedig zal corrigeren.

Update 11 december 2015: lees ook NOS op 3, 'Geen ID-kaart bij je? Vraag agent even mee te lopen', met naschrift Privacy First.

Gepubliceerd in Columns
Pagina 5 van 9

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon