donatieknop english

"Wanneer een politieagent je daarom vraagt, moet je jezelf in Nederland kunnen identificeren door een geldig identiteitsbewijs te laten zien. Ook de kassière bij de supermarkt kan je daarom vragen, maar alleen wanneer je alcohol wilt kopen en er twijfel is over je leeftijd. Met je identiteitsbewijs toon je dan hoe oud je bent en even later loop je tevreden de winkel uit.

Online ontbreekt zo'n middel om jezelf te identificeren en vooral bedrijven vinden dat lastig. Want met wie doen ze eigenlijk zaken? In Nederland hebben we wel DigiD, maar dat wordt eigenlijk alleen gebruikt door de overheid. Bij DigiD kies je zelf een gebruikersnaam en wachtwoord, dat bij de registratie wordt gekoppeld aan jouw burgerservicenummer: het unieke nummer van iedere persoon in de Basisregistratie Personen (BRP). Log je verolgens met je DigiD in op een website van de overheid, dan weet die overheid met wie het op dat moment zaken doet. In 2014 logden de 12 miljoen uitgegeven DigiD's samen 158 miljoen keer in.

DigiD is hiermee voor de overheid een succes, maar alle andere organisaties en bedrijven staan met lege handen. Webshops willen graag weten of hun klant wel de persoon is die hij zegt te zijn, of hij oud genoeg is, en kredietwaardig. Volgens branchevereniging Thuiswinkel.org hebben de ruim 45.000 Nederlandse webwinkels daarom momenteel maar één grote vraag: waar blijft eID? eID Stelsel is de naam voor de opvolger van DigiD, die de Nederlandse overheid nu aan het ontwikkelen is. eID moet alle benodigde manieren van online identificatie tussen burgers, overheid én bedrijven mogelijk maken.

(...)

In het programma eID (www.eid-stelsel.nl) werkt de overheid samen met wetenschappers en bedrijfsleven aan het nieuwe stelsel dat in 2017 klaar moet zijn. (...) Binnenkort starten enkele pilots, waarbij een klein groepje consumenten inlogt bij overheidsdiensten en commerciële diensten met een identificatiemiddel dat voldoet aan het nieuwe stelsel. Het voordeel van dit nieuwe stelsel is dat het identificatiemiddel niet door de overheid uitgegeven hoeft te zijn; bedrijven kunnen ook identificatiemiddelen uitgeven, bijvoorbeeld een klantenkaart of een app op je smartphone. De identiteit van de burger staat daarom online en is op afroep beschikbaar. Een naam voor het nieuwe stelsel is er ook al, Idensys. (...)

Om vaart te maken en omdat bedrijven niet willen investeren in weer een nieuw identificatiesysteem, is besloten het nieuwe stelsel te bouwen als uitbreiding op eHerkenning (www.eherkenning.nl). eHerkenning is 'de DigiD voor bedrijven', maar is anders dan DigiD geen overheidsdienst maar alleen een afsprakenstelsel. De overheid beheert het stelsel, voornamelijk bedrijven voeren het uit.

Hoewel websites straks gewoon een Idensys-login krijgen zoals ze nu een DigiD-knop hebben, werkt het verder helemaal anders dan DigiD én eID ooit was gedacht te werken. Komt bij DigiD de identificatie van de overheid, bij eHerkenning en dadelijk dus ook bij Idensys komt die van een makelaar, een tussenpartij. Deze 'ídentity provider' kent jou en met hem heb je afgesproken hoe jij je wilt identificeren, met een smartcard, je smartphone of toch gewoon gebruikersnaam en wachtwoord. Klopt de identificatie, dan krijgt die makelaar een pseudoniem voor jou en daarmee kan hij vervolgens kijken of jij gemachtigd bent de dienst te gebruiken waarvoor je wilt inloggen. Dat kijken doet hij in het BSN-koppelregister waarin de pseudoniemen gekoppeld zijn aan de Burgerservicenummers. De makelaar is dus allesbepalend inzake de veiligheid en het BSN-koppelregister als het gaat om privacy.

Om Idensys te baseren op eHerkenning is niet onomstreden. Een 'netwerkgebaseerd identiteitsmodel' zoals Idensys kenmerkt zich door veel schakels die allemaal vertrouwd moeten worden. De meest verdachte schakel is de makelaar, een marktpartij en de enige die alle transacties ziet. Weliswaar ziet hij niet wat er in de transactie gebeurt, maar hij weet wel met welke diensten iedere 'pseudoniem' zaken doet. (...) Ook ontbreekt [vooralsnog] de optie om anoniem diensten te gebruiken, iets wat bijvoorbeeld bij online medische diensten zeker wenselijk is. (...)

Waar blijft het debat?

Door de keuzes die bij Idensys worden gemaakt, zou je een publiek debat verwachten, maar dat ontbreekt volledig. Het College Bescherming Persoonsgegevens ontbreekt in de eID-werkgroepen en kon ons niet vertellen bij eID betrokken te zijn. "Ook Privacy First is niet betrokken en ook nog nooit gevraagd", zegt Vincent Böhre van Privacy First. "Blijkbaar wil men eerst een heel project afronden. Terwijl men nu door een privacy-kritische club te laten meepraten, fouten voorkomt en uiteindelijk maatschappelijk draagvlak creëert." Privacy First is voorstander van een opt-in waarbij mensen de keuze houden om het eID-systeem te gebruiken of niet. "De overheid mag niet eisen dat burgers hun zaken digitaal afhandelen en dat via een eID doen, de Algemene wet bestuursrecht verbiedt dat. Veel mensen in Nederland hebben geen computer of internet, de manier zonder eID moet daarom blijven bestaan", zegt Böhre. (...)"

Bron: Computer!Totaal, juli/augustus 2015, pp. 54-58 (openbare preview).

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Privacywaakhond: Systeem past niet bij fatsoenlijke rechtsstaat

Een chip in elke kentekenplaat, waarmee de Nationale Politie proeven doet, is een gruwel in het oog van privacywaakhond Privacy First. Voorzitter Bas Filippini noemt een dergelijke 'spionagechip' disproportioneel en niet passen in een fatsoenlijke democratische rechtsstaat . De Nationale Politie doet een proef met zogeheten RFID-chips in kentekens. Dat zijn chips die op afstand communiceren via radiogolven. Voorlopig wordt het project verkocht als oplossing voor identiteitsfraude en criminaliteit met kentekens, om de burger 'mee' te krijgen. Maar Privacy First vergelijkt de kentekenchip met enkelbanden voor veroordeelde misdadigers. Volgens de club is het systeem veel te grootschalig om de jaarlijkse fraude met naar schatting 40.000 kentekens tegen te gaan.

Het systeem zal identificatie, registratie en het permanent volgen mogelijk maken van álle burgers, onder wie ook advocaten, journalisten, politici en activisten. Een uiterst grove privacyschending. Een groot gevaar is doelverschuiving. Nu al kijken de Belastingdienst, politie en justitie mee in systemen die voor een heel ander doel waren opgezet, zoals voor parkeergarages en trajectcontroles.

Als de chip wordt ingevoerd, krijgt iedere automobilist verplicht een op afstand uitleesbare chip in zijn kentekenplaat die op de openbare weg continu wordt uitgelezen. Alle reisbewegingen worden daarmee vastgelegd.

De chip is verbonden met een flinterdunne antenne die zit vastgeplakt aan de buitenkant van de kentekenplaat, waardoor de chip kan communiceren met uitleesstations boven de wegen. Die geven de gegevens door aan de computers van de RDW. Als over een jaar blijkt dat de chips en de antennes goed werken, wordt het systeem ingevoerd. Zelfs bij extreem hoge snelheden zou het systeem goed werken.

Ook het College Bescherming Persoonsgegevens is erg kritisch. Niet alleen zet het college grote vraagtekens bij de noodzaak, maar ook of de chip alleen door de overheid kan worden uitgelezen en niet kan worden misbruikt door andere partijen.

Bas Filippini: Tevens bereidt het Europees Parlement nieuwe regelgeving voor die behalve een chip op het kenteken ook nog een chip in de auto zelf verplicht stelt. In de basisopzet worden dan meer dan zestig gegevens geregistreerd, die worden opgeslagen in een Europese databank. De chip moet startblokkering mogelijk maken, een digitale kentekenbank en online kentekenaanvraag, een Europese apk en zal uiteindelijk kunnen uitgroeien tot een Europees reis- en verblijfsrechten- en belastingsysteem."

Bron: Telegraaf 16 juni 2015, p. 3. Lees ook het hoofdredactioneel commentaar van de Telegraaf diezelfde dag, p. 2:

"Spionagechip

De Nationale Politie experimenteert met op afstand uitleesbare chips in kentekens, naar eigen zeggen als middel tegen fraude met nummerplaten. Als het aan de politie (en de fabrikant van de chip) ligt, komt er een landelijk netwerk van meetportalen zodat alle weggebruikers rond de klok in de gaten worden gehouden.

De ongebreidelde drang van de Staat der Nederlanden om privégegevens te verzamelen, leidt tot een maatschappij waarin mensen continu het gevoel hebben onder toezicht te staan. Wanneer houdt dat eens op?

Jaarlijks zou sprake zijn van 40.000 gevallen van kentekenfraude. Moet daarvoor de persoonlijke levenssfeer van miljoenen Nederlandse automobilisten worden aangetast? Is er werkelijk geen ander systeem te bedenken dat minder ingrijpend is dan het voortdurend via een chip volgen en registreren van de burger op de openbare weg?

De overheid zou zo langzamerhand ook op de hoogte moeten zijn van de risico's van databanken als het gaat om lekken in de beveiliging, oneigenlijk gebruik en criminele manipulatie. De spionagechip vormt een regelrechte bedreiging van de vrijheid van de automobilist en mag nooit en te nimmer worden ingevoerd!"

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"De politie wil van alle automobilisten het voertuig 'chippen'. Stichting Privacy First noemt dit een elektronische enkelband.

De stichting Privacy First wil dat de Nationale Politie afziet van 'spionagechips' in kentekens van auto's. De politie wil zogenoemde RFID-chips invoeren, waarmee kentekenfraude kan worden opgespoord.

Volgens de politie worden er jaarlijks 40.000 kentekenplaten vervalst, waardoor de daders ongestoord (verkeers)misdrijven kunnen plegen. Een voor iedere automobilist verplichte, op afstand uitleesbare chip die op de openbare weg continu uitgelezen wordt, zou hiertegen de oplossing zijn.

Privacy First ziet echter een groot gevaar in het optuigen van een landelijk controlesysteem om de bewegingen in de openbare ruimte van alle Nederlanders te kunnen volgen. Wij vinden de verplichte spionagechip disproportioneel en niet passen in een fatsoenlijke democratische rechtsstaat , zegt voorzitter Bas Filippini.

Navraag door Privacy First leert dat de kentekenchip onderdeel is van een veel groter plan om alle wegen in Nederland uit te rusten met portals met meetapparatuur. Deze portals registreren 24 uur per dag alle auto's en daarmee de bewegingen van alle burgers in de openbare ruimte."

Bron: Metro 16 juni 2015, p. 7. Tevens in uitgebreidere vorm (inclusief online opiniepeiling) gepubliceerd op http://www.metronieuws.nl/binnenland/2015/06/spioneren-via-chip-in-kenteken-wekt-woede.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Vanavond besteedde het NOS Achtuurjournaal uitgebreid aandacht aan de plannen van de Nederlandse overheid om alle kentekenplaten te gaan voorzien van RFID-chips. Klik HIER voor de hele uitzending, inclusief een interview met Privacy First voorzitter Bas Filippini. De reportage begint vanaf 3m54s.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Via een speciale chip die op dit moment in opdracht van het ministerie van Veiligheid en Justitie wordt getest wil de overheid een einde aan kentekenfraude maken. De chip wordt ontwikkeld door de Nederlandse chipfabrikant NXP. Via readers boven de weg kan de chip op afstand worden uitgelezen.

"Straks komen er portalen boven de weg met readers waarin ook een antenne zit. Die communiceert met de kentekenplaat op de auto beneden. De reader is verbonden met computers van de RDW en die geeft door of de kentekenplaat correct is", zegt NXP-directeur Maurice Geraets tegenover de NOS. De chip kan zelfs bij een snelheid van 160 kilometer per uur worden uitgelezen. De reader kan ook door tankstations worden gebruikt. Voordat een klant kan tanken kunnen zij eerst controleren of de kentekenplaat van een chip is voorzien.

Het College bescherming persoonsgegevens is kritisch. Volgens woordvoerster Lysette Rutgers moeten burgers zich vrij in hun auto kunnen bewegen. Ze vindt dan ook dat er goed naar de noodzaak van de chip moet worden gekeken. Geraets stelt dat privacyzorgen niet nodig zijn, aangezien patronen in het rijgedrag er niet mee zijn vast te stellen. "De chip genereert continu wisselende codes. Hij is door de reader te identificeren, maar ook als je de auto elke dag zou bevragen, is niet herleidbaar waar hij eerder is geweest", zo merkt hij op. Bas Filippini van Privacy First is er niet gerust op en stelt dat er sprake van een "spionagechip" is, die ook voor andere doeleinden is te gebruiken."

Bron: https://www.security.nl/posting/432020/Overheid+wil+kentekenfraude+bestrijden+via+chip, 13 juni 2015.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Binnen de Nederlandse overheid bestaan momenteel plannen om iedere kentekenplaat te gaan voorzien van een op-afstand-uitleesbare RFID-chip. Dit lijkt vooral bedoeld om kentekenfraude tegen te gaan, maar eenmaal opgetuigd zal het systeem ook voor hele andere doelen gebruikt (en misbruikt) kunnen worden. Beluister hieronder een reportage over dit onderwerp op Radio 1, inclusief een interview met Privacy First voorzitter Bas Filippini:

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"In opdracht van het ministerie van Veiligheid en Justitie wordt op een terrein van Defensie bij Oirschot een speciale chip getest. Die moet een einde maken aan fraude met kentekens. Als over een jaar blijkt dat de resultaten goed zijn, wordt de chip ingevoerd.

In Nederland zijn naar schatting 40.000 valse nummerplaten in omloop. Criminelen gebruiken die onder meer als zij zonder te betalen tanken en als ze inbraken plegen. Ook monteren ze valse kentekenplaten op vluchtauto's.

Een van de testers is Maurice Geraets. Hij is de directeur van NXP, het bedrijf dat de chip maakt. Zijn donkere auto staat geparkeerd voor gebouw 46 op de Eindhovense High Tech Campus. Wie de kentekenplaat beter bekijkt, ziet onder de drie letters een vierkant vlakje met een sleufje.

Tankstation

"Die sleuf is een antenne waardoor de kentekenplaat op afstand uitleesbaar is", zegt Geraets. "Straks komen er portalen boven de weg met readers waarin ook een antenne zit. Die communiceert met de kentekenplaat op de auto beneden. De reader is verbonden met computers van de RDW en die geeft door of de kentekenplaat correct is."

Ook houders van tankstations zouden zo'n reader kunnen aanschaffen. Zij kunnen voordat zij de pomp vrijgeven om te tanken, controleren of de kentekenplaat voorzien is van een chip en dus of de auto deugt.

Volgens Geraets is de angst voor schending van privacy niet nodig. "Patronen in het rijgedrag kun je er niet mee vaststellen. De chip genereert continu wisselende codes. Hij is door de reader te identificeren, maar ook als je de auto elke dag zou bevragen, is niet herleidbaar waar hij eerder is geweest."

Vrij bewegen

Het College bescherming persoonsgegevens (CBP) is kritisch. "Een auto is een zeer persoonlijk bezit en wordt door velen ervaren als een tweede huis", zegt woordvoerder Lysette Rutgers. "Daarin en daarmee moet je je vrij kunnen bewegen. Daarom moet goed gekeken worden naar de noodzaak van de chip."

Kan hetzelfde doel ook op een minder ingrijpende manier worden bereikt, vraagt Rutgers zich af. "Bij de proef moet gekeken worden of de chip echt alleen maar door bevoegde personen en instanties kan worden uitgelezen en of de beveiliging in orde is."

Ook Bas Filippini van de organisatie Privacy First is kritisch. "Het is natuurlijk heel goed dat criminelen worden aangepakt, maar dit gaat veel verder. Wij zijn niet voor een grootschalig controlesysteem waarmee continu in de gaten wordt gehouden waar mensen zijn", zei hij in het NOS Radio 1 Journaal. "Wij noemen het een spionagechip."

Volgens Filippini kan het systeem al snel voor andere zaken worden gebruikt. "Je krijgt een verschuiving van doelstellingen. Kijk naar de trajectcontrole. Die zou voor de veiligheid zijn, maar wordt nu gebruikt om dat omaatje in haar oude diesel uit de binnenstad van Utrecht te weren."

Sneeuw

Hoewel de chip nog in de testfase zit, hoeft Geraets niet meer overtuigd te worden. Wat hem betreft is het geen test, maar meer het leveren van het bewijs dat het systeem werkt.

"We weten dat de chip het doet en dat willen we aantonen aan alle belanghebbenden en aan de politiek. Dat doen we expres vier seizoenen lang, zodat we kunnen aantonen dat de chip het bijvoorbeeld ook doet als er sneeuw op de kentekenplaat zit vastgekoekt. Met cameratoezicht lukt dat echt niet.""

Bron: http://nos.nl/artikel/2041098-chip-moet-einde-maken-aan-fraude-met-kentekens.html, 13 juni 2015.

 

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Column door Bas Filippini, 
voorzitter Privacy First 

De Nationale Politie doet momenteel een proef met RFID-chips in kentekens. Op basis van een intern rapport zou er een groot probleem zijn inzake kentekenfraude. Een voor iedere automobilist verplichte, op afstand uitleesbare chip die op de openbare weg continu uitgelezen wordt middels een zogenaamde "uitlees portal" zou hierbij DE oplossing zijn. Privacy First ziet echter een groot gevaar in het optuigen van een landelijk controlesysteem om alle bewegingen in de openbare ruimte van alle 16 miljoen Nederlanders te kunnen volgen. Privacy First vindt een verplichte "spionagechip" disproportioneel en niet passen in een fatsoenlijke democratische rechtsstaat.

Een veelomvattend elektronisch controlesysteem

Navraag door Privacy First leert dat de kentekenchip onderdeel is van een veel groter plan om alle wegen in Nederland uit te rusten met zogenaamde "portals" met meetapparatuur. Deze portals registreren 24 uur per dag alle auto's en daarmee de bewegingen van alle 16 miljoen burgers in de openbare ruimte. De RAI Vereniging adviseert een dergelijke chip met klem in een recent uitgelekt rapport. Tevens wordt via een U-bocht, middels het Europese parlement, nieuwe regelgeving voorbereid die naast een dergelijke chip op het kenteken ook nog een chip in de auto zelf verplicht stelt. In de basisopzet worden dan meer dan 60 gegevens geregistreerd, die worden opgeslagen in de Europese databank EUCARIS. De chip moet startblokkering mogelijk maken, een digitale kentekenbank en online kentekenaanvraag, een Europese APK en zal uiteindelijk kunnen uitgroeien tot een Europees reis- en verblijfsrechten en belastingsysteem.

Voorlopig wordt het project verkocht als oplossing voor identiteitsfraude en criminaliteit met kentekens, om de burger "mee" te krijgen. Privacy First ziet het systeem als de zoveelste poging op rij om de burger volledig te kunnen registreren in de openbare ruimte, hetzij via de OV chipkaart hetzij via het kenteken en/of auto. Het kenteken als elektronische enkelband voor iedere burger is een hardnekkig principe binnen het huidige controledenken bij de overheid. Inmiddels dus ook bij het Europees parlement. Welke rol spelen Nederlandse lobbyisten (voorheen o.a. Toine Manders) buiten het Nederlandse parlement om deze chips van de Nederlandse fabrikant NXP via een politieke U-bocht als Europese maatregel in alle Europese kentekens te introduceren? Hoog tijd voor gedegen journalistiek onderzoek, vindt Privacy First.

Huidige kentekenproblematiek: feiten of suggesties?

Navraag inzake het feitelijke probleem geeft bij geen enkele instantie duidelijkheid over de veronderstelde "40.000 gevallen" van kentekenfraude. Het cijfer kan niet worden bevestigd. Toch belangrijk om duidelijkheid te krijgen als burger of er een probleem is en hoe groot dit probleem nu precies is. Vervolgens speelt de vraag of het juridisch gerechtvaardigd is om een dergelijk systeem op te tuigen. Zelfs bij een schatting van 40.000 kentekens (slechts 0,5 promille van het totaal) is de vraag of de privacy van de gehele samenleving hiervoor opgeofferd dient te worden. Ook is volstrekt onduidelijk wat de kosten van een dergelijk systeem gaan worden en wat de opbrengsten dan zijn ten opzichte van de huidige vermeende kosten van identiteitsfraude en criminaliteit. En zijn er geen alternatieve oplossingen voor "het probleem"? Uit een recente brief van minister Van der Steur blijkt juist dat kentekenfraude steeds minder voorkomt door andere maatregelen zoals het systeem Gecontroleerde Afgifte en Inname Kentekenplaten (GAIK) en eisen aan erkende fabrikanten en lamineerders (lamineercode) alsmede de meldingsplicht voor gestolen/vermiste blanco platen of nog niet toegekende kentekenplaten. Tevens is in 2000 de systematiek van duplicaatcodes op kentekenplaten geïntroduceerd. Verder worden kentekenplaten waar iets mee mis is in de database voor ANPR-controle opgenomen.

Privacy First ziet telkens hetzelfde patroon om totale registratie van reisgedrag van burgers te gaan invoeren. Van zwarte dozen, chips voor diefstalpreventie in (nu nog duurdere) auto's, eCall voor botsanalyses (ook NXP), dashcams en trajectcontrole tot het netwerk van ANPR-camera's, etc. En nu dan een nieuwe spionagechip in ieder kenteken en in iedere auto, via ondemocratische EU-wetgeving en de centrale databank EUCARIS. Via de industriële lobby van de ICT-branche bij enkele Europarlementariërs om de nationale parlementen te omzeilen.

Redenen om te kiezen voor vrije keuze en zeer selectieve inzet van mogelijk een passieve chip

Met het opzetten van een dergelijke controle-infrastructuur voorziet Privacy First een groot aantal redenen om niet te gaan voor dit systeem:

 Een gebrek aan noodzaak wegens het ontbreken van harde cijfers inzake het "vermeende probleem" en de beschikbaarheid van alternatieve (reeds ingevoerde) oplossingsrichtingen en maatregelen, zie hierboven.

Een volledig gebrek aan kosten-batenanalyse van een dergelijke controle-infrastructuur. De enige die baat heeft bij het systeem op korte termijn is de chipfabrikant: na de NSA spioneert in de toekomst chipfabrikant NXP met u mee! Onder Amerikaanse surveillance-wetgeving.

Het mogelijke probleem staat niet in verhouding tot de maatregel, is volstrekt disproportioneel en in strijd met artikel 8 EVRM. Voor het tegengaan van identiteitsfraude met kentekens zou de burger een vrije keuze moeten hebben om een RFID-kenteken te voeren en is een passieve registratiechip voldoende.

Het systeem zal real-time identificatie, registratie en volgen mogelijk maken van alle burgers, een uiterst grove privacyschending, denk ook aan advocaten, journalisten, politici, activisten etc.

Een dergelijke centrale infrastructuur en centrale data-opslag is zeer fraudegevoelig. Indien criminelen toegang hebben tot een dergelijke database met alle reis- en verblijfsgegevens van auto's en personen in Nederland en Europa is het hek helemaal van de dam.

Een groot gevaar van doelverschuiving, de zogenaamde "function creep". Nu al kijkt de Belastingdienst, politie en justitie real-time mee in systemen die voor een heel ander doel waren opgezet, denk aan parkeergarages en trajectcontroles.

Uiteindelijk zal een dergelijk systeem ingezet kunnen worden om de burger op diverse wijzen extra te belasten middels rekeningrijden en andere reis- en verblijfsbelastingen en boetesystemen, iets wat wellicht zelfs de achterliggende gedachte van deze draconische maatregel is. Inmiddels worden ANPR-camera's ingezet om oude dieselauto's te beboeten in binnensteden, wat volgt hierna?

Het permanent registreren van burgers in de openbare ruimte leidt tot zelfscensuur en een excuusmaatschappij waarin iedere burger als het ware continu een alibi moet hebben wat hij/zij op welk moment op een locatie deed en waarom hij/zij daar was. Nu al worden burgers zonder toestemming lastiggevallen door politie en overheden naar aanleiding van hun reisgedrag, een klacht die steeds vaker binnenkomt bij Privacy First.

Tot slot tast een dergelijke infrastructuur de basis van onze democratische rechtsstaat aan door omkering van het rechtsprincipe dat een burger met rede verdacht moet zijn voor een strafbaar feit om gevolgd te kunnen worden, door iedere burger als potentiële verdachte continu te bespioneren.

Doorgeslagen controledenken van een wantrouwende overheid

Het patroon van de overheid blijft hardnekkig dezelfde kant opgaan. Nieuwe technische speeltjes die centrale systemen voor registratie van alle burgers verplicht stellen en vervolgens aan elkaar gekoppeld worden. Vervolgens wordt een gebrekkige wet en uitvoering voorgesteld en als laatste wordt er met burgers zelf of met privacy-organisaties gepraat, de argeloze burger achterlatend in een elektronische gevangenis. Met Big Data, datamining en profiling als toverwoorden in alle departementen momenteel. Van OPD, other people's data, wel zo gemakkelijk. Vanuit het financiële belang van de ICT-industrie, niet dat van de burger. Het gaat in dit geval over een potentiële markt van een paar miljard euro om alle auto's van 3 chips te voorzien en een allesomvattend ICT-netwerk op alle wegen te implementeren en te onderhouden. Met de overheid als wantrouwende partner in een relatie, die wil weten met wie de partner communiceert, wat zijn/haar reisbewegingen zijn, systemen wil hebben om altijd op fouten te kunnen controleren en tevens ook nog eens al deze data op straat laat liggen in het slechtste geval. Zo'n relatie, gebaseerd op wantrouwen, is zeker niet duurzaam.

Nederland Privacy Gidsland

Het wordt continu vergeten: de overheid heeft als wettelijke taak de privacy van haar burgers te beschermen en te bevorderen! Privacy First streeft naar de status van Nederland als wereldwijd Privacy Gidsland. Met de inzet van vooruitstrevende technologie, gebaseerd op de principes van onze democratische rechtsstaat, onafhankelijk van de politieke waan van de dag en ons incidentgedreven politieke bestel. Het gaat hier immers om een fundamentele kentering in de relatie met de burger, waar wij geen voorstander van zijn. Wij dagen de politiek, het bedrijfsleven en de wetenschap dan ook uit om van Nederland HET Privacy Gidsland te maken, met behoud van veiligheid, en niet andersom!

 

Gepubliceerd in Columns

Sinds 2010 voerde Privacy First een megazaak tegen één van de zwaarste privacyschendingen in de Nederlandse geschiedenis: de centrale opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet. In deze zaak werd Privacy First echter achtereenvolgens niet-ontvankelijk verklaard, ontvankelijk verklaard én in het gelijk gesteld, maar tenslotte alsnog niet-ontvankelijk verklaard. Hoe kon dit gebeuren? En wat betekent dit voor de rechtsbescherming in Nederland?

Civiele rechter

Sinds mei 2010 voerde Stichting Privacy First samen met 19 mede-eisers (burgers) een grootschalige rechtszaak tegen de centrale opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet (Paspoortproces). Dit was een civielrechtelijke zaak. Individuele burgers konden voor deze kwestie immers niet bij de bestuursrechter terecht. Burgers konden namelijk slechts bij de bestuursrechter terecht als zij daartoe eerst een individueel besluit zouden uitlokken: een bestuurlijke weigering om een paspoort (of ID-kaart) te verstrekken na een individuele weigering om vingerafdrukken te laten afnemen. Men kon dus slechts bestuursrechtelijk procederen als men bereid was om jarenlang zonder paspoort (of ID-kaart) door het leven te gaan. De bepaling in de Paspoortwet over centrale opslag van vingerafdrukken (art. 4b) was (en is) bovendien nog niet in werking getreden. De bestuursrechter was daarom onbevoegd om deze bepaling te toetsen. Rechtstreeks beroep tegen wetgeving is in het Nederlandse bestuursrecht (in tegenstelling tot andere landen) bovendien onmogelijk. De bestuursrechter kon art. 4b Paspoortwet dan ook slechts individueel en indirect ("exceptief") aan hogere privacywetgeving toetsen nadat dit artikel in werking getreden zou zijn, dus pas nadat centrale opslag (en uitwisseling) van ieders vingerafdrukken een fait accompli zou zijn. Om massale privacyschending te voorkomen resteerde voor Privacy First c.s. dus slechts de civiele rechter als enige bevoegde rechter. Sinds jaar en dag is de civiele rechter immers bij uitstek de rechter waar nationale wetgeving rechtstreeks aan hogere (privacy)wetgeving kan worden getoetst, zelfs als die nationale wetgeving nog niet in werking getreden is maar wel een dreigende privacyschending inhoudt.

Sterke zaak

Privacy First kon (als relevante stichting) deze zaak civielrechtelijk voeren in het algemeen belang, namens iedere Nederlander. Sinds begin jaren 90 kan dit middels een speciale procedure in het Burgerlijk Wetboek: de zogeheten 'algemeen-belangactie' onder art. 3:305a BW. Ook de Hoge Raad leek hiertoe alle seinen op groen te hebben gezet, althans tot de dagvaarding van de Staat door Privacy First c.s. in mei 2010. In juli 2010 doorbrak de Hoge Raad echter zijn eerdere jurisprudentie door te verklaren dat belangenorganisaties nog slechts bij de civiele rechter terecht zouden kunnen als voor individuele burgers geen bestuursrechtelijke rechtsgang openstond. Voor de kwestie in ons Paspoortproces konden burgers nu echter juist niet bij de bestuursrechter terecht. Dus hadden Privacy First c.s. nog steeds een sterke zaak. Bovendien leken de nieuwe ontvankelijkheidscriteria van de Hoge Raad niet van toepassing op algemeen-belangacties, maar slechts op zogeheten 'groepsacties' (namens een bepaalde groep mensen i.p.v. de hele bevolking).

Onbegrijpelijk oordeel Hoge Raad

In februari 2011 verklaarde de rechtbank Den Haag ons Paspoortproces onterecht niet-ontvankelijk. Vervolgens stelden Privacy First c.s. hoger beroep in. Mede onder druk van dit hoger beroep werd de centrale (en decentrale, gemeentelijke) opslag van vingerafdrukken in de zomer van 2011 (grotendeels) stopgezet en werd de afname van vingerafdrukken voor ID-kaarten in januari 2014 afgeschaft. Een maand later (18 februari 2014) verklaarde het Hof Den Haag Privacy First vervolgens alsnog - in het algemeen belang - ontvankelijk en oordeelde dat centrale opslag van vingerafdrukken in strijd was met het recht op privacy. Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken reageerde not amused en eiste cassatie bij de Hoge Raad. Tegen alle verwachtingen in (Privacy First had immers vrijwel alle wetgeving, wetsgeschiedenis, jurisprudentie én rechtsliteratuur aan haar zijde) verklaarde de Hoge Raad vervolgens op 22 mei jl. zowel Privacy First als de 19 mede-eisers (burgers) niet-ontvankelijk. Volgens de Hoge Raad kunnen deze individuele burgers immers bij de bestuursrechter terecht en is ook voor Privacy First daardoor de weg naar de civiele rechter afgesloten. Dit terwijl de laatste jaren nu juist was gebleken dat onze mede-eisers niet bij de bestuursrechter terecht konden, althans niet ter toetsing van art. 4b Paspoortwet (centrale opslag van vingerafdrukken). In talloze bestuursrechtelijke zaken verklaarden de bestuursrechters van diverse rechtbanken zich daartoe de laatste jaren onbevoegd. Voor Privacy First als belanghebbende organisatie stond de weg naar de bestuursrechter daardoor evenmin open. Dat de Hoge Raad nu oordeelt alsof dit niet zo is, is simpelweg onbegrijpelijk. Van procederende burgers kan bovendien niet gevergd worden dat zij jarenlang zonder paspoort door het leven gaan. Evenmin kan van burgers gevergd worden dat zij eerst hun privacy laten schenden (vingerafdrukken afstaan en zelfs laten opslaan) voordat zij dit kunnen laten toetsen. Dat de Hoge Raad dit wel lijkt te vereisen is niet alleen onbegrijpelijk (en in strijd met eerdere jurisprudentie van de Hoge Raad zelf), maar ook ronduit verwerpelijk.

Gat in de rechtsbescherming

Het oordeel van de Hoge Raad creëert een juridisch vacuüm: ter toetsing van massale, dreigende privacyschending (zoals centrale opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet) kunnen burgers en organisaties hierdoor wellicht noch bij de civiele rechter, noch bij de bestuursrechter terecht. Dit slaat een groot gat in de Nederlandse rechtsbescherming zoals die de laatste decennia gold. De Hoge Raad schuift de zaak weliswaar door naar de hoogste bestuursrechter (Raad van State), maar het is hoogst onzeker of de Raad van State centrale opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet alsnog zal kunnen en willen toetsen. De Hoge Raad had het oordeel van de Raad van State in een viertal actuele, parallelle bestuursrechtelijke zaken rond de Paspoortwet dan ook eerst dienen af te wachten alvorens uitspraak te doen in het Paspoortproces van Privacy First. Door dit niet te doen is de Hoge Raad geheel voorbarig op de stoel van de Raad van State gaan zitten, zet het de Raad van State onder zware druk en neemt de Hoge Raad een enorm risico. Mocht de Raad van State binnenkort immers anders oordelen dan de Hoge Raad (namelijk dat de Raad van State terzake onbevoegd is), dan slaat de Hoge Raad hiermee een gigantische flater én creëren de Hoge Raad en Raad van State gezamenlijk een enorm gat in de Nederlandse rechtsbescherming in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).

Indiening procesdossier Privacy First bij Raad van State

Privacy First is de laatste jaren reeds inhoudelijk betrokken geweest bij de bestuursrechtelijke zaken tegen de Paspoortwet die nu bij de Raad van State dienen. Naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad zal Privacy First bovendien het gehele Paspoortproces-dossier integraal (door de advocaat in één van deze zaken) laten indienen bij de Raad van State. Dit ter versterking van de argumenten van de betreffende burger tegen centrale opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet. Blijkens de uitspraak van de Hoge Raad is het nu immers aan de Raad van State om hierover alsnog een oordeel te vellen. 
 
Meervoudige schending EVRM

Privacy First c.s. wachten het oordeel van de Raad van State met spanning af. Tegelijkertijd overweegt Privacy First alvast zelf een klacht in te dienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg wegens schending van art. 8 EVRM (recht op privacy) én art. 6 en 13 EVRM (recht op toegang tot de rechter en een effectief rechtsmiddel). Ondanks de kafkaëske anticlimax bij de Hoge Raad (en afhankelijk van het uiteindelijke oordeel van de Raad van State) ligt daarmee wellicht een Europese veroordeling van Nederland in het verschiet.

Oproep

Ons Paspoortproces heeft Privacy First de laatste jaren enorm veel geld gekost: minstens EUR 100.000 (!) aan advocaatkosten, geheel betaald uit donaties aan Privacy First. Dit drukt al jarenlang verschrikkelijk zwaar op de beperkte middelen die een kleine stichting als Privacy First tot haar beschikking heeft. Hier bovenop heeft de Hoge Raad Privacy First ook nog eens veroordeeld tot betaling van EUR 5.088 aan proceskosten. Hierbij doet Privacy First dan ook nogmaals een dringend beroep op uw financiële steun. Stort uw financiële bijdrage op IBAN: NL95ABNA0495527521 t.n.v. Stichting Privacy First te Amsterdam o.v.v. "Paspoortproces" of maak uw donatie rechtstreeks over via onze donatiemodule. Bij voorbaat dank voor uw hulp!

Lees HIER de hele uitspraak. Ons hele procesdossier staat HIER online.

Update 15 oktober 2015: eind mei dit jaar heeft de advocaat van Louise van Luijk het volledige civiele procesdossier van Privacy First c.s. ingediend bij de bestuursrechters van de Raad van State. Dit ter versterking van de argumenten van Louise tegen de afname en opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet. Louise is één van de Nederlandse burgers die hier al jarenlang bestuursrechtelijk tegen procederen en gedurende die periode (om processuele redenen) zonder paspoort door het leven moeten gaan. Klik HIER voor een eerdere reportage over Louise in het tv-programma VARA Ombudsman uit maart 2011 (vanaf 21m11s). Deze week heeft Privacy First (op advies van Stibbe Advocaten) bovendien een zelfstandig verzoek tot voeging in de zaak van Louise bij de Raad van State ingediend; klik HIER voor het hele document (pdf). Privacy First hoopt dat de Raad van State dit verzoek spoedig zal inwilligen; dit mede in het belang van de ontvankelijkheid van belangenorganisaties in dit type rechtszaken. De rechtszitting in de zaak van Louise zal op donderdag 3 december as. bij de Raad van State plaatsvinden.

Update 4 november 2015: de Raad van State heeft het verzoek tot voeging van Privacy First vrijwel direct en nauwelijks beargumenteerd afgewezen; klik HIER (pdf). Hierop heeft Privacy First een klacht en verzoek tot heroverweging ingediend bij de voorzitter van de afdeling bestuursrechtspraak; klik HIER (pdf). Vervolgens heeft de Raad van State dit opnieuw afgewezen met als argument dat "niet valt in te zien om welke reden Privacy First zich niet eerder al, naast het voeren van de civielrechtelijke procedure, tot de bestuursrechter had kunnen wenden teneinde deel te nemen aan de bestuursrechtelijke procedure"; klik HIER (pdf). Privacy First interpreteert dit aldus dat Privacy First in een eerder stadium bestuursrechtelijk ontvankelijk zou zijn geweest en zal daar in toekomstige rechtszaken haar voordeel mee doen. Ook had Privacy First volgens de Raad van State blijkbaar tegelijkertijd civielrechtelijk én bestuursrechtelijk kunnen procederen. Voorzover Privacy First bekend is vormt dit een breuk met de heersende rechtsleer dat niet tegelijkertijd door dezelfde partij over dezelfde kwestie bij twee verschillende rechters kan worden geprocedeerd. (Om deze reden hadden Privacy First c.s. er sinds 2010 voor gekozen om louter civielrechtelijk te procederen.) Ook met deze kennis c.q. trendbreuk zal Privacy First in nieuwe rechtszaken haar voordeel doen. Het bevreemdt Privacy First echter dat de Raad van State het in deze zaak reeds te laat acht voor onze voeging. Art. 8:26 Awb bepaalt immers letterlijk dat "de bestuursrechter tot de sluiting van het onderzoek ter zitting ambtshalve, op verzoek van een partij of op hun eigen verzoek, belanghebbenden in de gelegenheid kan stellen als partij aan het geding deel te nemen", oftewel zelfs tot de sluiting van de zitting op 3 december as. Blijkbaar had de Raad van State er simpelweg geen zin in. Privacy First ziet desondanks het oordeel van de Raad van State over de eerdere (de)centrale opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet met vertrouwen tegemoet. Bij gebreke van een kritisch oordeel terzake staat voor de bestuursrechtelijk procederende burgers (onder wie Louise van Luijk) bovendien een uiterst kansrijke weg open naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg, zowel i.v.m. het recht op toegang tot de rechter en een effectief rechtsmiddel (art. 6 en 13 EVRM) als het recht op privacy (art. 8 EVRM).

Gepubliceerd in Rechtszaken

Vandaag heeft de Hoge Raad een uiterst teleurstellende uitspraak in ons Paspoortproces gedaan door de hele zaak rücksichtslos niet-ontvankelijk te verklaren; zie http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2015:1296. Bij Privacy First overheerst momenteel verslagenheid; nader commentaar volgt medio volgende week. Privacy First c.s. zullen zich nu gaan bezinnen op mogelijke stappen richting het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, zowel wegens privacyschending (art. 8 EVRM) als wegens gebrek aan toegang tot de rechter en een effectief rechtsmiddel (art. 6 en 13 EVRM). De Hoge Raad schuift de hete brij immers door naar de bestuursrechter, terwijl de bestuursrechter de laatste jaren juist onbevoegd bleek om te oordelen over centrale opslag van vingerafdrukken onder de Paspoortwet en individuele burgers alleen bij de bestuursrechter terecht kunnen als zij bereid zijn om jarenlang zonder paspoort door het leven te gaan.

Kafka in het kwadraat dus.

Wordt vervolgd.

Update 28 mei 2015: Lees HIER ons nader commentaar.

Gepubliceerd in Biometrie
Pagina 11 van 33

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon