donatieknop english

"Dé internethit van de afgelopen dagen, het filmpje van de Utrechtse Dom, kan een vervelende afloop hebben voor de maker, Jelte Keur. Hem hangt een boete van 8000 euro boven het hoofd, meldt RTV Utrecht.

Keur maakte de beelden met een drone. Maar om met een onbemand vliegtuigje boven bebouwing te vliegen, moet je een vergunning hebben - en die had Keur niet.

De beelden zijn op YouTube meer dan een kwart miljoen keer bekeken.

Perfect weer

"Ontheffing aanvragen kan, maar dat duurt bijna vijf weken. En zo lang van tevoren kan ik niet zien of ik dit weer ga krijgen", zegt de 32-jarige filmer tegen RTV Utrecht. Hij wachtte tien maanden op het perfecte weer, en dat was er afgelopen week.

Van de gemeente Utrecht hoeft Keur geen boete te verwachten, die zegt dat ze het mooie beelden vinden. Een eventuele boete zou komen van de luchtvaartpolitie. Maar daar heeft Keur nog helemaal geen contact mee gehad. "Hij loopt op de feiten vooruit", zegt een woordvoerder. "We weten van het bestaan van het filmpje en wat hij doet mag inderdaad niet, maar we hebben er nog niets over besloten."

Als de zaak naar het OM gaat en die besluit proces-verbaal op te maken, volgt er waarschijnlijk een schikkingsvoorstel. "Dat hoeft ook helemaal geen 8000 euro te zijn", aldus de politie.

(...)
Regelgeving

De drone-industrie maakt zich zorgen over de regelgeving in Nederland; we dreigen een achterstand op te lopen in vergelijking tot de rest van Europa. In de grote landen om ons heen zijn de regels voor het vliegen met een drone soepeler.

"Er zijn op Europees niveau allerlei ontwikkelingen gaande rondom dit onderwerp", zei Vincent Böhre van Privacy First eerder. "Het schiet alleen niet op. Ik heb nog geen conceptwetgeving voorbij zien komen. Er moet haast mee worden gemaakt. De ontwikkelingen gaan enorm snel en de risico's nemen alleen toe."

Efteling

Een 18-jarige Nederlandse filmer kwam in de problemen toen hij de Python in de Efteling had gefilmd met z'n drone. Volgens het attractiepark had de jongen mensen in gevaar gebracht door te dicht bij achtbanen te vliegen. En hij kon het vliegtuigje niet de hele tijd zien - een van de eisen om een drone te mogen laten vliegen."

Bron: http://nos.nl/op3/artikel/2004861-dom-filmpje-met-drone-mocht-niet.html, 21 november 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Drones worden tegenwoordig niet alleen door het leger en de politie gebruikt, maar ook steeds meer door burgers en bedrijven. Wat zijn hiervan de risico's? En welke regels gelden er eigenlijk? Bekijk hieronder een item van Omroep Gelderland over dit onderwerp met o.a. Vincent Böhre van Stichting Privacy First:

Gepubliceerd in Privacy First in de media
donderdag, 27 februari 2014 12:07

Europees Parlement wil spionagekastje in auto

Privacy First bezint zich op juridische maatregelen.

Tegen alle privacybezwaren in heeft het Europees Parlement deze week gestemd voor verplichte invoering van het eCall-systeem in nieuwe auto's. Dit systeem vormt een directe bedreiging voor de privacy van iedere automobilist. Indien ook de Europese Raad (d.w.z. een meerderheid van EU-lidstaten) met het voorstel van het Europees Parlement instemt, zal eCall per oktober 2015 voor alle nieuwe Europese auto's verplicht worden. Privacy First eist dat eCall vrijwillig i.p.v. verplicht wordt en zal daartoe zonodig een rechtszaak beginnen.

Door eCall worden bij een verkeersongeval automatisch de 112-hulpdiensten opgeroepen. Het eCall-alarmsysteem laat echter ook een spoor van locatiedata achter zonder dat de automobilist daar vooraf toestemming voor heeft gegeven. Het systeem wordt immers verplicht ingebouwd en er zit geen aan/uitknop op, maar laat wel continu sporen (metadata) achter in omringende GSM-netwerken. Dit vormt een flagrante schending van het recht op privacy en anonimiteit in de openbare ruimte. Het systeem zal bovendien voor andere doelen en door andere organisaties kunnen worden gebruikt dan louter voor de verkeersveiligheid, waaronder door politie en justitie, verzekeraars, belastingdienst, geheime diensten en mogelijk zelfs criminele groeperingen. Van maatschappelijk debat rond eventuele invoering van eCall is echter nauwelijks sprake geweest. Verplichte invoering is daarmee niet alleen onrechtmatig, maar ook ondemocratisch. Nadat de Nederlandse bevolking enkele jaren geleden massaal het rekeningrijden met bijbehorende spionagekastjes naar de prullenbak verwees, dreigt diezelfde bevolking nu via een Europese achterdeur alsnog met spionagekastjes in de auto te worden opgezadeld. Dit is een democratische rechtsstaat als Nederland onwaardig.

Privacy First grijpt in zodra het recht op privacy massaal geschonden dreigt te worden. Indien het eCall-systeem in Nederland verplicht wordt ingevoerd zal Privacy First een rechtszaak beginnen om dit ongedaan te maken. Privacy First is bereid om daartoe door te procederen tot aan het Europees Hof van Justitie in Luxemburg en ziet de uitkomst van een dergelijke zaak met vertrouwen tegemoet.

Gepubliceerd in Wetgeving

"De Europarlementscommissie Interne Markt heeft dinsdag een plan goedgekeurd om het zogenoemde ecall-systeem in alle Europese auto's verplicht te stellen.

Onder dat systeem zou er een simkaart in elke auto worden verwerkt, die bij een ongeluk automatisch 112 belt. Het ecall-systeem zit nu al in veel duurdere auto's.

Wanneer alarm wordt geslagen, geeft het systeem automatisch de locatie van de auto door, zodat hulpdiensten ook worden ingeschakeld als de inzittenden van de auto de alarmcentrale zelf niet te woord kunnen staan.

De Europese Commissie stelde vorig jaar dat het ecall-systeem mogelijk ook zou kunnen worden ingezet om gestolen auto's te volgen. CDA-Europarlementariër Wim van de Camp zegt echter tegen NUtech dat daar veel weerstand tegen is, met name in de Europarlementscommissie LIBE, die over burgelijke vrijheden gaat.

Privacy

(...) Privacy-organisatie Privacy First zegt geen moeite te hebben met een veiligheidssysteem als ecall, als deze maar niet verplicht wordt gesteld. Gebeurt dat toch, dan belooft de organisatie een rechtszaak te starten om dit van de baan te krijgen.

"Het risico van dit soort systemen is dat het voor één of twee legitieme doelen wordt opgericht", zegt jurist Vincent Böhre van Privacy First. Vervolgens zou het echter steeds verder kunnen worden uitgebreid, of misbruikt door overheden of criminelen, vreest hij.

Deadline

Vanaf oktober 2015 moet het systeem verplicht worden voor alle nieuwe auto's. (...) Ook het volledige Europarlement moet nog stemmen over het voorstel."

Bron: http://www.nu.nl/tech/3698165/commissie-eu-stemt-verplicht-alarmsysteem-in-autos.html, 11 februari 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Op 16 januari jl. hield Stichting Privacy First haar Nieuwjaarsborrel met enkele prominente sprekers. Hoofdonderwerpen waren de nieuwe EU-verordening voor de bescherming van persoonsgegevens en het NSA-afluisterschandaal. Na een inleiding door Privacy First voorzitter Bas Filippini en een toespraak door CBP-voorzitter Jacob Kohnstamm was het woord aan de oprichter en voormalig directeur van Privacy International: Simon Davies. Hieronder onze samenvatting:

Simon Davies begon zijn toespraak met de opmerking dat hij het aan de ene kant op veel punten eens is met Jacob Kohnstamm, maar op enkele aspecten van mening verschilt en in het algemeen minder optimistisch is. Davies schetste vier mogelijke toekomstscenario's:
1) Machtige organisaties zullen steeds meer macht uitoefenen, tenzij wij ervoor kiezen om ze ter verantwoording te roepen.
2) Technologie zal ons overweldigen, tenzij wij ervoor kiezen om in het ontwerp van technologie de mens centraal te stellen.
3) Commerciële organisaties zullen geld verdienen aan elke atoom van ieder mens, tenzij wij ons daartegen verzetten.
4) Onze wetten zullen minder effectief worden en achteruit gaan, tenzij wij onze wetgevers onderwijzen.

Toespraak Simon Davies bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Op steeds meer terreinen krijgen geheime diensten invloed of worden ze actief. Verhoudingsgewijs wordt echter teveel aandacht besteed aan specifieke zaken rond de NSA; hierdoor blijven veel andere kwesties buiten beeld. Verder zijn het vooral de Brits-Amerikaans georiënteerde media die aandacht besteden aan het NSA-schandaal. In veel landen zijn burgers er echter amper van op de hoogte en heerst politieke passiviteit. Over het aftappen van zeekabels wordt door beleidsmakers in de meeste landen met geen woord gerept. Schandalen zoals nu rond de NSA zijn er in het verleden vaker geweest, en de geschiedenis leert ons dat er vervolgens meestal weinig verandert. In de Verenigde Staten is men vooral geïnteresseerd in de grondrechten van Amerikanen, niet in de rechten van mensen elders ter wereld. Bovendien kunnen geheime diensten buitengewoon goed liegen. Er zal dan ook niets veranderen, tenzij de Europese Unie zich krachtig teweer zal gaan stellen tegen de praktijken van de NSA, aldus Davies.

Toespraak Simon Davies bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Over de nieuwe EU-verordening voor de bescherming van persoonsgegevens merkte Davies allereerst op dat deze verordening onder gigantische druk staat: internationale druk, commerciële druk, nationale soevereiniteit en uitzonderingen voor politie, justitie en geheime diensten, duizenden amendementen, lobbyisten, en druk vanuit de Europese Raad (met name het Verenigd Koninkrijk) om het hele proces van totstandkoming van de verordening te saboteren. Het is echter van belang om de Europese invloed alsnog positief te benutten. Daarnaast zijn er de multinationals: bedrijven als Google hebben maling aan Europese wetgeving. Huidige boetes die zij kunnen krijgen vormen voor dit soort bedrijven geen enkele bedreiging. De vraag is dus: hoe kan Europese privacywetgeving tegenover dit soort bedrijven effectief worden gehandhaafd? Het vinden van antwoorden op deze vraag vormt de uitdaging voor de komende tijd.

Toespraak Simon Davies bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Gepubliceerd in Metaprivacy

"De enige manier om de afluisterpraktijken door de NSA aan te pakken is een gezamenlijke Europese vuist te maken. Dat liet Jacob Kohnstamm, directeur van het College bescherming persoonsgegevens (CBP), onlangs tijdens een toespraak bij privacyorganisatie Privacy First weten.

(...) Aangezien het hier om de nationale veiligheid gaat stellen de EU-lidstaten dat dit hun bevoegdheid is en niet die van de Europese Unie. Die Europese verdeeldheid speelt de Amerikanen echter juist in de kaart, liet Kohnstamm weten. "Verdeel en heers is wat de Verenigde Staten, maar ook andere grootmachten, graag ten opzichte van de Europese Unie uitspelen."

Zelfs als Obama allerlei hervormingen binnen de NSA doorvoert blijkt de Amerikaanse geheime dienst volgens Kohnstamm feitelijk een multinational met een budget van ongekende omvang. Zolang het Amerikaanse onderscheid tussen de verzameling en het gebruik van persoonsgegevens zal blijven bestaan, zal dat niet leiden tot meer privacy voor Europeanen ten opzichte van organisaties als de NSA, zo voorspelt hij.

"En zolang Europese landen veiligheid als een louter nationale bevoegdheid blijven zien, gaan wij deze strijd tussen Europa en de VS niet winnen." Vanuit het Amerikaanse congres verwacht Kohnstamm ook weinig druk om de NSA-activiteiten aan te pakken. De druk vanuit het Amerikaanse bedrijfsleven bestempelt hij als hypocriet. "De enige vuist die we dus kunnen maken is een Europese vuist.""

Bron: Security.nl, 30 januari 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Op donderdagavond 16 januari jl. hield Stichting Privacy First haar Nieuwjaarsborrel met enkele prominente sprekers. Eerste gastspreker was de voorzitter van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP): Jacob Kohnstamm. In zijn toespraak ging de heer Kohnstamm allereerst in op de nieuwe EU-verordening voor de bescherming van persoonsgegevens, gevolgd door het NSA-afluisterschandaal. Hieronder een verslag:

Toespraak Jacob Kohnstamm bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Over de nieuwe EU-verordening voor gegevensbescherming merkte Jacob Kohnstamm ten eerste op dat, zodra deze verordening definitief zal zijn vastgesteld, deze op gelijke wijze zal gaan gelden in alle EU-lidstaten. Dit in tegenstelling tot de huidige EU-richtlijn voor gegevensbescherming uit 1995, die in verschillende EU-lidstaten op verschillende wijze wordt toegepast. Dit creëert voor bedrijven en voor burgers onduidelijkheid over het geldende privacyrecht, met name in het internationale verkeer. De nieuwe verordening kan aan die onduidelijkheid een einde maken, aangezien deze als Europese wet in alle EU-lidstaten op gelijke wijze zal gaan gelden. Zover is het echter nog niet: het huidige voorstel voor een nieuwe verordening is afkomstig van de Europese Commissie en dateert van januari 2012. Deze verordening zal pas definitief kunnen worden na een ingewikkelde, onnavolgbare procedure waarin zowel de Europese Commissie als de Europese Raad (van ministers van EU-lidstaten) en het Europees Parlement een belangrijke rol spelen. Kohnstamm: “Een Amerikaanse uitdrukking luidt: 'There are two things you don’t want to know: wat er in worsten zit en hoe wetgeving wordt gemaakt.' Dat geldt in het bijzonder voor Europese wetgeving. Het Torentje op het Haagse Binnenhof is daarbij vergeleken de transparantie zelve.” De belangrijkste principes uit de EU-richtlijn van 1995 zijn in de nieuwe verordening overgenomen en deels aangescherpt en versterkt. Dit tegen de zin van de Amerikanen: “Het mooiste compliment dat de Europese Commissie heeft gekregen over de privacyvriendelijkheid van de nieuwe verordening is een massieve lobby uit de Verenigde Staten, met name uit Silicon Valley, tégen die verordening”, aldus Kohnstamm. Die Amerikaanse counter-lobby in Brussel was (en is) buitengewoon agressief: minstens een derde van alle voorgestelde wijzigingen op de concept-verordening werd ingestoken vanuit het Amerikaanse bedrijfsleven. Een voorbeeld daarvan is de boetebevoegdheid die nationale toezichthouders voor gegevensbescherming onder de nieuwe verordening zouden krijgen: in het oorspronkelijke voorstel van de Europese Commissie bedroeg die boete 5% van de omzet van het te beboeten bedrijf, maar onder Amerikaanse druk werd dat voortijdig afgezwakt tot 2%. Volgens Kohnstamm vormt het huidige voorstel voor een nieuwe verordening echter nog steeds een versterking van de Europese privacywetgeving, zowel voor burgers als voor toezichthouders zoals het CBP. Een zwak punt betreft echter de zogeheten pseudonimisering van persoonsgegevens, als die persoonsgegevens daardoor buiten de bescherming van de verordening zouden vallen. “Pseudonimisering is echt een Paard van Troje”, waarschuwt Kohnstamm. Gepseudonimiseerde persoonsgegevens zijn indirect immers altijd tot specifieke personen te herleiden.

Volgens Kohnstamm wordt de huidige vertraging bij de totstandkoming van de nieuwe verordening met name veroorzaakt door de Europese Raad van ministers en bijbehorende ambtenaren. Door nationalistische invloeden blijken sommige Europese regeringen onderling van mening te verschillen over de machts- en toezichtsvragen die de nieuwe verordening opwerpt. Als er binnenkort op Europees niveau geen schot in de zaak komt “kan het nog jaren gaan duren voordat we die nieuwe Europese verordening krijgen. Dan krijgt het Amerikaanse bedrijfsleven nog volop de gelegenheid om te lobbyen en de huidige normen verder te doen verwateren. Dat zou een dramatische ontwikkeling zijn”, aldus Kohnstamm.

Toespraak Jacob Kohnstamm bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Naar aanleiding van het NSA-afluisterschandaal vertelt Kohnstamm dat, zodra de eerste documenten van Edward Snowden naar buiten kwamen, hij in zijn hoedanigheid als voorzitter van 'WP29' (de werkgroep van privacytoezichthouders uit alle EU-lidstaten) een “stevige brief” aan de Europese Commissie geschreven heeft met daarin een oproep om tot actie over te gaan. Vervolgens werd er een speciale EU-US working group opgericht waar Kohnstamm lid van werd. Het gaat hier echter om het domein van nationale veiligheid, dus zeggen de EU-lidstaten: “dat is onze bevoegdheid, niet van de Europese Unie”. Die Europese verdeeldheid speelt de Amerikanen echter juist in de kaart. Kohnstamm: Verdeel en heers is wat de Verenigde Staten, maar ook andere grootmachten, graag ten opzichte van de Europese Unie uitspelen.” Vervolgens noemt Kohnstamm vier verschillen tussen de Verenigde Staten en Europa die volgens hem van belang zijn op dit terrein:
1) Voor Amerikanen is het louter verzamelen van gegevens niet iets wat privacybescherming verdient, maar pas zodra er sprake is van het gebruik van die gegevens. Voor Europeanen daarentegen is de bescherming van persoonsgegevens een fundamenteel grondrecht, waarbij het verzamelen óf verwerken van die gegevens op zichzelf al aan wettelijke beperkingen onderhevig is. Zo dient er in de Europese visie altijd een rechtsgrond voor verzameling of verwerking aanwezig te zijn, bijvoorbeeld een wettelijke grondslag, een contract of persoonlijke toestemming. Dit verschil is essentieel voor de discussie tussen Europa en de Verenigde Staten.
2) In Amerika wordt toezicht op de NSA gehouden door een geheime rechtbank, het FISA Court. “Er is dus tenminste een rechtbank, ook al is ie geheim. Ik ken geen enkel ander land waar rechters meebesluiten of iets rechtmatig is in het kader van wat veiligheidsdiensten uitspoken. Ik ben overigens uiterst kritisch over wat het FISA Court doet, maar de structuur op zichzelf hebben andere landen niet eens”, aldus Kohnstamm. Vergeleken daarbij is het toezicht in een land als het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld veel slechter geregeld.
3) Amerikaans-wettelijke discriminatie tussen Amerikanen en niet-Amerikanen. Kohnstamm: “Door de Amerikanen worden wij Europeanen behandeld als Noord-Koreanen, bij wijze van spreken. Die discriminatie in de Amerikaanse wetgeving ten aanzien van veiligheidsdiensten is nauwelijks te verteren.”
4) De rechtsgronden op basis waarvan Amerikaanse veiligheidsdiensten (bijvoorbeeld de NSA) opereren zijn er drie: twee wetten, en de derde is een soort Algemene Maatregel van Bestuur, een administrative order genaamd '12333'. Die administrative order is een presidentieel besluit zonder parlementaire betrokkenheid, waarin zaken als een definitie van “foreign intelligence” (buitenlandse inlichtingen) geheel ontbreken. “Daarmee kunnen de NSA en anderen totaal hun gang gaan, zonder dat het gecontroleerd is.”

Eventuele Amerikaanse wetswijzigingen en toekomstig beter toezicht ten spijt, blijft “de NSA feitelijk een multinational met een budget van ongekende omvang”, aldus Kohnstamm. Zolang het Amerikaanse onderscheid tussen de verzameling en het gebruik van persoonsgegevens zal blijven bestaan, zal dat niet leiden tot meer privacy voor Europeanen ten opzichte van organisaties als de NSA, zo voorspelt hij. “En zolang Europese landen veiligheid als een louter nationale bevoegdheid blijven zien, gaan wij deze strijd tussen Europa en de VS niet winnen.” Ook vanuit het Amerikaanse congres verwacht Kohnstamm weinig pressie om de NSA-activiteiten te temperen. Enige recente druk in die richting vanuit het Amerikaanse bedrijfsleven acht hij bovendien hypocriet. “De enige vuist die we dus kunnen maken is een Europese vuist”, zo besluit Kohnstamm zijn betoog.

Gepubliceerd in Metaprivacy

"Het vastleggen van vingerafdrukken op de chip in een paspoort mag, heeft het Europese Hof van Justitie geoordeeld. Maar opslag van die vingerafdrukken in een database is niet legaal, aldus het Hof. Dat heeft consequenties voor de Nederlandse Paspoortwet.

Gerechtvaardigd
De uitspraak is gedaan naar aanleiding van een Duitse rechtszaak, waarbij een burger weigert vingerafdrukken af te staan voor opname in zijn paspoort. Het Hof ziet het opnemen van die vingerafdrukken in het paspoort in tegenstelling tot de betreffende Duitser niet als onrechtmatig. Het is wel enigszins tegenstrijdig met de Europese burgerrechten, maar het tegen gaan van fraude rechtvaardigt die inbreuk, vindt het Hof.

Opslag mag niet
De Duitse burger kan echter mogelijk vergaand misbruik door de overheid van gecentraliseerd (in een database) opgeslagen vingerafdrukgegevens niet als argument aanvoeren, simpelweg omdat die opslag niet mág, aldus het advies van het Hof aan de Duitse rechtbank. Een afzonderlijke rechtszaak over die opslag lijkt daarmee bij voorbaat op een verbod van een dergelijke opslag uit te draaien.

Artikel 4b
Dat betekent ook dat de nieuwe Nederlandse Paspoortwet, waarover de Eerste Kamer zich nog moet buigen, onder druk komt te staan. Artikel 4b van die wet maakt een centrale reisdocumentenadministratie mogelijk, inclusief opslag van vingerafdrukken, toegankelijk voor de Officier van Justitie voor opsporingsdoeleinden. Het artikel is een 'slapend artikel', dat bij ingaan van de wet niet meteen van kracht is, maar dat wel kan worden. Burgerrechtenbeweging Privacy First voert momenteel met een groep burgers een juridische actie om dat artikel verwijderd te krijgen uit de Paspoortwet, maar werd in eerste instantie niet ontvankelijk verklaard door de Haagse rechtbank. Eind deze maand dient daarover het hoger beroep bij het Hof [Den Haag]."

Bron: http://www.binnenlandsbestuur.nl/digitaal/nieuws/europees-hof-vingerafdrukken-opslaan-mag-niet.9150782.lynkx.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Het Europese "nee" tegen de opslag van vingerafdrukken in databases kan leiden tot het onwettig verklaren van artikel 4b in de Nederlandse Paspoortwet, dat een centrale database juist wettelijk probeert te borgen. Eind deze maand is hierover een rechtszaak in Den Haag.

In de nieuwe Nederlandse paspoortwet, die onlangs in de Tweede Kamer is behandeld en nu ter stemming ligt bij de Eerste Kamer, is artikel 4b, dat voorziet in de oprichting van een centrale reisdocumentenadministratie, nog steeds opgenomen. Het gaat hier om een "slapend artikel", dat later nog geactiveerd kan worden maar niet direct ingaat als het wetsvoorstel van minister Plasterk wordt aangenomen. In dat artikel staat tevens dat de vingerafdrukkendatabase toegankelijk is voor de Officier van Justitie als het gaat om het opsporen van mensen die strafbare feiten plegen.

"Het Europese "nee" tegen de opslag van vingerafdrukken in databases kan leiden tot het onwettig verklaren van artikel 4b in de Nederlandse Paspoortwet, dat een centrale database juist wettelijk probeert te borgen. Eind deze maand is hierover een rechtszaak in Den Haag.

In de nieuwe Nederlandse paspoortwet, die onlangs in de Tweede Kamer is behandeld en nu ter stemming ligt bij de Eerste Kamer, is artikel 4b, dat voorziet in de oprichting van een centrale reisdocumentenadministratie, nog steeds opgenomen. Het gaat hier om een "slapend artikel", dat later nog geactiveerd kan worden maar niet direct ingaat als het wetsvoorstel van minister Plasterk wordt aangenomen. In dat artikel staat tevens dat de vingerafdrukkendatabase toegankelijk is voor de Officier van Justitie als het gaat om het opsporen van mensen die strafbare feiten plegen.

En dat is nu keihard onderuit gehaald door het Europese Hof van Justitie, die stelt dat de richtlijn die Europese lidstaten verplicht twee vingerafdrukken moeten laten opnemen in paspoorten geen wettelijke basis geeft voor de opname van die vingerafdrukken in databases. Daarnaast mogen vingerafdrukken die door burgers zijn afgegeven niet worden gebruikt voor onderzoeken van Justitie naar criminaliteit, zegt het EU Hof spijkerhard.

Eind oktober uitspraak Nederlands Hof

Dat is munitie voor privacyorganisatie Privacy First, dat op 29 oktober een uitspraak verwacht in een hoger beroep. Privacy First en 19 burgers hebben een rechtszaak aangespannen om opslag van vingerafdrukken in een centrale database illegaal te laten verklaren. De rechtbank in Den Haag oordeelde twee en een half jaar geleden dat Privacy First en de burgers niet ontvankelijk waren in deze zaak, waarop Privacy First in hoger beroep ging. Dat komt 29 oktober voor.

"Ik hoop dat we dan in ieder geval ontvankelijk worden verklaard. De tijden zijn inmiddels veranderd en het Hof zou gezien de gevoeligheid van het onderwerp in de maatschappij tot een ander oordeel kunnen komen dan de rechtbank", zegt Vincent Böhre van Privacy First. Mocht de burgerrechtenorganisatie ontvankelijk worden verklaard, kan de zaak inhoudelijk worden behandeld. "Ik hoop dat het Hof direct besluit dat artikel 4b onrechtmatig is, maar de inhoudelijke behandeling kan ook nog later plaatsvinden."

Tweede Kamer keurt centrale opslag goed

Dat het onderwerp nog steeds actueel is, wijt Böhre min of meer aan de Tweede Kamer. "Dat heeft zich tijdens de behandeling van de laatste wijziging van de Paspoortwet in september vooral laten leiden door het vingerafdrukkenvrij maken van de ID-kaart. Daar ben ik blij mee, maar artikel 4b dat de centrale opslag regelt, hebben ze over het hoofd gezien. "Mocht het Hof besluiten tot het niet ontvankelijk verklaren van Privacy First, gaat de organisatie naar de Hoge Raad. "We gaan desnoods door tot aan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens."

Böhre hoopt verder dat de uitspraak van het EU Hof van Justitie aanleiding is voor de Eerste Kamer om alsnog artikel 4b te schrappen uit de nieuwe Paspoortwet. "Het is op dit moment een slapend artikel maar kan op elk moment door de minister worden geactiveerd. Ik weet dat het parlement op dit moment niet voor een centrale database is, dus het zou voor de minister op dit moment niet een geschikt tijdstip zijn om dat artikel te gebruiken. Maar dat kan in de toekomst anders zijn."

PvdA: centrale database al verdwenen

Opvallend is dat Tweede Kamer-lid Astrid Oosenbrug (PvdA) in de stelligste overtuiging is dat de centrale database uit de nieuwe Paspoortwet is verdwenen. "Ik vraag me ook werkelijk af waarom we ooit daarop ja hebben gezegd. Maar gelukkig kan je dergelijke beslissingen ook weer terugdraaien.""

Bron: http://webwereld.nl/beveiliging/79721-eu-hof-torpedeert-nederlandse-wet-vingerafdrukken.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"De opslag van vingerafdrukken in een centrale database is in strijd met Europese regels. Dat heeft het Europese Hof van Justitie donderdag bepaald. Het bewaren van vingerafdrukgegevens op het identiteitsbewijs zelf mag wel. Weliswaar is dat een inbreuk op de privacy, maar het doel - het voorkomen van fraude - is belangrijker.

In Nederland worden identiteitskaarten en paspoorten sinds 2009 voorzien van vingerafdrukken van de houder. Tot 2011 werden die gegevens ook centraal bewaard. Sindsdien worden de vingerafdrukken alleen opgeslagen op de identiteitskaart of het paspoort zelf. De eerder centraal opgeslagen gegevens zijn vernietigd.

De stichting Privacy First is blij met de uitspraak van het hof en ziet het als een steun in de rug voor het paspoortproces van de stichting. Zij vinden dat de Paspoortwet in strijd is met het recht op privacy, omdat de centrale databank nog steeds in de wet staat.

Minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk (PvdA) werkt aan een wetswijziging, waardoor principiële weigeraars ook een identiteitskaart kunnen krijgen zonder dat ze hun vingerafdruk moeten afstaan. Voor paspoorten blijft de vingerafdruk wel vereist."

Bron: http://www.nieuws.nl/algemeen/20131017/Database-met-vingerafdrukken-paspoort-is-illegaal.

Gepubliceerd in Privacy First in de media
Pagina 5 van 8

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
Control Privacy
Procis

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon